Vragen van het lid Boswijk (CDA) aan de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over het bericht «Brief van provincie naar Minister: hoe moet het verder met de ontwikkeling van het Wierdense Veld» (ingezonden 4 mei 2021).

Mededeling van Minister Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) (ontvangen 17 mei 2021).

Vraag 1

Bent u bekend met het artikel «Brief van provincie naar Minister»1?

Vraag 2

Kent u deze brief van de provincie? Zo ja, wat is uw reactie en bent u bereid een afschrift van uw reactie met de Kamer te delen?

Vraag 3

Deelt u de mening dat herstel van het hoogveen in het Wierdense Veld op gespannen voet staat met de drinkwaterwinning en de agrarische activiteiten in dit gebied?

Vraag 4

Wat is uit het onderzoek van de provincie gekomen waardoor nu wel geconcludeerd kan worden dat het herstel van het hoogveen mogelijk is naast de andere gebruiksdoelen van het Wierdense Veld?

Vraag 5

Klopt het dat de kosten voor herstel van het hoogveen worden geraamd op € 19,5 miljoen en dat daarbovenop € 20 miljoen komt voor natuurgerichte werkzaamheden?

Vraag 6

Voor wie zijn de kosten van € 39,5 miljoen voor het proces? Kunt u uiteenzetten waar die € 39,5 miljoen aan besteed gaat worden?

Vraag 7

Staan de geraamde kosten in verhouding tot de te behalen natuurdoelen? In hoeverre zijn de benodigde investeringen doelmatig?

Vraag 8

Wat is het maatschappelijk draagvlak om in totaal € 39,5 miljoen te besteden aan een natuurgebied van 420 hectare?

Vraag 9

Welke aanpassingen in het landgebruik of bedrijfsverplaatsingen zijn mogelijk voor agrariërs die door de maatregelen om het hoogveen te behouden in de problemen komen?

Vraag 10

Hoeveel agrariërs zouden naar verwachting in de problemen kunnen komen door de maatregelen om het hoogveen te behouden?

Vraag 11

Waar kunnen deze bedrijven naartoe verplaatst worden?

Vraag 12

Hoe zijn de agrariërs betrokken geweest bij het opstellen van het pakket met maatregelen en hoe is het draagvlak voor het pakket onder hen?

Vraag 13

Klopt het dat de drinkwaterwinning met name in naar verwachting steeds frequenter voorkomende droge en warme zomers op gespannen voet staat met het doel om verdroging van het Wierdense Veld tegen te gaan?

Vraag 14

Hoe realistisch is de inschatting van de provincie dat de drinkwaterproductie op niveau gehouden kan worden, zoals in de vergunning is bepaald, gezien de droge warme zomers die we afgelopen twee jaar hadden? Waar is die inschatting op gebaseerd? Wat houdt deze vergunning in, in relatie tot die droge warme zomers?

Vraag 15

Welke mogelijkheden zouden er kunnen zijn om de drinkwaterwinning te verplaatsen en wat en hoe lang zou hiervoor nodig zijn? Welke kosten zullen gemoeid zijn met een eventuele verplaatsing van de drinkwatervoorziening?

Vraag 16

Kunt u de integrale inhoud van het gesprek met Eurocommissaris Sinkevicius dat hiermee verband houdt publiceren?

Vraag 17

Bent u bereid tot onafhankelijke contra-expertise naar de haalbaarheid van de instandhoudingsdoelstellingen bij continuering van de maximale drinkwaterwinning ter plekke als dwingende reden van groot openbaar belang?

Vraag 18

Klopt het dat reeds vóór de aanwijzing van het Wierdense Veld tot Natura 2000-gebied Nederland voldeed aan de bescherming van de desbetreffende habitattypen van Communautair belang in andere N2000-gebieden zoals het Bargerveen? Zo ja, moet dan niet geconcludeerd worden dat gezien de grote onzekerheid over de haalbaarheid van de instandhoudingsdoelstellingen in het Wierdense Veld, de aanwijzing daarvan op grond van deze habitattypen een wetenschappelijke fout was die onvoldoende rekening hield met de drinkwaterwinning als dwingende reden van groot openbaar belang in zin van de Habitatrichtlijn?

Vraag 19

Klopt het dat bij deze maatregelen nog geen rekening gehouden is met de mogelijke stikstofaanpak? Zo ja, begrijpt u dat dit voor onzekerheid zorgt bij de agrariërs in de omgeving en is het niet verstandiger om het geheel direct te realiseren?

Vraag 20

Indien deze natuurontwikkeling noodzakelijk en onvermijdelijk is, deelt u dan de mening dat het betrekken van agrariërs bij de ontwikkeling en het beheer van dit gebied kan bijdragen aan het verdienvermogen en het perspectief van deze agrariërs? Zo ja, bent u bereid om hiervoor een voorstel uit te werken? Zo nee, waarom niet?

Mededeling

De schriftelijke vragen van lid Boswijk (CDA) over het bericht «Brief van provincie naar Minister: hoe moet het verder met de ontwikkeling van het Wierdense Veld» (ingezonden 4 mei 2021, kenmerk 2021Z07387) kunnen niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord, omdat de beantwoording van de brief van de provincie Overijssel meer tijd vergt. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.

Naar boven