Vragen van het lid Rudmer Heerema (VVD) aan de Minister van Veiligheid en Justitie
en de Staatssecretaris van Economische Zaken over het bericht «extra geld voor controleurs
natuurgebieden» (ingezonden 17 oktober 2014).
Antwoord van Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) mede namens de Staatssecretaris
van Economische Zaken (ontvangen 19 november 2014). Zie ook Aanhangsel Handelingen,
vergaderjaar 2014–2015, nr. 534
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Extra geld voor controleurs natuurgebieden»?1
Vraag 2
Kunt u aangeven waar de extra 100.000 euro voor her- en bijscholing van Buitengewone
Opsporingsambtenaren (BOA's) precies aan worden besteed? Betreft het een structureel
of eenmalig bedrag?
Antwoord 2
De extra 100.000 euro wordt ingezet als een bijdrage in de kosten voor het inzetten
van BOA’s die de handhaving van natuurwetgeving in hun takenpakket hebben (groene
boa’s). Denk daarbij aan opleidings- en bijscholingskosten en/of kosten voor de inzet
van bepaalde handhavingsmiddelen. Wij zijn in overleg met de particuliere werkgevers
van deze specifieke groep BOA’s om te bepalen voor welke bestedingsdoelen de bijdrage
het best kan worden aangewend.
Het gaat om een structureel bedrag.
Vraag 3
Op welke manier worden de kosten van 100.000 euro gedekt?
Antwoord 3
De kosten worden gedekt binnen de begroting van het Ministerie van Economische Zaken
(Artikel 18).
Vraag 4
Op welke manier wordt nagestreefd de extra kosten zo laag mogelijk te houden en de
middelen aldus effectief in te zetten?
Antwoord 4
In de brief aan uw Kamer van 14 oktober 2014 (Kamerstuk 28 684, nr. 422) is gemeld welke afspraken er zijn gemaakt om extra kosten voor particuliere werkgevers
van groene boa’s te voorkomen. Zo zal de politie de afspraken over onder andere communicatiemiddelen
landelijk harmoniseren en daarbij de kosten voor de werkgevers zoveel mogelijk beperken.
Verder is afgesproken dat particuliere werkgevers – vanwege hun bijzondere positie
in het stelsel – niet langer hoeven te betalen voor het digitaal aanleveren van zaken
bij het CJIB. Over de uitvoering van deze afspraken vindt momenteel overleg plaats
met de werkgevers.
Vraag 5, 7 en 8
Is de inhoud van de betreffende basisscholing, her- en bijscholing hetzelfde gebleven
of is deze al aangepast naar aanleiding van het debat in de Tweede Kamer over stropen
in bossen en wateren op 31 januari 2014?2 Zijn de signalen over de moeilijkheidsgraad en de wens voor vereenvoudiging doorgevoerd?
Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?
Hoe staat het met het voornemen de opleiding voor BOA’s beter te laten aansluiten
op de praktijk? Is de opleiding van de BOA’s al aangepast aan de context en aan beroepsrelevante
vaardigheden? Zo nee, waarom niet?
Zijn de werkgevers van de BOA's tevreden over de nieuwe opzet van de (bij)scholingsvereisten?
Zijn deze vereisten alleen gewijzigd of ook toegenomen in omvang?
Antwoord op vragen 5, 7 en 8
Zoals in onze brief van 14 oktober jl. aan uw Kamer al vermeld zien wij aanleiding
om de gehele stand van zaken rondom de professionalisering in domein II te evalueren,
waaronder de werking en de resultaten van de opleidings- en examineringssystematiek.
Dit onderzoek, waarbij onder meer de werkgevers van de boa’s zullen worden bevraagd,
is in september 2014 aangevangen en zal voor het einde van dit jaar worden afgerond.
Op basis van dit onderzoek zal een beslissing volgen of en zo ja welke aanpassingen
er binnen de gehele systematiek van opleiden binnen domein II dienen plaats te vinden.
Voorts kan in antwoord op de vragen over de aansluiting op de praktijk worden gemeld
dat onder andere op verzoek van de werkgevers van de groene boa’s er, vooruitlopend
op de uitkomsten van de evaluatie, recent in de laatste twee modules van de opleiding
meer ruimte is opgenomen voor praktijkonderdelen.
Vraag 6
Wat is de stand van zaken met betrekking tot het tegengaan van onnodige bureaucratie,
gelet op het feit dat tijdens voornoemd debat is aangegeven dat dit moet worden tegengegegaan
en dat hier een rapportage over zal volgen? Ontvangt de Kamer op korte termijn een
brief met de stand van zaken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
In de brief aan uw Kamer van 14 oktober 2014 werden reeds de afspraken toegelicht
die zijn gemaakt om de inbreng van particuliere werkgevers van groene boa’s op nationaal
of regionaal niveau te waarborgen. Met deze afspraken kan tot een goede afstemming
van prioriteiten en inzet worden gekomen voor wat betreft handhaving van natuurwetgeving.
Inbreng in de Strategische Milieukamer vindt plaats door middel van afstemming met
de provincies en handhaving van de openbare orde en veiligheid in het buitengebied
vindt plaats door middel van overleg met de tien regionale eenheden van politie. Daarnaast
zal met de particuliere werkgevers regelmatig ambtelijk en waar nodig bestuurlijk
overleg plaatsvinden.
Zoals uit bovengenoemde brief blijkt hecht het Kabinet aan het tegengaan van onnodige
bureaucratie en met de gemaakte samenwerkingsafspraken zal daaraan worden bijgedragen.
X Noot
2Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2013–2014, nr. 48