Vragen van het lid Van Miltenburg (VVD) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en
Wetenschap over het bericht «Vrouwenquotum voor bedrijven is zwaktebod» (ingezonden
16 december 2016).
Antwoord van Minister Bussemaker (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 29 december
2016).
Vraag 1
Kent u het bericht «Vrouwenquotum voor bedrijven is zwaktebod»?1
Vraag 2
Klopt het dat u bij de presentatie van de bedrijvenmonitor topvrouwen 2016 het vrouwenquotum
een «paardenmiddel» hebt genoemd waarvan u hoopt het nooit te hoeven inzetten?
Vraag 3
Klopt het dat u op dezelfde bijeenkomst de suggestie heeft gedaan om bedrijven die
niet aan het streefcijfer van 30% voldoen en onvoldoende weten te verklaren waarom
ze dat niet hebben gehaald een boete op te leggen?
Antwoord 3
Ik heb gezegd dat ik vind dat men zich aan de wet moet houden. De Wet bestuur en toezicht
gaat uit van het principe «pas toe of leg uit». Als in dit geval de Wet bestuur en
toezicht vraagt van bedrijven dat ze – als ze het streefcijfer niet halen – uitleggen
waarom dat is en wat ze er aan gaan doen, dan verwacht ik dat bedrijven zich daaraan
houden en rapporteren als ze het streefcijfer niet gehaald hebben. Als bedrijven zich
niet houden aan wat de wet vraagt, zou dat mijns inziens een boete kunnen rechtvaardigen.
Uit het onderzoek blijkt dat in veel gevallen bedrijven die het streefcijfer niet
halen, daarover niet rapporteren.
Vraag 4
Deelt u de mening dat er bij het opleggen van een boete de facto sprake is van een
verplicht quotum? Zo ja, hoe verhouden deze twee uitspraken zich met elkaar? Zo nee,
wat zou de consequentie dan zijn voor een bedrijf dat het quotum niet haalt?
Antwoord 4
Het gaat niet om het opleggen van een verplicht quotum. Mijn aanpak samen met de werkgeversvoorzitter
gaat uit van zelfregulering door bedrijven. Dat sluit aan bij het principe «pas toe
of leg uit» in de wet. Op die wijze hebben bedrijven de ruimte tot zelfregulering
terwijl het streefcijfer helder is. Bedrijven wordt daarmee gevraagd om serieus werk
te maken van diversiteit. Als een evenwichtige verdeling in de top van het bedrijf
nog niet lukt, is een bedrijf verplicht om dat toe te lichten. Als die toelichting
ontbreekt houdt een bedrijf zich niet aan de wet.
Vraag 5
Kunt u uitleggen hoe dit voorstel zich verhoudt tot uw eigen opmerking dat u die verplichting
nooit hoopt in te zetten? Hoe verhoudt zich dit tot het actuele standpunt van het
kabinet? Heeft u eerder een boete gesuggereerd?
Antwoord 5
Mijn inzet samen met de werkgeversvoorzitter is erop gericht om een evenwichtige deelname
van mannen en vrouwen aan de top te realiseren zonder dat daarvoor verplichte quotumbepalingen
nodig zijn. Het onderzoek van de Commissie Monitoring wijst uit dat deze aanpak vruchten
afwerpt. Ik wil daarom doorgaan op de ingeslagen weg en deze aanpak voortzetten en
intensiveren. Mijn uitspraak over boetes heeft ermee te maken dat ik van mening ben
dat bedrijven zich aan de wet moeten houden. Binnen het kabinet is het uitgangspunt
dat iedereen zich aan de wet moeten houden. Als dat niet of onvoldoende gebeurt, kan
er nagedacht worden over de vraag of de sancties wel effectief genoeg zijn. Dit wordt
betrokken bij de evaluatie van de Wet bestuur en toezicht. Het belang van een betere
naleving is ook eerder uitgebreid aan de orde gekomen in mijn brief van 16 november
2015 en in ons debat op 10 februari 2016.
Vraag 6
Hoe verhoudt uw standpunt zich tot het concept-verkiezingsprogramma van de Partij
van de Arbeid, dat stelt dat het tijd is voor wettelijke quota?
Antwoord 6
Zoals ik in mijn brief van 15 december jl. aangegeven heb, stelt de huidige voortgang
nog niet gerust. De Commissie Monitoring heeft eerder de aanbeveling gedaan als doelstelling
voor de komende termijn van vier jaar te hanteren, dat er op 31 december 2019 een
aandeel van 20% vrouwen in de raad van bestuur en in de raad van commissarissen dient
te zijn gerealiseerd. Is dit aandeel niet gerealiseerd, dan heeft de commissie het
voorstel gedaan om in 2020 het streefcijfer van 30% te vervangen door een quotum van
30%, d.w.z. een target waarvoor sancties gelden indien het niet wordt gerealiseerd.
Is het aandeel van 20% wel gerealiseerd, dan geldt als nieuwe doelstelling een aandeel
van 30% op 31 december 2023, aldus de Commissie Monitoring. Ik heb in mijn brief van
16 november 2015 aangegeven dat ik in 2019 wederom de balans wil opmaken. Intussen
zal ik strikt monitoren om te bezien of we op de goede koers zitten voor 2019.
De commissie signaleert dat de impuls van de werkgeversvoorzitter en mij werkt, zij
het dat het tempo omhoog moet. De aanpak laat zien dat de noodzakelijke inhaalslag
voor raden van commissarissen bij de top 200 bedrijven nu gaande is. Zij zitten voor
2019 op de goede koers. Het is nu zaak om dit effect ook te bereiken voor de raden
van bestuur en voor de brede groep bedrijven die onder de Wet bestuur en toezicht
vallen.
Ik zie het pleidooi van de Commissie Monitoring voor intensivering van de aanpak als
een positieve stimulans om door te gaan met deze aanpak die ik samen met Hans de Boer
heb opgezet en om deze verder te intensiveren.
Voor mij blijft een quotum een paardenmiddel. Mijn hoop is dat met de aanpak van de
werkgeversvoorzitter en mij, een dergelijk paardenmiddel niet nodig zal blijken. Zoals
gezegd, zal ik in 2019 de balans opnieuw opmaken.
X Noot
1ANP d.d.15 december 2016