Vragen van de leden Sneller en Dekker-Abdulaziz (beiden D66) aan de Ministers van Justitie en Veiligheid, van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en voor Rechtsbescherming over het online gebiedsverbod (ingezonden 15 december 2022).

Mededeling van Minister Yeşilgöz-Zegerius (Justitie en Veiligheid), mede namens de Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en voor Rechtsbescherming (ontvangen 5 januari 2023).

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht «Almelo komt met online gebiedsverbod» van 1 december 2022?1

Vraag 2

Hoe oordeelt u over het feit dat de Algemene plaatselijke verordening (APV) van Almelo is aangevuld met een verbod om via digitale middelen uitingen te doen die kunnen leiden tot een fysieke verstoring van de openbare orde binnen het grondgebied van de gemeente Almelo, dan wel voor het ontstaan van een ernstige vrees daarvoor?

Vraag 3

Bent u bekend met experimenten met online gebiedsverboden in Gemeentes Amsterdam en Den Haag?

Vraag 4

Verwacht u dat meer gemeentes een online gebiedsverbod zullen toevoegen aan de APV, naar voorbeeld van gemeente Almelo?

Vraag 5

Hoe wordt precies toezicht gehouden op het online gebiedsverbod en hoe wordt deze gehandhaafd? Op basis van welke wettelijke bevoegdheden vindt dit toezicht en deze handhaving plaats? Acht u deze bevoegdheden geschikt? Hoe verhouden deze bevoegdheden zich tot de privacy van persoon die het verbod opgelegd heeft gekregen?

Vraag 6

Hoe verhoudt de nieuwe bevoegdheid voor de burgemeester van Almelo om een last onder dwangsom op te leggen naar aanleiding van een verbod om bepaalde online uitingen te doen, zich tot de territoriale ondergrens die kleeft aan de openbare orde bevoegdheden van de burgemeester (Arrest Wilnisser Visser)?

Vraag 7

Hoe verhoudt het online gebiedsverbod, zoals toegevoegd aan de APV van Almelo, zich tot het censuurverbod van artikel 7 van de Grondwet? Zorgt deze maatregel ervoor dat al vooraf wordt beperkt in de vrijheid van meningsuiting, hetgeen in strijd is met dit artikel?

Vraag 8

Onderschrijft u dat het via strafrechtelijke weg opleggen van een gebiedsverbod of een contactverbod omkleed is met rechtsbeschermingswaarborgen en dat die route derhalve meer opportuun is om online opruiende uitingen tegen te gaan dan middels de bestuursrechtelijke bevoegdheden van de burgemeester?

Vraag 9

Waarom is reeds nog geen handreiking voor gemeenten verschenen met een juridisch kader rond online-monitoring, zoals door u toegezegd in uw antwoorden op de schriftelijke vragen over het online gebiedsverbod opgelegd door de burgemeester in Utrecht, van 28 januari 2022?2

Vraag 10

Acht u het wenselijk dat gemeenten bevoegdheden in Algemene Plaatselijke Verordeningen opnemen om online de openbare orde te handhaven, specifiek met het oog op mogelijke spanning met artikel 7 van de Grondwet?

Mededeling

Hierbij deel ik u, mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Minister voor Rechtsbescherming, mede dat de schriftelijke vragen van de leden Sneller en Dekker-Abdulaziz (beiden D66), van uw Kamer aan de Minister van Justitie en Veiligheid over het online gebiedsverbod (ingezonden 15 december 2022) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen.

Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.


X Noot
2

Aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2021–2022, nr. 1489.

Naar boven