Vragen van de leden Kuiken en Kerstens (beiden PvdA) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het bericht dat 28 Gelderse gemeenten kampen met grote tekorten op de jeugdzorg (ingezonden 28 februari 2019).

Antwoord van Minister De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 15 april 2019). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2018–2019, nr. 1999.

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het artikel «Zeker 69 miljoen euro tekort op jeugdzorg: 28 gemeenten kampen met problemen»?1

Antwoord 1

Ja

Vraag 2

Deelt u de bezorgdheid over het feit dat zoveel gemeenten grote tekorten hebben in het sociaal domein en specifiek op de jeugdzorg, zeker gezien het feit dat een deel van de gemeenten dit niet uit reserves kan aanvullen?

Antwoord 2

Ja, ik deel de bezorgdheid dat zoveel gemeenten signalen afgeven over tekorten. Daarom heb ik in het najaar van 2018 ook het onderzoek Jeugd aangekondigd om van deze signalen feiten te maken.

Vraag 3

Kunt u verzekeren dat de zorg voor kinderen die het nodig hebben niet in het gedrang komt door deze tekorten? Zo ja, hoe houdt u dit in de gaten?

Antwoord 3

Gemeenten hebben de jeugdhulpplicht. Dit houdt in dat zij kinderen die dit nodig hebben tijdig passende hulp moeten bieden. Financiële krapte ontslaat de gemeente niet van haar jeugdhulpplicht.

Het is in eerste instantie aan de gemeenteraad om het college van B&W te controleren of zij haar jeugdhulpplicht naar behoren uitvoert.

Vraag 4 en 5

Bent u van mening dat gemeenten voldoende worden gecompenseerd voor de toenemende zorgvraag als gevolg van preventieve jeugdhulpverlening? Zo ja, waarom hebben deze zes Gelderse gemeenten zulke ernstige tekorten?

Bent u bereid maatregelen te nemen naar aanleiding van dit eerste onderzoek waaruit blijkt dat de jeugdzorgkosten in de gemeente Gelderland in een jaar tijd met 8% zijn toegenomen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke maatregelen overweegt u?

Antwoord 4 en 5

Ik heb uw Kamer in het najaar van 2018 toegezegd onderzoek te doen naar de signalen van gemeenten over de tekorten op hun jeugdhulpbudget. Het doel van dit onderzoek is om van signalen feiten te maken. Dit onderzoek Jeugd bestaat uit drie onderdelen, waaronder een analyse naar de volumeontwikkeling van het jeugdhulpgebruik. Hierin wordt naar de landelijke volumeontwikkeling gekeken, en eveneens gezocht naar patronen. Zo wordt er bijvoorbeeld onderzocht of er patronen zichtbaar zijn bij gemeenten met gelijke kenmerken. Maar ook op het niveau van de verschillende vormen van jeugdhulp wordt gezocht naar patronen.

Uw veronderstelling dat de groei die Gelderse gemeenten ervaren het gevolg is van meer inzet van vroegtijdige, lichte, vormen van jeugdhulp zou ook in de volumeanalyse naar voren moeten komen. Vervolgvraag is dan of vast te stellen is of er sprake is van een boeggolf waardoor slechts tijdelijk meer jeugdhulp wordt geboden, of dat er sprake is van autonome groei met een meer structureel karakter? Dit soort vragen worden in de benchmarkanalyse (derde onderdeel van het onderzoek Jeugd) geanalyseerd.

Naar boven