Vragen van het lid De Jong (PVV) aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het bericht «Oost-Europeaan werkt hier voor een hongerloontje» (ingezonden 30 maart 2017).

Antwoord van MinisterAsscher (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) (ontvangen 24 april 2017).

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht «Oost-Europeaan werkt hier voor een hongerloontje»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Hoe groot is de negatieve loonontwikkeling voor Nederlandse werknemers in relatie tot de toestroom van Oost-Europese arbeidskrachten? Hoeveel Nederlanders hebben sinds de openstelling van de arbeidsmarkt voor Roemenen, Bulgaren en Polen hun baan verloren?

Antwoord 2

Uit een onderzoek van SEO naar verdringing op de arbeidsmarkt uit 2014 volgt dat in een aantal sectoren (bouw, tuinbouw, voedingsindustrie en wegtransport) sprake was van substantiële verschuivingen in de inzet van arbeid waarbij het aantal Nederlandse werknemers is afgenomen terwijl het aantal arbeidsmigranten is toegenomen. Die verschuiving ging gepaard met ongelijke concurrentie. Tegelijkertijd bleken de meeste werknemers die in deze sectoren aan het werk waren, weer in een andere sector of als zelfstandige aan de slag te zijn. Wel constateerde SEO dat voor enkele risicogroepen, die het meest concurreren met arbeidsmigranten (allochtonen, jongeren en laaggeschoolden), arbeidsmigratie negatieve gevolgen heeft.

Vraag 3

Hoe duidt u het feit dat ondervraagden van de in het artikel genoemde stelling oneerlijke concurrentie en verdringing op de arbeidsmarkt door met name Oost-Europese flexwerkers in de praktijk ervaren? Wat gaat u doen om deze verdringing tegen te gaan?

Antwoord 3

Oneerlijke concurrentie moet worden aangepakt. Dat is zowel in het belang van Nederland, bedrijven en werknemers, als van de arbeidsmigranten zelf.

Juist om deze oneerlijke concurrentie te voorkomen heeft het kabinet zich in Europa en Nederland ingezet om gelijk loon voor gelijk werk te realiseren, door onderhandelingen in Brussel over aanpassing van de Europese regelgeving, zoals de detacheringsrichtlijn en de coördinatieverordening sociale zekerheid, door misstanden als uitbuiting en onderbetaling tegen te gaan via de Wet Aanpak Schijnconstructies en de recente herziening van de Wet Minimumloon en Vakantiebijslag.

Het afgelopen jaar is ook de handhavingsrichtlijn geïmplementeerd. De handhavingsrichtlijn biedt instrumenten om de detacheringsrichtlijn beter te kunnen handhaven. Door middel van gegevensuitwisseling tussen Inspectiediensten, grensoverschrijdende boete-inning en de invoering van een meldingsplicht kan Inspectie SZW beter toezien op de naleving van de arbeidswetten die van toepassing zijn voor gedetacheerde werknemers. Ook sociale partners kunnen na implementatie van de handhavingsrichtlijn makkelijker toezien op de naleving van de cao.

De Inspectie SZW heeft per 1 november 2013 een speciaal team opgericht dat zich bezig houdt met de aanpak van schijnconstructies en met de ondersteuning van sociale partners bij de handhaving van de cao-voorwaarden.

Vraag 4

Hoeveel oneerlijke concurrentie en malafide praktijken op de arbeidsmarkt heeft dit kabinet aangepakt en welke sancties zijn daarbij opgelegd?

Antwoord 4

Bij brief van 19 december 2016 heb ik de eerste monitor van de Wet Aanpak Schijnconstructies aangeboden aan de Tweede Kamer.

In deze monitor zijn de eerste ervaringen met de wet die als doel heeft oneerlijke concurrentie aan te pakken samengevat op de onderdelen die op 1 juli 2015 en 1 januari 2016 in werking zijn getreden, waar onder de openbaarmaking van inspectiegegevens. Sinds 1 januari 2016 worden de resultaten van de onderzoeken van de Inspectie SZW naar de naleving van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi) en de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml) openbaar gemaakt op www.inspectieresultatenszw.nl. Aangezien de onderzoeken waar overtredingen zijn geconstateerd een langere looptijd hebben dan zaken zonder overtreding, is er op de website vooralsnog een ondervertegenwoordiging van het aantal zaken dat tot een boete heeft geleid.

In de jaarverslagen die worden toegestuurd aan de Tweede Kamer wordt gerapporteerd over onder meer het aantal uitgevoerde inspecties en de opgelegde boetes.

Vraag 5

Bent u bereid om nu eindelijk eens op te komen voor onze eigen Nederlandse werknemers, te stoppen met het inruilen van Nederlandse werknemers voor goedkope Oost-Europese arbeidskrachten en derhalve opnieuw een tewerkstellingsvergunning in te voeren voor werknemers uit Oost-Europa om onze arbeidsmarkt te beschermen? Zo ja, waarom. Zo neen, waarom niet?

Antwoord 5

Ik zie geen reden om mijn mening en beleid over arbeidsmigratie te herzien. De interne markt brengt de Nederlandse samenleving veel welvaart: meer export, lagere consumentenprijzen en grotere werkgelegenheid.

Niet iedereen profiteert echter in gelijke mate van de interne markt, en dit wordt nog versterkt door oneerlijke concurrentie. Er is sprake van een ongelijk speelveld, mede als gevolg van de Europese regels. Ik heb me zowel nationaal als in Europees kader sterk gemaakt voor een eerlijk loon en goede arbeidsomstandigheden voor iedereen en daarbij zijn ook concrete resultaten geboekt. Zoals al eerder gemeld in Europees kader via aanpassing van de regelgeving rondom detachering en de oprichting van het Europese Platform tegen Zwart Werk, en nationaal onder meer door de Wet Aanpak Schijnconstructies en de herziening van de Wml.


X Noot
1

Telegraaf, 29 maart 2017

Naar boven