Vragen van het lid Marijnissen (SP) aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn
en Sport over het bericht dat er te weinig verpleging is voor mensen die thuis willen
sterven (ingezonden 19 september 2017).
Antwoord van Staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen
27 september 2017).
Vraag 1
Hoe oordeelt u over de berichten dat mensen graag thuis willen overlijden, maar dit
niet kunnen omdat er geen thuiszorg meer is?1
Antwoord 1
Ik betreur dat uit dit bericht blijkt dat één op de vijf deelnemende instellingen
aangeeft dat zij het afgelopen jaar problemen hebben ondervonden bij het regelen van
palliatieve terminale zorg thuis voor hun patiënten.
Vraag 2
Wat vindt u ervan dat ziekenhuizen en hospices aangeven dat zij het afgelopen jaar
hebben meegemaakt dat patiënten moesten worden opgenomen of niet ontslagen konden
worden, omdat deze mensen thuis niet de zorg konden krijgen die zij nodig hadden?
Antwoord 2
Bij het ingaan van de palliatieve terminale fase moet iedereen – mits dit verantwoord
is – de keuze krijgen om thuis te sterven. Indien deze wens er is, vind ik dat hiervoor
passende zorg moet worden georganiseerd.
Als het zo is dat mensen – doordat de palliatieve terminale zorg niet kan worden geregeld
– langer in het ziekenhuis moeten blijven, vind ik dat onwenselijk. Zo vind ik het
belangrijk dat patiënten die om zorginhoudelijke redenen niet noodzakelijk in een
ziekenhuis behandeld moeten worden, elders worden opgevangen en behandeld.
Ook zijn landelijk voldoende middelen beschikbaar voor de wijkverpleging. Zo was er
afgelopen jaar sprake van een onderuitputting van het budgettair kader wijkverpleging.
Voor 2018 zal het budgettair kader verder toenemen. Dit geeft ruimte om ook het komende
jaar aan de toenemende vraag naar wijkverpleegkundige zorg tegemoet te komen. In het
bestuurlijk akkoord wijkverpleging hebben de partijen bovendien afgesproken specifiek
aandacht te hebben voor de kwetsbare groepen, waaronder ook de palliatieve terminale
zorg.
Vraag 6
Wat is uw reactie op de uitspraak van de heer De Blok, Directeur van Buurtzorg die
denkt dat duizenden mensen geen thuiszorg kunnen krijgen? Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 6
Zorgverzekeraars maken contractafspraken met zorgaanbieders. In het artikel geeft
De Blok budgetplafonds aan als reden dat mensen geen thuiszorg kunnen krijgen.
Wanneer het zo is dat budgetafspraken het leveren van palliatieve terminale zorg in
de weg staan, vind ik dit onacceptabel. Zorgverzekeraars en aanbieders zijn hiervoor
verantwoordelijk en maken hierover afspraken. Het is in de eerste plaats aan de aanbieder
om tijdig met de zorgverzekeraar in gesprek te gaan als blijkt dat zij hun budgetplafond
dreigen te bereiken. Het is vervolgens de verantwoordelijkheid van de zorgverzekeraar
om hier serieus naar te kijken en bij te contracteren als dit nodig is.
Ik ga er vanuit dat het bereiken van een budgetplafond in 2017 voor aanbieders geen
reden is om palliatieve terminale zorg te mijden én ik ga er vanuit dat zorgverzekeraars
ervoor zorgen dat bij palliatieve terminale cliënten het budget nooit een knelpunt
mag zijn.
Mocht er toch een knelpunt zijn, dan kan dit gemeld worden bij het Meldpunt van de
NZa. De NZa houdt toezicht op de zorgplicht van de zorgverzekeraars.
Naar aanleiding van de berichtgeving neemt de NZa contact op met RTL-nieuws, V&VN
en Buurtzorg om dit signaal verder te onderzoeken. Indien nodig zal de NZa vervolgens
actie ondernemen.
Vraag 3, 4, 5 en 7
Vindt u het acceptabel dat er zorgaanbieders zijn die nee moeten zeggen tegen verzoeken
voor palliatieve zorg, omdat er te weinig verpleegkundigen zijn?
Kunt u het zich voorstellen dat wijkverpleegkundigen het verschrikkelijk vinden dat
zij wel steunkousen mogen aantrekken, maar dat zij niet iemand mogen verzorgen die
graag thuis wil sterven?
Vindt u het wenselijk dat verpleegkundigen vaak dubbele diensten draaien omdat zij
geen mensen willen weigeren? Kunt u uw antwoord toelichten?
Heeft u, toen u uw beleid inzette om mensen langer thuis te laten wonen, voorzien
dat heel veel mensen geen thuiszorg meer kunnen krijgen? Hoe gaat u ervoor zorgen
dat de tekorten in de thuiszorg zo snel mogelijk worden opgelost? Kunt u uw antwoord
toelichten en aangeven welke concrete stappen u hierin gaat zetten?
Antwoord op 3, 4, 5 en 7
Het beleid heb ik ingezet als antwoord op de ontwikkeling dat er meer ouderen zijn
en dat mensen heel graag langer zelfstandig willen blijven. De wijkverpleging speelt
hierin een cruciale rol. Daarom investeer ik in de ontwikkeling van de extramuralisering,
inclusief de wijkverpleging.
Met de verschuiving naar zorg thuis is ook de vraag naar wijkverpleegkundigen toegenomen.
Het is bekend dat deze vraag ook groter is dan het aanbod.
Het is goed om te zien dat de instroom in de opleiding tot hbo verpleegkundige sterk
toeneemt. In 2014 was de instroom ruim 5.000 studenten. In 2016 was dit 6.500. Dit
jaar gaan hogescholen nog eens 2.000 studenten meer opleiden.
In juli van dit jaar hebben we met partijen rond de zorg voor ouderen afspraken gemaakt
in de Arbeidsmarktagenda 2023 aan het werk voor ouderen.VWS steunt deze agenda met € 347 miljoen voor op-, bij- en nascholing van nieuwe medewerkers,
beeldvorming en loopbaanadvies. Daarnaast werken partijen op landelijk en regionaal
niveau samen aan het behoud van mensen voor de sector en het gebruik van innovatie
en technologie. Tot slot hebben partijen met de Ontwikkelagenda Wijkverpleging afspraken
gemaakt gericht op kwaliteit van zorg, arbeidsmarkt en opleiden, substitutie en sterkere
samenwerking.