Vragen van de leden Kuiken en Marcouch (beiden PvdA) aan de Staatssecretaris van Veiligheid
en Justitie over het bericht «Spoedoverleg over zakkenrollende asielzoekers» (ingezonden
17 november 2016).
Antwoord van Staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 12 januari
2017). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2016–2017, nr. 731.
Vraag 1
Bent u bekend met de oproep van de burgemeester van Groningen voor het versneld uitzetten
van asielzoekers die in aanraking zijn geweest met justitie?1
Vraag 2
Deelt u de mening dat zakkenrollende asielzoekers versneld uitgezet moeten kunnen
worden indien zij uit een veilig land van herkomst komen? Zo ja, hoe en op welke korte
termijn gaat u hiervoor zorgen? Zo nee, waarom bent u het niet eens?
Antwoord 2
Ik deel uw mening dat personen die op oneigenlijke gronden een beroep doen op de asielprocedure
en de daarbij behorende voorzieningen, zo snel mogelijk moeten worden afgewezen en
vervolgens Nederland moeten verlaten. Zeker wanneer er ook nog eens sprake is van
overlastgevend of crimineel gedrag. In mijn brieven van 17 november2 en 13 december jl. ben ik ingegaan op deze problematiek en de maatregelen die ik
in dit kader tref. Kortheidshalve verwijs ik u naar die brieven.
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat een deel van deze asielzoekers die veroordeeld worden voor zakkenrollen
of andere strafbare feiten, uit veilige landen van herkomst komt zoals Marokko en
Georgië? Zo ja, wat kunt u doen teneinde, eventueel in samenspraak met de landen van
herkomst, te voorkomen dat deze asielzoekers naar Nederland komen?
Antwoord 3
Van het lokaal gezag heb ik begrepen dat vreemdelingen die vervolgd zijn inderdaad
veelal afkomstig zijn uit veilige landen. Voor de maatregelen die ik tref om zowel
de instroom van deze groep als ook de overlast te beperken en het vertrek uit Nederland
te versnellen verwijs ik graag naar de ook in antwoord twee genoemde brieven van 17 november
en 13 december jl.
Vraag 4
Is het waar dat de genoemde zakkenrollende asielzoekers in georganiseerd verband werken?
Zo ja, waar vindt deze bendevorming plaats en wat kunt u daar tegen doen? Zo nee,
wat is er dan niet waar?
Antwoord 4
Het lokaal gezag geeft aan dat er inderdaad veelal is sprake van een aantal personen,
dat groepsgewijs optreedt, maar vooralsnog kon niet worden vastgesteld dat sprake
is van samenwerking in georganiseerd verband. Door het lokaal gezag wordt ook opgetreden.
Indien daar – op grond van strafbare feiten – aanleiding voor is worden deze vreemdelingen
aangehouden en in hechtenis genomen. Vervolgens kunnen zij worden voorgeleid en worden
veroordeeld tot een gevangenisstraf.
Vraag 5
Zijn er meer gemeenten waar de genoemde problematiek van georganiseerde criminele
asielzoekers zich voor doet? Zo ja, welke gemeenten betreft dit en wat is de aard
en de omvang van deze problematiek? Zo nee, acht u het nodig hier onderzoek naar te
laten verrichten?
Antwoord 5
Daar waar er nu (acute) openbare orde problemen spelen worden maatregelen genomen
door het lokale gezag. Zoals ik heb gemeld in mijn brief van 13 december, heb ik op
12 december in het Landelijk Overleg Veiligheid Politie gesproken met de regioburgemeesters
om te bezien of gemeenten signalen hebben dat deze problematiek zich elders in Nederland
voordoet. Tot nu toe is het beeld dat deze problematiek zich met name in Noord- en
Oost-Nederland voordoet, maar ook in gemeenten als Eindhoven en Weert. In samenwerking
met de partijen in de vreemdelingenketen, de strafrechtketen en vertegenwoordigers
van gemeenten heb ik een handreiking voor gemeenten opgesteld voor de aanpak van deze
problematiek. In deze handreiking worden onder meer de bestuursrechtelijke en vreemdelingrechtelijke
mogelijkheden uiteengezet voor de aanpak van overlastgevende vreemdelingen.
Vraag 6
Welke maatregelen kunt u, met betrekking tot wetgeving of detentie, nog meer treffen
als het gaat om asielzoekers, afkomstig uit veilige landen van herkomst, die één keer
veroordeeld zijn voor diefstal?
Antwoord 6
Voor vreemdelingen die uit veilige landen komen geldt dat zij over het algemeen niet
in aanmerking komen voor bescherming en daarmee een verblijfsvergunning. Vanzelfsprekend
zullen vreemdelingen die veroordeeld worden voor strafbare feiten hun opgelegde straf
moeten uitzitten. Verder doe ik zoals aangegeven in mijn brief er alles aan om de
instroom en de overlast van deze groep te beperken en het vertrek uit Nederland te
bespoedigen. Deze maatregelen zien ook op wetgeving en detentie.
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Azmani en
Rutte (beiden VVD), ingezonden 17 november 2016 (Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar
2016–2017, nr. 623).