Vragen van het lid Hoogland (PvdA) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu
over de uitstoot van elektrische auto’s (ingezonden 13 november 2014).
Antwoord van Staatssecretaris Mansveld (Infrastructuur en Milieu) (ontvangen 9 december
2014).
Vraag 1
Kent u de artikelen «Elektrische wagen produceert nauwelijks minder fijn stof dan
benzinewagen»1 en «Fijnstofstudie e-auto waardeloos»?2
Vraag 2
Hoe beoordeelt u het onderzoek van Transport & Mobility? Deelt u de mening van de
in het artikel van De Tijd aangehaalde professor van de Vrije Universiteit Brussel
dat het onderzoek «eigenlijk niets waard» is?
Antwoord 2
Ik deel de mening dat het onderzoek van Transport & Mobility eenzijdig en onvoldoende
onderbouwd is. Volgens het onderzoek zouden de niet-uitlaatemissies van elektrische
auto’s even hoog zijn als bij andere auto’s en veelal zelfs hoger. Dat zou te maken
hebben met het hogere gewicht, veroorzaakt door de batterijen. Vooral in de stad komt
dit tot uiting, omdat bestuurders er meer bochten moeten nemen en vaker moeten remmen.
Auto’s met een (gedeeltelijk) elektrische aandrijving, zoals hybride auto’s, plug-in
hybride auto’s en volledig elektrische auto’s, zijn echter in staat om de elektromotor(en)
te gebruiken om af te remmen. Hierdoor wordt remenergie teruggewonnen. Als gevolg
daarvan is de slijtage-emissie door remmen van deze voertuigen een stuk minder dan
van auto’s met een conventionele aandrijving. Voor de nationale emissie-inventarisatie
wordt hiervan uitgegaan. 3
Elektrische auto’s kennen verder een breed spectrum wat betreft motorvermogen en voertuiggewicht.
Enerzijds zijn er grotere elektrische auto’s met zeer sportieve prestaties, anderzijds
zijn er compacte elektrische auto’s voor typisch stadsgebruik. Vooralsnog is er geen
reden om het ene of het andere type als representatief voor een elektrische auto te
beschouwen. In Nederland wordt daarom voor de nationale emissie-inventarisatie verondersteld
dat de slijtage van banden en wegdek door elektrische auto’s gelijk is aan die van
een gemiddelde auto.
Per saldo ligt de totale uitstoot van fijn stof door slijtage van banden, remmen en
wegdek door een elektrische auto, gemiddeld ongeveer een derde lager dan de fijn stof
uitstoot door een auto met verbrandingsmotor.
Vraag 3
Deelt u de mening dat elektrische auto’s behalve de vermindering van fijnstof-uitstoot
in binnensteden nog veel meer voordelen hebben, zoals vermindering van CO2-uitstoot en vermindering van geluidsoverlast langs wegen?
Antwoord 3
Ja. Naast fijn stof hebben elektrische auto’s voordelen op het gebied van de uitstoot
van stikstofoxiden (NOx) en kooldioxide (CO2) en op het gebied van geluid. Dit is van belang met het oog op het verbeteren van
de luchtkwaliteit, het beperken van het broeikaseffect en het terugdringen van geluidsoverlast.
Vraag 4
Deelt u de mening van de in het artikel van De Tijd aangehaalde professor van de Vrije
Universiteit Brussel dat om een goed beeld te krijgen van de schade die auto’s veroorzaken
aan het milieu ook rekening gehouden dient te worden met andere schadelijke stoffen
(dan fijnstof), met de reële uitstoot (in plaats van de theoretische uitstoot) en
met de volledige levenscyclus van een auto?
Antwoord 4
Ja. Kanttekening bij een volledige levenscyclus analyse van de uitstoot van fijn stof
door auto’s is wel dat met het oog op gezondheidseffecten de uitstoot van fijn stof
op verschillende plaatsen niet zomaar bij elkaar mag worden opgeteld. Bij fijn stof
dat wordt uitgestoten op plaatsen waar veel mensen verblijven, zoals in de stad, worden
meer mensen blootgesteld. Dat heeft grotere gezondheidseffecten dan wanneer het fijn
stof op afgelegen plaatsen wordt uitgestoten.
Om die reden blijft het van belang om in deze discussie vooral ook naar directe emissies
in de stedelijke omgeving te kijken.
Vraag 5
Bent u bereid om een onafhankelijk onderzoek te laten uitvoeren, waarin in ieder geval
de in vraag 4 genoemde elementen worden betrokken, naar verschillen tussen elektrische,
diesel- en benzineauto’s, waarin de vraag centraal staat hoeveel schade de afzonderlijke
typen auto’s het milieu toebrengen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
CE-Delft en TNO hebben onlangs in mijn opdracht een LCA-onderzoek (Life Cycle Analyse)
uitgevoerd naar de CO2-uitstoot van elektrische personenauto’s over de gehele levenscyclus4. Bij dit onderzoek is zowel gekeken naar de CO2-uitstoot tijdens de productie en sloop van elektrische auto’s als naar de CO2-uitstoot van het opwekken van elektriciteit ten behoeve van het rijden met de elektrische
auto.
Resultaat van het onderzoek is dat in vergelijking met een benzineauto het gemiddeld
gebruik van een volledig elektrische auto over de hele levenscyclus tot circa 35%
lagere CO2-uitstoot leidt. De relatief hogere emissies bij de productie van de elektrische auto
en de batterij worden meer dan volledig gecompenseerd tijdens de gebruiksfase van
de auto. De CO2-winst zal in de toekomst nog groter worden, doordat het aandeel hernieuwbare bronnen
bij de opwekking van elektriciteit steeds verder zal toenemen.
X Noot
3TNO-rapport 2014 R11309 Emission factors for alternative drivelines and alternative
fuels.
X Noot
4TNO-rapport 2014 R10665 Indirecte en directe CO2-uitstoot van elektrische personenauto’s.