Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-2015521

Vragen van de leden Van Klaveren en Bontes (beiden Groep Bontes/Van Klaveren) aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de vergelijking tussen joden en ISIS-jihadisten door de burgemeester van Hilversum (ingezonden 24 oktober 2014).

Antwoord van Minister Plassterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (ontvangen 11 november 2014).

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht «Broertjes vergelijkt ISIS met joden»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Deelt u de verbijstering over de ongehoorde en domme uitlating van de burgemeester van Hilversum, die het afreizen van jihadisten naar Syrië en Irak vergelijkt met de vlucht van joden naar Israël na de Tweede Wereldoorlog?

Antwoord 2

Uit de (openbare) brief die burgemeester Broertjes naar de gemeenteraad van Hilversum heeft gezonden, blijkt de door de burgemeester beoogde strekking van de opmerking: het benadrukken dat er voldoende juridische grond moet zijn om paspoorten van Nederlanders in te trekken en dat mensen niet alleen vanwege door de gemeente veronderstelde kwade bedoelingen hun paspoort mag worden afgenomen. De vergelijking die hij in dat verband maakt, is bedoeld om zijn stelling kracht bij te zetten. Zijn intentie was niet om Jihadstrijders te vergelijken met Nederlanders die na de Tweede Wereldoorlog voor de staat Israël hebben gevochten.

Vraag 3, 4

In hoeverre is een burgemeester die zulke absurde uitspraken doet in uw ogen nog in staat zijn rol als serieuze en neutrale burgervader te vervullen?

Bent u bereid deze burgemeester op te roepen publiekelijk zijn excuses aan te bieden en aan te raden een LOI-cursus geschiedenis te gaan volgen? Graag een toelichting op uw antwoord.

Antwoord 3, 4

Het is in de eerste plaats aan de gemeenteraad van Hilversum om de handelwijze van burgemeester Broertjes te beoordelen. Indien de raad daartoe aanleiding ziet, kan zij de burgemeester ter verantwoording roepen. De burgemeester heeft inmiddels door middel van de brief, genoemd bij de beantwoording van vraag 2, uitleg aan de raad gegeven over de bewuste uitlating. Bovendien heeft een delegatie van de gemeenteraad met de burgemeester gesproken over diens wijze van communiceren.