Vragen van het lid Van Tongeren (GroenLinks) aan de Minister van Binnenlandse Zaken
en Koninkrijksrelaties en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu over de
olievervuiling aan de oostkust van Bonaire (ingezonden 1 juni 2017).
Antwoord van Minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), mede namens
de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu (ontvangen 7 juli 2017).
Vraag 1
Kent u het bericht dat de gehele oostkust van Bonaire door olie is vervuild?1 Welke risico’s bestaan er door deze olievervuiling voor mens en milieu? Hoe vaak
vinden olievervuilingen plaats in het Nederlandse deel van de Caribische regio? Gaat
het om een incident of vinden olieverontreinigingen op structurele schaal plaats?
Welke effecten heeft dit op het toerisme en daarmee ook op de economie en de werkgelegenheid?
Antwoord 1
Ja ik ben bekend met het bericht. De verontreiniging lag in de vorm van teerballen
op de kust. Teerballen worden gevormd doordat ruwe olie, die zich een langere periode
in de zee bevindt, door zeewater wordt aangetast.
De milieuschade is hier gering. De meeste teerballen lagen op de kust, waar de milieuschade
zeer gering was en de olie handmatig snel is opgeruimd. Een risico bestond dat de
teerballen een nabijgelegen mangrovegebied bereikten. Om dat te voorkomen zijn drijvende
lijnen uitgezet om de olie op te vangen. Volgens natuurorganisatie Stinapa zijn de
meest waardevolle gebieden zo goed als gespaard gebleven, is geen olie aangetroffen
op koralen en zijn geen schildpadden gezien die met olie waren besmeurd. Risico’s
voor de mens kunnen optreden als er contact optreedt met de huid en opname via de
mond. Deze risico’s zijn beperkt, aangezien de olie in de vorm van teerballen is aangespoeld.
De vervuiling was bij aanspoeling al een paar dagen oud, waardoor de lichtere PAK’s
(polycyclische aromatische koolwaterstoffen, welke kankerverwekkend kunnen zijn) mogelijk al verdampt en verweerd zijn. De aangespoelde teerballen zijn niet zozeer
gevaarlijk voor de huid, maar bij sommige mensen kan er een allergische reactie optreden
als gevolg van de substantie. Het openbaar lichaam Bonaire heeft de bevolking hierover
geïnformeerd en passende maatregelen getroffen om contact en opname te voorkomen.
In het Nederlandse deel van de Caribische regio vindt olievervuiling gelukkig zelden
plaats. Er is geen sprake van structurele verontreinigingen.
Olie op de stranden heeft over het algemeen een negatief effect op het toerisme. Het
effect naar aanleiding van de recente olievervuiling zal naar verwachting gering zijn,
omdat direct is gestart met de opruimwerkzaamheden, de kust inmiddels vrijwel schoon
is en de meest waardevolle gebieden zo goed als gespaard zijn gebleven.
Vraag 2
Kunt u een inschatting geven wat nodig is om verdere vervuiling te voorkomen en om
de aangespoelde olie te verwijderen? Valt op dit moment in te schatten in hoeverre
het ecosysteem van de onvervangbare koraalriffen schade heeft geleden onder deze vervuiling?
Antwoord 2
Op dit moment is vrijwel alle olie verwijderd. Daarbij heeft het Openbaar Lichaam
van Bonaire samengewerkt met de beheerder van het mariene park, natuurorganisatie
Stinapa, de vele vrijwilligers en met het afvalbedrijf Selibon. Ook heeft een aantal
militairen die op oefening waren op verzoek meegeholpen met het opruimen van de olie.
Zie verder mijn antwoord op vraag 1.
Vraag 3
Zijn de lokale autoriteiten van Bonaire in staat om het hoofd te bieden aan deze olievervuiling?
Zo nee, bent u bereid om de nodige middelen en menskracht ter beschikking te stellen?
Antwoord 3
De lokale autoriteiten zijn in staat om het hoofd te bieden aan de verontreiniging.
Daarnaast hebben het Ministerie van I&M, Rijkswaterstaat en het KNMI ondersteuning
geboden met adviezen en het sturen van materialen die nodig zijn bij het opruimen
van de olie.
Vraag 4
Valt te vrezen dat de olievervuiling ook andere eilanden zoals bijvoorbeeld Curaçao
zal bereiken? Zo ja, welke maatregelen neemt u zich voor om de lokale autoriteiten
te ondersteunen in het voorkomen en beperken van schade voor mens en milieu?
Antwoord 4
Ja, zowel op Klein Curaçao, Curaçao als Aruba is eveneens olie aangespoeld, ook deze
is zo snel mogelijk opgeruimd.
Voor wat betreft Aruba coördineert de rampenstaf de aanpak. Het rampenbureau van het
land heeft assistentie gevraagd van Marinierskazerne Savaneta. De daar gestationeerde
mariniers van de Koninklijke Marine hebben geholpen de locaties waar vervuiling is
opgetreden in kaart te brengen.
Op Curaçao is met behulp van een drone van Defensie een vergelijkbare actie uitgevoerd
ter hoogte van St. Jorisbaai. Defensie leverde daarmee informatie waarmee lokale opruimploegen
heel gericht te werk konden gaan.
Vraag 5
Bestaan er in de Caribische regio samenwerkingsafspraken om olieverontreinigingen
te voorkomen en te bestrijden? Zo nee, bent u bereid om in Koninkrijks- en internationaal
verband een dergelijk initiatief te nemen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
De landen in de Caribische regio hebben samenwerkingsafspraken gemaakt via het «Cartagena
Convention & Protocols» (http://www.racrempeitc.org/regional-legal-framework). Het Regional Marine Pollution Emergency, Information and Training Centre – Caribe
(RacRempeitC, http://www.racrempeitc.org/) is de UNEP-organisatie die dit coördineert. Bij dit incident coördineert het RacRempeitC
de informatie-uitwisseling en samenwerking tussen de diverse landen in de Caraïben
(Aruba, Bonaire, Curaçao, Trinidad & Tobago en Venezuela).