Vragen van het lid Van Bommel (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de inzet van clusterbommen in Oekraïne (ingezonden 23 oktober 2014).

Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 14 november 2014).

Vraag 1

Kent u het bericht «Clusterbommen op grote schaal ingezet in Oekraïne»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2 t/m 9

Kunt u bevestigen dat er bij het conflict in Oekraïne gebruik wordt gemaakt van clusterbommen?

Deelt u het oordeel van Human Rights Watch dat alles erop wijst dat het Oekraïense leger verantwoordelijk is voor een aantal aanvallen met clusterbommen op het rebellenbolwerk Donetsk begin oktober?

Kunt u bevestigen dat het Oekraïense leger begin oktober vijf Oeragan-raketten op Donetsk heeft afgevuurd?

Beschikt u over aanwijzingen dat ook de rebellen clustermunitie hebben ingezet?

Is het waar dat er bij recente beschietingen een medewerker van het Rode Kruis om het leven is gekomen? Indien ja, wie was verantwoordelijk voor die beschietingen?

Deelt u de opvatting dat de inzet van clustermunitie in bevolkt gebied onder alle omstandigheden onaanvaardbaar is, zelfs voor landen die geen partij zijn bij het verdrag dat het gebruik van clusterwapens verbiedt?

Bent u bereid op korte termijn bij strijdende partijen in Oekraïne aan te dringen op stopzetting van het gebruik van clustermunitie? Indien neen, waarom niet?

Bent u bereid het gebruik van clustermunitie in Oekraïne in de NAVO aan de orde te stellen, aangezien de NAVO militair samenwerkt met Oekraïne? Indien neen, waarom niet?

Antwoord 2 t/m 9

Het gebruik van clustermunitie veroorzaakt onaanvaardbaar menselijk leed. De inzet van clustermunitie brengt ernstige gevaren met zich mee voor de burgerbevolking vanwege de onbetrouwbaarheid en de onnauwkeurigheid ervan en munitie kan jaren na inzet nog tot ontploffing komen. Om die reden is Nederland in 2011 partij geworden bij het Clustermunitie Verdrag dat het gebruik van clustermunitie verbiedt.

Het Human Rights Watch rapport aangaande het gebruik van clustermunitie tegen de burgerbevolking in Oost-Oekraïne is zeer zorgwekkend. Het rapport stelt dat clustermunitie is ingezet door zowel separatisten als Oekraïense strijdkrachten in stedelijk gebied.

Deze berichten kunnen vooralsnog niet worden bevestigd. Nader onderzoek moet uitwijzen in hoeverre clustermunitie daadwerkelijk is gebruikt. De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) heeft in het kader hiervan toegezegd een rapportage uit te brengen aangaande het gebruik van clustermunitie in Oekraïne.

Het kabinet neemt het rapport bijzonder serieus. Ik heb de zorgen hierover ook overgebracht aan de Oekraïense regering tijdens mijn recente bezoek aan Oekraïne. Tevens spreekt Nederland zich in verschillende fora uit tegen het gebruik van clustermunitie door staten en niet-statelijke actoren. Het heeft in de Eerste Commissie van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties onder meer zorg uitgesproken over het vermeend gebruik van clustermunitie in Oekraïne. Eveneens is opgeroepen om op transparante wijze te reageren op beschuldigingen en maatregelen te treffen om de burgerbevolking te beschermen tegen het gebruik van clustermunitie.

Ook in andere fora heeft Nederland zich uitgesproken tegen het gebruik van clustermunitie door staten en niet-statelijke actoren, onder andere in de jaarlijkse bijeenkomst van Statenpartijen van het Clustermunitie Verdrag. De NAVO heeft Oekraïne tijdens de Top in Wales opgeroepen om terughoudendheid te blijven betrachten in het conflict in Oost-Oekraïne.

Het kabinet is op de hoogte van de recente beschietingen waarbij een medewerker van het Rode Kruis is omgekomen. De verantwoordelijkheid daarvoor is nog niet vastgesteld, nader onderzoek moet de toedracht van deze beschietingen uitwijzen.


X Noot
1

De Volkskrant, 22 oktober 2014

Naar boven