Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-2017253

Vragen van het lid Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het omstreden referendum dat onrust stookt in Servisch Bosnië (ingezonden 4 oktober 2016).

Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 24 oktober 2016).

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht «Omstreden referendum stookt onrust in Servisch Bosnië»?1

Antwoord 1

Ja

Vraag 2

Wat vindt u ervan dat het referendum ongrondwettelijk is verklaard door het constitutionele hof in Sarajevo, maar toch is gehouden?

Antwoord 2

Het constitutionele hof van Bosnië-Herzegovina heeft op 17 september jl. besloten dat het houden van het referendum opgeschort moest worden totdat een inhoudelijke beslissing over de grondwettelijkheid ervan zou zijn genomen. Het is spijtig dat het referendum in weerwil van deze uitspraak toch is gehouden.

Vraag 3

Deelt u de zorgen van vele Bosniërs over het begin van een nieuwe golf van geweld? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 3

De EU heeft allen in Bosnië-Herzegovina opgeroepen om zich te weerhouden van handelen dat de situatie verder doet escaleren. Tevens om de kwestie op te lossen via bestaande juridische procedures en constructieve dialoog. Ik steun die oproep.

Vraag 4

Deelt u de mening van westerse diplomaten dat het referendum de afspraken in de Dayton-akkoorden schendt?2 Zo nee, waarom niet?

Antwoord 4

De Hoge Vertegenwoordiger in Bosnië-Herzegovina heeft de uiteindelijke autoriteit over de interpretatie van de civiele aspecten van de «General Framework Agreement for Peace (GFAP)», niet afzonderlijke lidstaten. Het houden van het referendum ging wel in tegen de beslissing van het constitutioneel hof tot opschorting. De stuurgroep van de «Peace Implementation Council» heeft herhaaldelijk verklaard, laatstelijk op 20 september jl. dat het constitutioneel hof een integraal onderdeel is van Annex 4 van de «General Framework Agreement for Peace (GFAP)» en essentieel voor zijn implementatie. Nederland heeft deze verklaring als waarnemer in de stuurgroep mede opgesteld.

Vraag 5

Vindt u dat door dit referendum het vredesakkoord van Dayton onder druk komt te staan? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 5

Het referendum is een uitdaging voor de constitutionele orde en het constitutionele hof van Bosnië-Herzegovina. Beide zijn onderdeel van de Dayton akkoorden. Mijn inschatting op dit moment is dat hierdoor Dayton zelf niet onder druk komt te staan.

Vraag 6

Deelt u de constatering dat het vredesakkoord van Dayton zorgt voor stroperigheid in de politieke proces- en besluitvorming van Bosnië en Herzegovina en daarom toe is aan herziening? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 6

Het wapenstilstandsakkoord dat indertijd in Dayton is gesloten legde de basis voor een gedetailleerde vredesregeling met waarborgen voor alle partijen. Ondanks tekortkomingen biedt het Dayton Verdrag nog altijd de nodige zekerheden en houvast aan de samenleving.

Vraag 7

Wat is uw mening met betrekking tot de uitspraken van de Servische Minister van Buitenlandse Zaken, uw ambtgenoot, waarin hij aangeeft, «Als ze oorlog willen in Bosnië kunnen ze die krijgen»?3

Antwoord 7

Premier Vučić van Servië heeft zich terughoudend opgesteld en herhaaldelijk aangegeven dat de territoriale integriteit van Bosnië-Herzegovina, in lijn met het akkoord van Dayton, niet ter discussie staat. Ik steun zijn oproepen tot de-escalatie. Minister van Buitenlandse Zaken Ivica Dačić reageerde op uitspraken van een voormalige commandant in het Bosnische leger, Sefer Halilović. Deze stelde dat het referendum afscheiding van de Republika Srpska zou betekenen en een oorlogssituatie zou creëren, waarbij Servië de entiteit slechts 10–15 dagen zou kunnen verdedigen. Het in verband brengen van het referendum met een mogelijke oorlogsdreiging provoceerde Dačić en zijn reactie moet in dit licht geplaatst worden.

Vraag 8

Bent u bereid om opheldering te vragen over de uitspraken van uw ambtgenoot? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 8

Nee. De officiële lijn die de Servische regering hier kiest is er één van terughoudendheid. Ik respecteer en steun die keuze.

Vraag 9

Wat vindt u van de uitspraken van de president van de Republika Srpska dat het referendum de geschiedenis zal in gaan als de dag van de Servische zelfbeschikking?

Antwoord 9

De uitspraken van de president van de Republika Srpska komen voor zijn eigen rekening. Ik betreur alle uitspraken die bijdragen aan verdere polarisatie in Bosnië-Herzegovina.

Vraag 10

Vindt u dat de Europese Unie zich afzijdig houdt m.b.t. het ongrondwettelijke referendum? Zo nee, wat is tot nu toe gedaan en acht u dit voldoende?

Antwoord 10

Nee. De EU heeft op 26 september een verklaring uitgegeven waarin zij aangeeft te betreuren dat het referendum in weerwil van de uitspraak van het constitutionele hof gehouden is. Op grond van deze uitspraak heeft het referendum wat de EU betreft geen juridische basis. Het referendum kan evenmin het definitieve en bindende karakter van uitspraken van het hof veranderen. De EU roept alle instellingen in Bosnië-Herzegovina op de kwestie van het referendum over de nationale dag in Republika Srpska op te lossen via bestaande juridische procedures, het bestaande constitutionele raamwerk en via constructieve dialoog. De EU doet een beroep op allen in Bosnië-Herzegovina zich te onthouden van handelen dat de situatie verder kan doen escaleren. Voorts volgt de EU de situatie. Nederland sluit zich hierbij aan.

Vraag 11

Vindt u dat Servië, als kandidaat-lidstaat van de Europese Unie, zich moet uitspreken tegen een ongrondwettelijk referendum? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 11

Premier Vučić van Servië heeft zich – gelet op de gevoeligheid van dit onderwerp en om escalatie te voorkomen – terughoudend opgesteld en herhaaldelijk aangegeven dat de territoriale integriteit van Bosnië-Herzegovina, in lijn met het akkoord van Dayton, niet ter discussie staat. De Servische premier heeft meerdere malen geprobeerd Republika Srpska van zijn voornemen tot het organiseren van een referendum af te brengen. Hij heeft publiekelijk laten weten het houden van een referendum in de Republika Srpska niet te steunen.

Vraag 12

Bent u bereid om namens de Nederlandse regering op EU-niveau en internationaal niveau u in te spannen om mogelijke onrust in Bosnië en Herzegovina te voorkomen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 12

Nederland zet zich al lange tijd in voor een stabieler Bosnië-Herzegovina met een sterke rechtsstaat. Dit doet Nederland zowel binnen EU-verband in het kader van het toetredingsproces, als waarnemer in de PIC Stuurgroep (zie vraag 4) en bilateraal via bijvoorbeeld Matra-fondsen. Ook draagt Nederland bij aan de EUFOR-Althea missie in Bosnië-Herzegovina. Nederland zet deze inspanningen voort.