Vragen van het lid Ten Broeke (VVD) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het
besluit van de Britse regering om gelden ten behoeve van de Palestijnse Autoriteit
te bevriezen (ingezonden 12 oktober 2016).
Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) en de Minister voor Buitenlandse
Handel en Ontwikkelingssamenwerking (ontvangen 21 november 2016).
Vraag 1
Hebt u kennisgenomen van het artikel «Britain suspends millions of aid payments to
Palestine amid claims cash is handed to terrorists»?1
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat de Britse regering bij monde van de Secretary of State for International
Development heeft aangekondigd hulp aan de Palestijnse Autoriteiten te bevriezen zolang
onduidelijkheid blijft bestaan over het al dan niet doorsluizen van geld naar de PLO
ten behoeve van «salarissen» voor terroristen?
Antwoord 2
Het kabinet kan dit niet bevestigen. Het Verenigd Koninkrijk herijkt momenteel diens
ontwikkelingsprogramma in de Palestijnse Gebieden. Er is geen sprake van opschorten
van een reeds geplande betaling of het bevriezen van het totale ontwikkelingsprogramma.
De Britse Minister voor Internationale Ontwikkeling, Priti Patel, heeft benadrukt
dat het VK zich stevig zal blijven inzetten voor ondersteuning van de Palestijnse
Autoriteit en opbouw van de Palestijnse instituties. Doel van de herijking is om te
verzekeren dat het Verenigd Koninkrijk met zijn ontwikkelingsprogramma maximale impact
bereikt. Ook Nederland is bezig met een herijking van het ontwikkelingsprogramma voor
de Palestijnse Gebieden, binnen de huidige prioriteiten, zoals aangegeven in de kabinetsreactie
op de IOB evaluatie «How to break the vicious circle: evaluation of Dutch Development Cooperation in the
Palestinian Territories 2008–2014» (Kamerstuk 23 432, nr. 441).
Vraag 3 en 4
Deelt u de zorg van de Britse regering over de besteding van Europese hulpgelden en
in het bijzonder de zorg over het betalen van salarissen van terroristen?
Indien u deze zorg deelt, bent u bereid u in Europees verband hard te maken voor een
EU-brede uiting van bezorgdheid, al dan niet geuit middels een verklaring van Hoge
Vertegenwoordiger Mogherini, zodat het niet slechts blijft bij een uiting van verontwaardiging
van een enkele EU-lidstaat?
Antwoord 3 en 4
Het kabinet spant zich in, samen met gelijkgezinde landen, om de druk op de Palestijnse
Autoriteit en PLO op te voeren om het systeem van uitkeringen aan gevangenen te veranderen
en spreekt de Palestijnse Autoriteit en PLO hierop aan. De betalingen hangen nog steeds
af van de duur van de detentie en niet de sociaaleconomische omstandigheden van de
gedetineerde en zijn of haar familie. Door het verbinden van de lengte van de detentie
aan de hoogte van de uitkering van alleen de «politieke» gevangenen wordt de indruk
gewekt dat de gewelddadige acties richting Israël worden ondersteund of beloond. Het
kabinet pleit ervoor dat de Palestijnen daarom dit systeem veranderen. Mede dankzij
de Nederlandse inspanningen worden de zorgen door meer EU lidstaten gedeeld. Het kabinet
zal doorgaan op de ingeslagen weg om binnen de EU steun te vergaren om de Palestijnse
Autoriteit te overtuigen dat het systeem veranderd moet worden.
Vanzelfsprekend besteedt het kabinet daarom, net als de rest van de EU, veel aandacht
en zorg aan het voorkomen van betalingen aan Palestijnse gedetineerden met donorgeld.
Er zijn gedegen waarborgen op de betalingen aan de Palestijnse Autoriteit uit bilaterale
programma’s en/of uit programma’s van de EU.
Voor ondersteuning van de Palestijnse Autoriteit heeft de EU Pegase opgezet, een specifiek
fonds dat salarissen en uitkeringen betaalt aan Palestijnse ambtenaren.
Pegase draagt niet bij aan de financiële ondersteuning van Palestijnse (ex-) gevangenen
of hun familieleden. Aan Pegase ligt een financieringsovereenkomst ten grondslag waarin
bepalingen zijn opgenomen over het doel van de steun en de verificatiemechanismes
die gelden bij de uitbetaling ervan. De Europese Rekenkamer heeft geoordeeld dat deze
mechanismes «robuust» zijn en dat deze goed worden toegepast. De Nederlandse of Europese
bijdragen aan de Palestijnse Autoriteit kunnen niet worden gebruikt voor betalingen
aan de PLO of betalingen aan gevangenen.
Vraag 5
Ziet u ook een mogelijkheid om de zorg over de (indirecte) besteding van uit de EU
afkomstige gelden in te zetten als drukmiddel om de president van de Palestijnse Autoriteit
aan tafel te dwingen en de Europese hulp zo te conditioneren?
Antwoord 5
Zoals aangegeven in het antwoord op vragen 3 en 4, kunnen de Nederlandse of Europese
bijdragen aan de Palestijnse Autoriteit niet worden gebruikt voor betalingen aan de
PLO of betalingen aan gevangenen.
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Van Klaveren
en Bontes (beiden Groep Bontes/Van Klaveren), ingezonden 11 oktober 2016 (Aanhangsel
Handelingen, vergaderjaar 2016–2017, nr. 540)