Vragen van het lid Wassenberg (PvdD) aan de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
over het gebruik van uit het wild gevangen beschermde dieren in een dierexperiment
(ingezonden 12 januari 2018).
Antwoord van Minister Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) (ontvangen 1 februari
2018).
Vraag 1
Kent u het bericht «Rijksuniversiteit Groningen zet wilde vogels in voor dierproeven
en is daarmee mogelijk in overtreding»?1
Vraag 2
Klopt het dat bij deze experimenten honderden spreeuwen en kauwen uit het wild worden
gevangen om ze te gebruiken in experimenten, waarna de dieren worden gedood?
Antwoord 2
Voor dit onderzoek in Groningen zullen over een periode van 5 jaar in totaal 220 tot
250 spreeuwen en 40 tot 50 kauwen worden gebruikt in dierproeven. Na afloop van het
experiment worden de dieren gedood.
Vraag 3
Klopt het dat de kauw en de spreeuw inheemse en beschermde vogelsoorten zijn en dat
met name het aantal spreeuwen de afgelopen jaren dramatisch is afgenomen?
Antwoord 3
Alle inheemse vogels in Nederland zijn beschermd onder de Wet natuurbescherming. Dit
geldt ook voor de spreeuw en de kauw. Bij de kauw is de populatie gedurende de laatste
decennia stabiel en omvat volgens Stichting Vogelonderzoek Nederland (SOVON) 200.000
paren. Bij de spreeuw is er sprake van een forse achteruitgang in aantallen sinds
de laatste 25 jaar. Desondanks komt er nog steeds een grote populatie spreeuwen in
Nederland voor die tenminste 600.000 paren omvat.
Vraag 4
Deelt u de mening dat het gebruik van uit het wild gevangen beschermde en bedreigde
diersoorten voor experimenten ten principale zeer onwenselijk is en daarom dient te
worden afgewezen?2
Antwoord 4
Uit het wild gevangen, beschermde dieren mogen in principe niet in dierproeven gebruikt
worden. Hiervan kan worden afgeweken indien door middel van een wetenschappelijke
motivering wordt aangetoond dat het doel van de dierproef niet kan worden bereikt
met een dier dat voor gebruik in een dierproef is gefokt.
Vraag 5
Op basis van welke argumenten heeft de Dierexperimentencommissie besloten het vangen
van bedreigde en beschermde vogels toe te staan om ze vervolgens te gebruiken in een
dierproef en ze na afloop te doden?
Antwoord 5
Onder de Wet natuurbescherming (voorheen Flora- en faunawet) is het verboden om beschermde
inheemse dieren te vangen en/of te doden. De Rijksuniversiteit Groningen beschikt
over een ontheffing van dit verbod voor het vangen en doden van vogels voor wetenschappelijk
onderzoek. Deze ontheffing is in 2015 verleend.
De Centrale Commissie Dierproeven (CCD) is een zelfstandige, onafhankelijke commissie
die dierproefprojecten beoordeelt. Bij dit dierproefproject heeft de CCD geconcludeerd
dat de doeleinden het gebruik van de dieren rechtvaardigt.
Vraag 6 en 7
Welke andere ethische commissies keken naar de aanvraag van dit experiment?
Bent u bereid om de overwegingen en de conclusies van deze ethische commissies openbaar
te maken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6 en 7
De CCD kan als enige instantie in Nederland besluiten om vergunningen voor dierproeven
te verlenen. Daarbij wordt de CCD geadviseerd door erkende Dierexperimentencommissies
(DEC's). De DEC-RUG heeft op 10 november 2015 de CCD positief geadviseerd over dit
dierproefproject. De advisering van de DEC is beschikbaar op de website van de CCD.
Vraag 8
Deelt u de mening dat een ethische toets in principe openbaar zou moeten zijn aangezien
een ethische toets gaat over wat aanvaardbaar is binnen de samenleving en dat deze
overwegingen niet geheim gehouden zouden mogen worden?
Antwoord 8
Transparantie over dierproeven staat bij mij voorop. Zo wordt van ieder vergunde dierproefproject
een niet-technische samenvatting gepubliceerd op de website van de CCD. Daarmee kan
iedereen zich informeren voor welke doeleinden dierproeven in Nederland worden uitgevoerd,
hoeveel dieren hiervoor worden gebruikt en met welke mate van ongerief. Op basis van
deze informatie beoordeelt de CCD dierproefprojecten en maakt daarbij gebruik van
een ethisch afwegingskader. Het ethische afwegingskader, dat zowel door de DEC’s als
de CCD wordt gebruikt, is eveneens publiek beschikbaar op de website van de CCD.
Vraag 9
Bent u bereid om de Rijksuniversiteit Groningen te sommeren om deze dierproef met
beschermde en bedreigde dieren te staken en de gevangen vogels de vrij te laten? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 9
Nee, hiervoor zie ik geen aanleiding. De CCD heeft, na een zorgvuldige afweging, een
vergunning afgegeven voor dit dierproefproject van de Rijksuniversiteit Groningen.