Vragen van het lid Van Kooten-Arissen (PvdD) aan de Minister van Landbouw, Natuur
en Voedselkwaliteit over het bericht dat wild op de Veluwe lijdt onder extreme droogte
(ingezonden 19 juli 2018).
Antwoord van Minister Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) (ontvangen 24 augustus
2018).
Vraag 1
Kent u het bericht «Veluwse jagers krijgen hulp, jonge biggen dood door droogte»?1
Vraag 2
Kent u het bericht «Wild op de Veluwe in problemen, het lijkt wel een zandbak»?2
Vraag 3
Deelt u de mening dat het bejagen van dieren die zich in problematische, levensbedreigende
omstandigheden bevinden onethisch, in jagerstermen «onweidelijk» is? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 3
Nee, het kan juist uit dierenwelzijnsoogpunt beter zijn om het geplande afschot in
het kader van populatiebeheer te laten plaatsvinden in gevallen waarin het overleven
van de betreffende dieren bemoeilijkt is door andere omstandigheden, zoals droogte
of voedseltekort.
Vraag 4
Is het waar dat sinds 1 juli jl., midden in de zoogtijd, pasgeboren biggen bejaagd
worden, ondanks de droogte, ondanks het feit dat de moederdieren nauwelijks melk kunnen
geven, ondanks het feit dat de melkgift lijdt onder droogte en stress?
Antwoord 4
In de door de provincie Gelderland verleende ontheffing aan de Faunabeheereenheid
Gelderland is bepaald dat het afschot van wilde zwijnen kan plaatsvinden vanaf 1 juli.
Bij het afschot van wilde zwijnen worden de zieke en uitgeputte exemplaren als eerste
gedood. Afschot van moederzwijnen en pasgeboren biggen vindt in de regel niet plaats,
tenzij sprake is van ernstig lijden of ziekte.
Vraag 5
Bent u bereid tot het instellen van een onmiddellijk algemeen jachtverbod, zoals ook
wordt toegepast in strenge winterse situaties en besluiten daarover niet aan provincies
over te laten? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze?
Antwoord 5
Ik kan niet overgaan tot het instellen van een algemeen jachtverbod. Volgens artikel
3.22, 4e lid, van de Wet natuurbescherming komt aan gedeputeerde staten de bevoegdheid toe
om de jacht voor de provincie of een deel daarvan te sluiten als bijzondere weersomstandigheden
dat vergen.
Vraag 6
Deelt u de mening dat het zonder noodzaak bejagen van dieren in noodsituaties afgekeurd
en vermeden dient te worden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze wilt u deze
opvatting vertalen in beleid terzake?
Antwoord 6
Zoals ik in mijn antwoord op vraag 3 heb aangegeven, kan in het geval van populatiebeheer
noodzakelijk afschot plaatsvinden in situaties van droogte en voedseltekort, waarbij
de dieren die verzwakt zijn het eerste in aanmerking komen voor afschot om verder
lijden te voorkomen. Zo is er bijvoorbeeld bij wilde zwijnen sprake van een noodzaak
tot populatiebeheer. Op de Veluwe is de omvang van de wilde zwijnenpopulatie thans
fors groter dan de doelstand, zoals vastgelegd in het Faunabeheerplan. Door middel
van afschot wordt de populatie tot het gewenste niveau teruggebracht.
Vraag 7
Deelt u de mening dat berichtgeving als «zou de droogte hulp bieden aan de jagers»
een onterecht beeld oproept als zou het doden van pasgeboren biggen een maatschappelijk
nuttige of zelfs noodzakelijke activiteit zijn en dat de nu optredende droogte daaraan
een bijdrage levert? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid om actief te werken
aan het veranderen van deze beeldvorming via actieve voorlichting?
Antwoord 7
Ik kan niet inschatten welke invloed het genoemde artikel heeft in de beeldvorming
over de jacht. Het artikel gaat alleen in op het effect van de droogte op de sterfte
van biggen. Zoals in antwoord op vraag 4 aangegeven, vindt er in de regel geen afschot
van pasgeboren biggen plaats. Deskundigen van Wageningen University and Research (WUR)
verwachten dat als gevolg van het huidige voedsel- en watertekort een verhoogde natuurlijke
sterfte onder de biggen zal optreden. Bij het bepalen van het afschot teneinde de
doelstand te bereiken, wordt rekening gehouden met deze natuurlijke sterfte.
Vraag 8
Bent u bereid tot het nemen van maatregelen om in het wild levende dieren die lijden
onder de extreme droogte extra drinkplaatsen te bieden? Zo nee, waarom niet? Zo ja,
op welke termijn en wijze?
Vraag 9
Bent u bereid deze vragen versneld te beantwoorden en de daaruit voortvloeiende noodmaatregelen
versneld uit te voeren gelet op de nu heersende noodsituatie voor dieren? Zo nee,
waarom niet?
Antwoord 9
Gezien de beantwoording van de voorgaande vragen was er geen aanleiding tot een versnelde
beantwoording van deze vragen.