Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-2017528

Vragen van het lid Helder (PVV) aan de Minister van Veiligheid en Justitie over het bericht «Beveiligingsteam Oranjes bende» (ingezonden 18 oktober 2016).

Antwoord van Minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 18 november 2016). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2016–2017, nr. 462.

Vraag 1

Kent u het bericht «Beveiligingsteam Oranjes bende»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Zijn de in dat artikel geuite mededelingen juist? Zo ja, wat gaat u hier per direct aan doen?

Antwoord 2

De in het artikel geuite mededelingen zijn beweringen die onderwerp zijn van twee verschillende soorten onderzoeken. In de eerste plaats is een extern onderzoek uitgevoerd naar cultuur, werkverhoudingen en leiderschap binnen de Dienst Bewaken en Beveiligen.

Het onderzoeksrapport geeft aanleiding tot verbetermaatregelen gericht op:

  • Onderlinge communicatie en omgangsvormen;

  • Rolduidelijkheid voor teamchefs, operationeel specialisten en operationeel experts;

  • Eenduidige toepassing van arbeidsrechtelijke regelingen;

  • HRM-beleid, o.a. functieroulatie, versterking leiding en sturing, specialistische opleidingen, ouderenbeleid.

De verbetermaatregelen zullen gezamenlijk met de medewerkers worden aangepakt om zo het vertrouwen in elkaar en de organisatie te herstellen.

Naar aanleiding van het rapport heeft het huidige hoofd van de Dienst Bewaken en Beveiligen in goed overleg met de politiechef besloten dat hij zijn functie beschikbaar stelt.

In de tweede plaats heeft de afdeling Veiligheid, Integriteit en Klachten naar aanleiding van de signalen binnen de Dienst Bewaken en Beveiligen een oriënterend onderzoek uitgevoerd naar mogelijk plichtsverzuim binnen de dienst. Van de politiechef van de Landelijke Eenheid heb ik begrepen dat dit onderzoek geen aanknopingspunten voor plichtsverzuim of integriteitsschendingen heeft opgeleverd.

Vraag 3

Hoe heeft het zo ver kunnen komen dat er inmiddels sprake is van een «volledig verziekte sfeer» en dat er zelfs wordt gesproken over corruptie?

Antwoord 3

De herkomst van deze kwalificaties is mij niet bekend. De hierboven genoemde onderzoeken zijn erop gericht om meer duidelijkheid te krijgen over wat er speelt binnen de dienst.

Vraag 4

Deelt u de mening dat de betreffende situatie al veel te lang heeft geduurd omdat er inmiddels een klokkenluider is en deze persoon al 17 maanden thuis zit vanwege een conflict met de leiding? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 4

De betreffende medewerker heeft zich in juni 2016 gemeld in het kader van de klokkenluidersregeling. Bij het onderzoek op grond van deze melding van vermeende misstanden binnen de dienst geldt dat zorgvuldigheid boven snelheid gaat. Overigens is de bewering dat deze persoon al 17 maanden thuis zit vanwege een conflict met de leiding onjuist. Sinds vijf maanden is de betreffende medewerker met buitengewoon verlof vanwege de ontstane situatie.

Vraag 5

Waarom worden er steeds onderzoeken gedaan in plaats van naar de mensen op de werkvloer te luisteren?

Antwoord 5

Naar aanleiding van signalen van medewerkers zijn de eenheidsleiding van de Landelijke Eenheid en de dienstleiding Bewaken en Beveiligen gestart met gesprekken met medewerkers, vakbond en ondernemingsraad om de signalen te concretiseren. Om deze signalen nader te duiden is in aanvulling daarop in de zomer een onafhankelijk onderzoek gestart naar cultuur, werkverhoudingen en leiderschap binnen de Dienst Bewaken en Beveiligen. Alle medewerkers die hebben aangegeven gehoord te willen worden, zijn daadwerkelijk gehoord.

Vraag 6

Waarom wordt een onderzoek naar de bedrijfscultuur afgewacht dat duidelijk niet onafhankelijk wordt uitgevoerd?

Antwoord 6

Een van de onderzoekers heeft een politieachtergrond en kent daardoor mensen binnen de politieorganisatie. De ondernemingsraad van de Landelijke Eenheid en de betrokken vakbond zijn daarvan in kennis gesteld. Het onderzoek wordt begeleid door een commissie waarin onder meer de ondernemingsraad en vakbond zitting hebben. Deze samenstelling moet de onafhankelijkheid en objectiviteit van het onderzoek waarborgen. Bij het inhuren van dit bureau zijn bovendien de aanbestedingsregels- en procedures correct gevolgd.