Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-20161540

Vragen van de leden Schouten en Segers (beiden ChristenUnie) aan de Staatssecretaris van Financiën en de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de BTW-plicht van gemeenten bij ambtelijke fusies (ingezonden 3 december 2015).

Antwoord van Staatssecretaris Wiebes (Financiën), mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (ontvangen 16 februari 2016). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2015–2016, nr. 952.

Vraag 1, 2

Bent u bekend met de plannen van de vier gemeenten Dantumadiel, Dongeradeel, Ferwerderadiel en Kollumerland c.a. om per 1 januari 2016 ambtelijk te fuseren als opmaat naar een bestuurlijke fusie, met als juridische basis een zware gemeenschappelijke regeling?

Bent u bekend met de btw-plicht waarmee deze gemeenten worden geconfronteerd als zij een ambtelijke fusie aangaan, waarbij alle vier gemeenten btw moeten betalen over de diensten (ambtelijke voorbereiding en uitvoering) die zij afnemen van de gemeenschappelijke regeling (ambtelijke fusieorganisatie)?

Antwoord 1, 2

Ja, daar ben ik mee bekend. Uit de media heb ik op dit punt ook vernomen dat de ambtelijke fusie is uitgesteld vanwege onzekerheid rondom arbeidsplaatsen en standplaatsen.

Vraag 6

Onder welke voorwaarden is de zogenaamde koepelvrijstelling van toepassing bij samenwerking tussen gemeenten?

Antwoord 6

De koepelvrijstelling is opgenomen in artikel 11, eerste lid, onderdeel u, van de Wet op de omzetbelasting 1968. Deze vrijstelling is gebaseerd op de vrijstelling van artikel 132, lid 1, onderdeel f, van de BTW-richtlijn. Lidstaten zijn verplicht deze vrijstelling op te nemen in hun wet- en/of regelgeving. De koepelvrijstelling geldt alleen voor diensten van een samenwerkingsverband (koepel) aan haar leden die direct nodig zijn voor de uitoefening van prestaties van die leden, die deze leden vrijgesteld van BTW of als niet-ondernemer verrichten. Verder is vereist dat de koepel alleen de gemaakte kosten naar rato van het aandeel van de leden in de diensten doorbelast. Toepassing van de koepelvrijstelling mag niet leiden tot concurrentieverstoring tegenover derden. Om die reden zijn bepaalde diensten van de koepelvrijstelling uitgezonderd, zoals het verzorgen van de financiële administratie.

Vraag 3, 4, 5, 7

Klopt het dat gemeenten, indien zij een ambtelijke fusie aangaan, altijd btw moeten betalen over de diensten die zij van de ambtelijke fusieorganisatie afnemen, terwijl bij een ambtelijke fusie het afnemen van diensten van de nieuwe ambtelijke organisatie juist het doel is? Zo ja,

Waarom geldt hier geen vrijstelling voor?

Kunt u aangeven hoeveel gemeentelijke fusieprojecten en gemeenten hierdoor getroffen worden?

Hoe beoordeelt u deze btw-heffing in het licht van de druk op gemeenten om juist méér te gaan samenwerken, efficiënter te werken en het feit dat een ambtelijke fusie juist al een extra financiële inspanning van gemeenten vraagt?

Bent u bereid om een btw-vrijstelling in te voeren voor gemeenten die een ambtelijke fusie aangaan ter voorbereiding op een bestuurlijke fusie? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 3, 4, 5, 7

In 2015 is in Europees verband, namelijk in het btw-comité, volop gesproken over de reikwijdte van de koepelvrijstelling. Deze overleggen hebben inmiddels tot een succesvolle uitkomst geleid. De Europese Commissie heeft zich namelijk onverwacht en duidelijk uitgesproken voor een ruimere toepassing van de koepelvrijstelling dan onder meer in Nederland het geval is. Deze ruimte benut ik graag. Dit betekent dat de koepelvrijstelling voor de dienstverlening van de fusieorganisatie geldt als de dienst van de fusieorganisatie hoofdzakelijk (voor 70% of meer) wordt gebruikt door de deelnemende gemeenten voor onbelaste overheidsactiviteiten of vrijgestelde activiteiten. Daarmee is de btw-problematiek van gemeentelijke samenwerking in de vorm van een fusieorganisatie vrijwel geheel opgelost. Ik zal deze beleidswijziging op de gebruikelijke wijze publiceren, waarbij conform het Besluit Fiscaal Bestuursrecht ambtshalve niet op het verleden wordt teruggekomen.