Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-2017994

Vragen van de leden Van Klaveren en Bontes (Groep Bontes/Van Klaveren) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de aanstaande Midden-Oosten-conferentie in Parijs (ingezonden 9 januari 2017).

Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 20 januari 2017).

Vraag 1

Hebt u kennisgenomen van het bericht «Israeli diplomats campaigning to deflate Paris summit»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Is ook Nederland benaderd door Israël om geen deel te nemen aan de Midden-Oosten-conferentie in Parijs? En bent u bereid om gehoor te geven aan dit verzoek? Graag een toelichting.

Antwoord 2

Israël heeft Nederland in een gesprek tussen de National Security Council en de Nederlandse ambassadeur in Tel Aviv verzocht niet op ministerieel niveau deel te nemen aan de conferentie in Parijs.

Vraag 3, 4

In hoeverre begrijpt u dat Israël zich zorgen maakt over het hedendaagse anti-Israëlische sentiment en de mogelijkheid dat er tijdens de conferentie voorbereidingen worden getroffen voor een nieuwe VN-resolutie die gericht is tegen Israëlisch binnenlands beleid?

Wilt u, mocht Nederland wel aanwezig zijn tijdens de conferentie, zich uitspreken tegen of onthouden van steun aan verdere stappen die gericht zijn tegen Israëlisch binnenlands beleid?

Antwoord 3, 4

De Minister van Buitenlandse Zaken heeft deelgenomen aan de conferentie in Parijs op 15 januari a.s. en heeft daar gepleit voor het behoud van de levensvatbaarheid van de twee-statenoplossing, conform het kabinetsbeleid ten aanzien van het Midden-Oosten vredesproces. Tevens heeft het kabinet beide partijen opgeroepen hun commitment aan de twee-statenoplossing te herbevestigen. Ook in het slotcommuniqué van de conferentie staat de twee-statenoplossing centraal. Tijdens de conferentie zijn geen voorbereidingen getroffen voor een VN-resolutie.

Op basis van het internationaal recht hebben achtereenvolgende Nederlandse kabinetten het standpunt ingenomen dat de gebieden die Israël in juni 1967 onder zijn bestuur bracht niet tot zijn grondgebied behoren. Nederzettingen zijn strijdig met internationaal recht en lopen vooruit op eventuele wijzigingen van de grenzen van 1967. Het nederzettingenbeleid betreft daarom geen Israëlisch binnenlands beleid.

Vraag 5

Bent u bereid deze vragen vóór de conferentie van 15 januari te beantwoorden?

Antwoord 5

Dit is helaas niet gelukt.