Vragen van het lid Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk) aan de ministers van Buitenlandse Zaken en van Veiligheid en Justitie over het bericht dat een mensenrechtenjurist in Nederland ernstig bedreigd wordt. (ingezonden 17 augustus 2016).

Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) en van Minister van der Steur (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 15 september 2016).

Vraag 1

Bent u bekend met het artikel «Mensenrechtenjurist in Nederland ernstig bedreigd»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2 en 3

Klopt het dat de betreffende mensenrechtenverdediger herhaaldelijk met de dood is bedreigd?

Klopt het dat de bedreigingen verband houden met de werkzaamheden van haar en haar organisatie (al-Haq) ten behoeve van het Internationaal Strafhof, dat vooronderzoek verricht naar oorlogsmisdaden in Israel en Palestina?

Antwoord 2 en 3

Mevrouw Kiswanson is bedreigd en het vermoeden bestaat dat dat verband houdt met haar werk.

Vraag 4 en 5

Wat is uw reactie op het bericht dat de meldingen van bedreiging door de Nederlandse opsporingsdiensten aanvankelijk niet serieus zijn genomen?

Waaruit blijkt dat de bedreigingen door de opsporingsdiensten en overheid nu wel serieus worden genomen?

Antwoord 4 en 5

De zaak is meteen serieus opgepakt. Er loopt vanaf februari dit jaar een strafrechtelijk onderzoek en mevrouw Kiswansom is opgenomen in het kader van het stelsel bewaken en beveiligen.

Vraag 6, 7 en 8

Klopt het dat andere organisaties die het Internationaal Strafhof van informatie over oorlogsmisdaden in Israel en Palestina voorzien, waaronder Amnesty International, tegenwerking hebben ondervonden en zich daardoor genoodzaakt zagen hun kantoren in Den Haag te sluiten?

Zo ja, deelt u de mening dat dit de status en reputatie van Nederland als zetel van de internationale rechtsorde bedreigt?

Deelt u de mening dat mensenrechtenorganisaties op geen enkele wijze in hun werkzaamheden ten behoeve van het Internationaal Strafhof gehinderd mogen worden, ook niet als die werkzaamheden betrekking hebben op de situatie in Israel en Palestina?

Antwoord 6, 7 en 8

De tegenwerking van een aantal ngo’s is onaanvaardbaar en heeft inderdaad zijn weerslag op de status en reputatie van Nederland. Bedreiging en intimidatie van mensenrechtenorganisaties die het werk van het Strafhof ondersteunen is nooit acceptabel en de betrokken overheidsinstellingen nemen dit hoog op.

Vraag 9

Welke maatregelen gaat u nemen om de veiligheid van mensenrechtenorganisaties die deze werkzaamheden uitoefenen te waarborgen (graag een antwoord mede in het licht van de verantwoordelijkheden die Nederland heeft als gastheer van het Internationaal Strafhof en in het kader van de EU richtlijnen voor de bescherming van mensenrechtenverdedigers)?

Antwoord 9

Indien aangifte wordt gedaan, bekijken politie en/of OM of een strafrechtelijk onderzoek geïndiceerd is.

Voor maatschappelijke organisaties die het werk van het Internationaal Strafhof ondersteunen bestaat er bovendien een consultatiemechanisme; het zetelverdrag van het Strafhof maakt hiervan melding. Het tripartite consultatiemechanisme tussen ngo's, Strafhof en gastland heeft als doel om het werk van bij het Strafhof betrokken ngo's in brede zin mogelijk te maken. Na de aangifte van Kiswanson heeft het Ministerie van Buitenlandse Zaken dit mechanisme geactiveerd; het is bedoeling dat gastland, Strafhof en ngo's met regelmaat bijeen komen. Het gastland werkt naar aanleiding van de eerste bijeenkomst een transparant stappenplan uit voor betrokken ngo’s met de handelwijze in het geval van een bedreiging. Heldere communicatielijnen tussen alle betrokkenen is daarbij het uitgangspunt. Daarnaast is een briefing met veiligheidstips van het Openbaar Ministerie en de politie aan de ngo’s voorzien voor oktober.

Indien er in de toekomst onverhoopt sprake zou zijn van strafbare feiten jegens organisaties of personen die zijn betrokken bij het werk van het Strafhof, dan is het de bedoeling dat betreffende persoon, na aangifte bij de politie, daarvan tevens melding maakt bij het gastland (het Ministerie van Buitenlandse Zaken) en het Strafhof. Dit stelt gastland en Strafhof in staat om de situatie te monitoren; zo nodig kan er een spoedbijeenkomst belegd worden van het consultatiemechanisme.

Mensenrechtenverdedigers zijn onmisbaar voor duurzame verandering naar meer open en vrije samenlevingen. Het kabinet hecht hier groot belang aan en zet zich hier, zowel nationaal als in het Nederlands buitenlandse mensenrechtenbeleid, voor in. Een deel van deze inzet vindt plaats in EU-verband waarbij we ons baseren op de EU Richtlijnen voor de bescherming van mensenrechtenverdedigers.

Vraag 10, 11 en 12

Klopt het dat de bedreigingen aan de eerder genoemde mensenrechtenjurist van dusdanig geavanceerde aard zijn, dat zij hoogstwaarschijnlijk afkomstig zijn van een statelijke actor? Kunt u uw antwoord toelichten?

Heeft u kennisgenomen van sterke aanwijzigingen dat de Israelische overheid achter de bedreigingen zit? Wat is uw reactie daarop?

Bent u bereid bij de Israelische regering te informeren of zij enigerlei betrokkenheid heeft bij deze bedreigingen, en/of bij bedreiging of tegenwerking van andere mensenrechtenverdedigers in Nederland? Wilt u de Kamer over de reactie van de Israelische regering zo spoedig mogelijk informeren?

Antwoord 10, 11 en 12

Zoals gemeld loopt er een strafrechtelijk onderzoek. Dat onderzoek is niet afgerond en het kabinet kan hier dus geen uitspraken over doen.

Vraag 13

Wilt u de Kamer op de hoogte houden van de voortgang en resultaten van het lopende opsporingsonderzoek naar de bedreigingen tegen de eerdergenoemde mensenrechtenverdediger?

Antwoord 13

Het strafrechtelijk onderzoek naar de bedreigingen aan het adres van mevrouw Kiswanson loopt sinds februari dit jaar. Het is niet gebruikelijk de Kamer te informeren over lopende onderzoeken of de afronding hiervan.

Naar boven