Vragen van het lid Kuiken (PvdA) aan de Ministers van Justitie en Veiligheid en voor Rechtsbescherming over het investeren van afgepakt crimineel geld in wijken (ingezonden 13 april 2018).

Mededeling van Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid), mede namens de Minister voor Rechtsbescherming (ontvangen 7 mei 2018).

Vraag 1

Kent u het bericht «Aboutaleb: crimineel geld terug naar wijken»?1

Vraag 2

Deelt u de mening van de burgemeester van Rotterdam dat «een deel van de opbrengst die door ondermijnende activiteiten van criminelen zijn afgepakt, teruggeven zouden moeten worden aan de wijken waar het geld en de goederen in beslag worden genomen»? Zo ja, hoe gaat u dit bewerkstelligen? Zo nee, waarom deelt u die mening niet en hoe gaat u dan wel voor aanvullende financiering zorgen voor de aanpak van ondermijnende criminaliteit?

Vraag 3

Deelt u voorts de mening van de burgemeester van Rotterdam en het openbaar ministerie (OM) dat door middel van het teruggeven van afgepakt geld aan de wijken een signaal kan worden afgegeven dat criminaliteit niet loont? Zo nee, waarom niet?

Vraag 4

Welke rol heeft het OM bij het cadeau doen van in beslaggenomen goederen?

Vraag 5

Deelt u de mening van de burgemeester van Rotterdam dat er meer wettelijke mogelijkheden moeten komen teneinde informatie met andere partijen te kunnen delen die zij nu nog niet met elkaar mogen delen? Zo ja, wat gaat u doen teneinde hieraan tegemoet te komen en aan welk soort informatie denkt u? Zo nee, waarom niet?

Mededeling

Hierbij bericht ik u, mede namens Minister voor Rechtsbescherming dat de schriftelijke vragen van het lid Kuiken (PvdA) over het investeren van afgepakt crimineel geld in wijken (ingezonden 13 april 2018) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie ontvangen is.

Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.

Naar boven