Vragen van het lid Van Bommel (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over een rapport over Amerikaanse aanvallen met onbemande vliegtuigen in Pakistan en Jemen (ingezonden 28 november 2014).

Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 23 december 2014)

Vraag 1

Kent u het rapport «You never die twice, Multiple kills in the US drone program» dat onder meer concludeert dat bij Amerikaanse aanvallen met onbemande vliegtuigen, drones, op 41 met name genoemde terreurverdachten in Pakistan en Jemen oplopend tot 1.147 mensen zijn gedood, dat hieronder veel burgers zijn, waaronder veel kinderen en dat genoemde terreurverdachten gemiddeld ruim drie keer werden «gedood» voordat zij daadwerkelijk omkwamen bij een drone aanval?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2 en 3

Deelt u de opvatting dat de bevindingen van dit rapport grote kanttekeningen plaatsen bij de door de VS veronderstelde grote mate van precisie van drone aanvallen? Indien neen, waarom niet?

Deelt u verder de opvatting dat indien 1.147 mensen zijn omgekomen bij aanvallen op 41 terreurverdachten ten minste de verdenking bestaat dat hier sprake is van disproportioneel geweld? Kunt u uw antwoord toelichten?

Antwoord 2 en 3

Het kabinet heeft onvoldoende informatie om een oordeel te geven over de in het rapport genoemde aanvallen. Ingevolge het oorlogsrechtelijke beginsel van proportionaliteit dient bij een aanval een afweging te worden gemaakt tussen enerzijds het verwachte, tastbare en rechtstreekse militaire voordeel en anderzijds het te verwachten bijkomend verlies van mensenlevens, verwonding onder burgers, schade aan burgerobjecten of een combinatie daarvan. Amerikaanse functionarissen hebben in het verleden onderstreept dat de VS grote waarde hechten aan het naleven van dit proportionaliteitsbeginsel, ook bij de inzet van bewapende drones. Het is essentieel dat dit beginsel in de praktijk wordt toegepast.

Vraag 4

Herinnert u zich de uitlatingen van uw ambtsvoorganger over transparantie op dit onderwerp in april dit jaar, waaronder zijn uitspraak dat Nederland een leidende rol kan spelen bij het bereiken hiervan?2

Antwoord 4

Ja.

Vraag 5

Kunt u een overzicht geven van de inzet van Nederland op dit punt sindsdien?

Antwoord 5

Het kabinet zet zich actief in voor een open debat in internationaal verband over hoe het huidige internationaalrechtelijk kader voor de inzet van bewapende drones beter kan worden toegepast en transparantie kan worden bevorderd.

Op 22 september jl. besprak de VN-Mensenrechtenraad in een paneldiscussie de inzet van bewapende drones bij terrorismebestrijding en militaire operaties. Nederland heeft in die discussie het belang van transparantie over de inzet van drones benadrukt. Nederland heeft daarbij ook gepleit voor een internationale dialoog over enkele bredere vraagstukken in het volkenrecht die relevant zijn voor de inzet van bewapende drones, waaronder de wisselwerking tussen mensenrechten en het humanitair oorlogsrecht.

Deze thematiek werd ook besproken met een brede groep landen tijdens een discussiebijeenkomst over mensenrechten en terrorismebestrijding, die Nederland en marge van de Mensenrechtenraad had georganiseerd.

Vraag 6

Bent u bereid opheldering te vragen bij de VS, Pakistan en Jemen over de in het rapport genoemde cijfers en de Kamer hierover te informeren? Indien neen, waarom niet?

Antwoord 6

Het kabinet acht het niet opportuun om specifiek over dit rapport nadere informatie te vragen. Nederland heeft actief contact met de Verenigde Staten en andere partners om tot afspraken te komen om de transparantie over het gebruik van drones te vergroten.


X Noot
1

You never die twice, Multiple kills in the US drone program, http://www.reprieve.org/uploads/2/6/3/3/26338131/2014_11_24_pub_you_never_die_twice_-_multiple_kills_in_the_us_drone_program.pdf, 24 november 2014.

X Noot
2

Kamerstuk, 30 806, nr. 24

Naar boven