Vragen van de leden Oosenbrug en Fokke (beiden PvdA) aan de ministers van Veiligheid
en Justitie en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het privacybeleid bij
de gemeente Amsterdam (ingezonden 30 maart 2016).
Antwoord van Minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) mede namens
de Minister van Veiligheid en Justitie (ontvangen 26 april 2016).
Vraag 1
Kent u het bericht «Privacy Amsterdamse burgers niet beschermd» (NRC 24 maart 2016)?1
Vraag 2
Deelt u de mening dat het onacceptabel is dat daartoe onbevoegde Amsterdamse ambtenaren
toegang kunnen krijgen tot privacygevoelige gegevens? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Ja. Het is niet acceptabel wanneer onbevoegden, ambtenaren of niet, toegang kunnen
krijgen tot privacygevoelige gegevens. Toegang tot persoonsgegevens is alleen gerechtvaardigd
als verwerking van die gegevens noodzakelijk is voor de taakuitoefening en als daar
een geldige rechtsgrond voor is. Bovendien moet de manier waarop die gegevens worden
verwerkt bescherming van die gegevens waarborgen. Ik lees in het rapport van de rekenkamer
niet dat onbevoegde ambtenaren toegang hebben tot persoonsgegevens. Volgens het rapport
zijn de autorisaties passend voor de functies. Er wordt wel geconstateerd dat er nog
steeds veel personen toegang hebben tot een cliëntdossier.
Vraag 3
In hoeverre hebben gemeenten de waarborgen voor de privacy van burgers op orde?
Antwoord 3
Informatie hierover wordt niet systematisch verzameld door de ministeries van Veiligheid
en Justitie of Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De gemeenten zijn in de
eerste plaats zelf verantwoordelijk voor naleving van de privacyregels en dienen daarover
verantwoording af te leggen aan de gemeenteraad. Die verantwoordelijkheid is in Amsterdam
opgepakt door het onderzoek van de rekenkamer en de reactie van het college van B&W
dat toegezegd heeft de aanbevelingen van de rekenkamer op te volgen. De ministeries
zijn geen toezichthouder in deze, dat is de Autoriteit Persoonsgegevens. Dat wil niet
zeggen dat er vanuit de ministeries helemaal geen betrokkenheid is bij dit onderwerp.
Er is immers toegezegd aan uw Kamer dat we de lerende praktijk zouden volgen. We ondersteunen
gemeenten nog steeds om een goede omgang met persoonsgegevens gestructureerd te waarborgen
in de werkprocessen. Uit onze contacten met gemeenten blijkt dat er inmiddels volop
aandacht voor het onderwerp is, dat gemeenten zich bewust zijn van hun verantwoordelijkheid
en dat er hard wordt gewerkt om de zaken op orde te krijgen.
Vraag 4
In hoeveel gemeenten wordt nog gebruik gemaakt van onbeveiligde e-mail voor het delen
van privacygevoelige informatie, terwijl dit verboden is?
Antwoord 4
Er is binnen de ministeries geen volledig zicht op het berichtenverkeer tussen aanbieders
en gemeenten. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeenten zelf om op een veilige
manier berichten met persoonsgegevens te verzenden.
Voor het beveiligd uitwisselen van gegevens tussen het gemeentelijk en het justitiële
jeugddomein is CORV ontwikkeld. Gemeenten, politie, Veilig Thuis, de raad voor de
kinderbescherming en de gecertificeerde instellingen zijn wettelijk verplicht om CORV
te gebruiken. Alle partijen maken gebruik van CORV, maar zij doen dat nog niet in
alle gevallen. De Minister van VenJ heeft uw Kamer toegezegd om over het gebruik van
CORV te rapporteren in de voortgangsbrief Jeugd, die de Staatssecretaris van VWS en
VenJ eind mei zullen sturen.
Vraag 5
Wat is uw reactie op de uitspraak dat «met enige regelmaat (bijzondere) persoonsgegevens
worden gebruikt, zonder dat deze zijn geanonimiseerd, voor het vervaardigen van managementinformatie»?
Antwoord 5
Het is duidelijk dat dit niet mag. Het is ook niet noodzakelijk om niet-geanonimiseerde
persoonsgegevens te gebruiken voor managementinformatie.
Vraag 6
Is de bewustwordingscampagne, zoals de gemeente Amsterdam die is gestart, effectief
en doelmatig genoeg teneinde ambtenaren en hulpverleners te informeren en bewust te
maken van het belang van privacybescherming? Zo nee, welke campagnes gaat u (landelijk)
opstarten teneinde het privacybeleid bij gemeenten op orde te brengen?
Antwoord 6
Of de bewustwordingscampagne zoals de gemeente Amsterdam die is gestart, effectief
is zal moeten blijken. Vanuit de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
Veiligheid en Justitie en Volksgezondheid, Welzijn en Sport is de afgelopen jaren
in samenwerking met de VNG al veel geïnvesteerd in ondersteuning van gemeenten op
dit terrein. Zo zijn er handleidingen, privacy impactassessments (PIA’s) en richtlijnen
met behulp waarvan gemeenten privacy gestructureerd kunnen borgen in hun werkprocessen
en zijn goede voorbeelden toegankelijk gemaakt. Het is nu in de eerste plaats aan
de gemeenten zelf om hiermee verder aan de slag te gaan.
Op dit moment wordt vanuit het Rijk in samenwerking met het Netwerk Directeuren Sociaal
Domein van de gemeenten gewerkt aan versterking van sturing op privacy vanuit het
management en de Gemeenteraad. Bij gemeenten worden voorbeelden van sturing op gestructureerde
aanpak van privacy opgehaald en verder uitgewerkt. Ik blijf het proces uiteraard volgen.