Vragen van het lid Van Nispen (SP) aan de Minister voor Rechtsbescherming over de
tv-uitzending van Kassa waaruit bleek dat ex-gedetineerden moeilijk een schadeverzekering
af kunnen sluiten (ingezonden 29 maart 2018).
Antwoord van Minister Dekker (Rechtsbescherming) (ontvangen 14 mei 2018).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de tv-uitzending van Kassa d.d. 24 maart 2018, waarin aandacht
werd gevraagd voor de moeilijkheden die ex-gedetineerden ondervinden bij het afsluiten
van schadeverzekeringen?1
Vraag 2 en 4
Deelt u de mening dat straffen een taak van de rechter is en niet van commerciële
partijen, zoals verzekeraars? Deelt u eveneens de mening dat het na het uitzitten
van de straf belangrijk is dat mensen weer mee gaan doen en resocialiseren, bijvoorbeeld
door aan het werk te gaan, en dat deze doelstellingen niet dichterbij komen indien
verzekeraars bijvoorbeeld autoverzekeringen weigeren?
Staat u nog steeds achter de uitspraak, gedaan naar aanleiding van de Kamervragen
hierover, dat verzekeraars slechts een hogere premie mogen vragen als er een aantoonbaar
hoger risico is, namelijk slechts in die gevallen waarin een verband bestaat tussen
de verzekering en het misdrijf dat is begaan?2
Antwoord 2 en 4
Het is aan het Openbaar Ministerie en de strafrechter om te bepalen of iemand die
een strafbaar feit heeft gepleegd hiervoor een sanctie opgelegd moet krijgen. Dit
kan afhankelijk van de ernst van het strafbare feit een vrijheidsbenemede sanctie
zijn, maar bijvoorbeeld ook een geldboete of taakstraf. Iemand die zijn sanctie heeft
ondergaan moet met een schone lei kunnen beginnen. Daar hoort het kunnen afsluiten
van een verzekering ook bij. Dit is bijvoorbeeld van belang om met een auto te mogen
rijden.
Naast het belang van ex-gedetineerden om een verzekering te kunnen afsluiten bestaat
het belang van verzekeraars om aanvragen van potentiële verzekeringnemers op verzekerbaarheid
te kunnen beoordelen. Omdat risico’s worden verzekerd hoort daar een inschatting van
die risico’s bij. Heeft een aanvrager een strafrechtelijk verleden, dan is het aan
de verzekeraar om in het individuele geval een afweging te maken of dit invloed heeft
op het te verzekeren risico. In deze afweging kunnen ook andere risicofactoren worden
betrokken, zoals de leeftijd van de aanvrager of het niet betalen van verzekeringspremies
in het verleden. Verzekert een verzekeraar een groter risico, dan ligt het voor de
hand dat deze een hogere premie vraagt. Is het ingeschatte risico te groot, dan zal
de verzekeraar geen verzekering verstrekken. Behalve bij de ziektekostenverzekering
hebben verzekeraars geen acceptatieplicht.
Vraag 3 en 5
Vindt u dat verzekeraars ex-gedetineerden categorisch mogen weigeren, louter om de
reden dat zij een strafblad hebben? Zo nee, gaat u de verzekeraars die dit toch doen
hierop aanspreken?
Wat is uw reactie op het feit dat nu blijkt, uit de klachten die onder andere bij
Kassa en bij Bonjo (belangenorganisatie voor (ex)gedetineerden) zijn binnengekomen,
dat schadeverzekeringen juist ook geweigerd worden als het verband tussen strafbaar
feit en type verzekering ontbreekt?
Antwoord 3 en 5
Indien verzekeraars ex-gedetineerden categorisch zouden weigeren, louter omdat ze
een strafblad hebben, vind ik dat onwenselijk. In de uitzending van Kassa worden voorbeelden
gegeven van verzekeraars die ex-gedetineerden vanwege een gepleegd strafbaar feit
geen verzekeringen zouden aanbieden, terwijl het verband tussen het strafbare feit
en het te verzekeren risico niet duidelijk is. Reacties van diverse verzekeraars op
vragen van Kassa, die zijn gepubliceerd op de website van Kassa, geven mij geen reden
te veronderstellen dat ex-gedetineerden door het acceptatiebeleid van verzekeraars
categorisch worden geweigerd en daardoor geen verzekeringen zouden kunnen afsluiten.
Volledigheidshalve zij opgemerkt dat een vangnet bestaat voor mensen die geen reguliere
verzekering kunnen afsluiten. Zij kunnen een verzekering aanvragen bij de Vereende.
De premie is dan vaak hoger, omdat de Vereende in algemene zin grotere risico’s verzekert
en relatief meer bedrijfskosten heeft. Er wordt niet gevraagd naar een strafrechtelijk
verleden, en dit wordt ook niet meegenomen in de bepaling van de individuele premie
of aanvullende voorwaarden. De premie die de Vereende aanbiedt aan een ex-gedetineerde
is dus even hoog als de premie die de Vereende aanbiedt aan iemand zonder strafrechtelijk
verleden.
Vraag 6
Bent u bereid alle verzekeraars te wijzen op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid
en het belang van het kunnen afsluiten van verzekeringen door ex-gedetineerden voor
een zo goed mogelijke resocialisatie? Zo ja, op welke termijn wilt u dit doen en wilt
u de Kamer daarover informeren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Als een ex-gedetineerde geen verzekering krijgt aangeboden van een verzekeraar louter
omdat deze een strafblad heeft kan dit diens re-integratie in de weg staan en daarmee
de kans op recidive vergroten. In dit licht zal ik het Verbond van Verzekeraars het
belang van mensen met een strafblad om verzekeringen te kunnen afsluiten onder de
aandacht brengen.
X Noot
2Tweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, Aanhangsel van de Handelingen, nummer 2316.