Vragen van het lid Van Laar (PvdA) aan de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
over de verlaging van de huwbare leeftijd in Bangladesh (ingezonden 15 oktober 2014).
Antwoord van Minister Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) (ontvangen
29 oktober 2014)
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de berichten «HRW: Don’t lower marriage age»1 en «Bangladesh: don’t lower marriage age»?2
Antwoord 1
Ja, ik heb kennisgenomen van deze berichten.
Vraag 2
Heeft u kennisgenomen van het rapport «Pathways to Power: Creating Sustainable Change
for Adolescent Girls»3 van Plan International?
Antwoord 2
Ja, ik heb kennisgenomen van het rapport van Plan International.
Vraag 3
Deelt u de conclusie van het rapport van Plan dat kindhuwelijken een serieuze bedreiging
vormen voor de gezondheid, het welzijn en de kansen op onderwijs en een goede toekomst
voor meisjes en daarom bestreden moeten worden?
Antwoord 3
Ik deel deze conclusie van Plan volledig. Kindhuwelijken hebben niet alleen een desastreus
effect op de gezondheid, het welzijn en de toekomst van meisjes en vrouwen, maar ook
op de ontwikkeling van samenlevingen als geheel. Het terugdringen en uiteindelijk
beëindigen van kindhuwelijken is daarom een belangrijke prioriteit in mijn beleid.
Vraag 4
Deelt u de mening van Human Rights Watch dat de voorgenomen verlaging van de huwbare
leeftijd in Bangladesh voor meisjes van 18 jaar naar 16 jaar in de wet in strijd is
met het internationaal recht en de VN-verklaring van de rechten van het kind, die
iedereen onder de 18 als kind kwalificeert? Zo ja, bent u bereid om, eventueel samen
met andere landen en/of via de VN, Bangladesh aan te spreken op de verlaging van de
huwbare leeftijd? Ziet u in internationaal verband mogelijkheden om deze verlaging
tegen te houden?
Antwoord 4
Zie antwoord vraag 5.
Vraag 5
Deelt u de mening van Human Rights Watch dat deze voorgenomen verlaging indruist tegen
de verklaring «alles te doen om kindhuwelijken te bestrijden» die Bangladesh op de
Girl Summit in Londen, onder andere op aandringen van Girls Not Brides waarmee Nederland
samenwerkt, heeft afgelegd? Zo ja, bent u bereid hierover met Bangladesh in gesprek
te gaan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
Het Bengaalse voorstel om de huwbare leeftijd voor meisjes te verlagen van 18 jaar
naar 16 jaar is onder andere in strijd met de Universele Verklaring voor de Rechten
van de Mens, de Conventie voor uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen
(CEDAW) en het Kinderrechtenverdrag. Het voorstel gaat in tegen inspanningen van de
internationale gemeenschap om een einde aan kindhuwelijken te maken en staat haaks
op de uitspraken van de Minister-President Hasina van Bangladesh op de Girl Summit
van 22 juli jongstleden. Recent leek er langzaam maar zeker een omslag in Bangladesh
te ontstaan naar vermindering van kindhuwelijken.
Als de wettelijk toegestane huwbare leeftijd voor meisjes 16 jaar wordt, zal dit een
ernstige terugslag betekenen voor de aanpak van kindhuwelijken. Het Bengaalse maatschappelijke
middenveld heeft zich scherp uitgelaten over deze plannen. Verlaging van de huwelijksleeftijd
frustreert tevens het werk van onze partners in Bangladesh om de oorzaken van kindhuwelijken
aan te pakken en zich in te zetten om schadelijke normen en waarden te corrigeren.
Het Bengaalse Ministerie van Vrouwen en Kinderen onderzoekt thans de wenselijkheid
van het voorstel. Er zijn krantenberichten die melden dat de regering de huwelijksleeftijd
voor meisjes handhaaft op 18 jaar, maar dit wordt vooralsnog niet bevestigd.
De Nederlandse ambassade in Dhaka werkt samen met andere landen, de Verenigde Naties
en non-gouvernementele organisaties (NGO’s) om de ernstige gevolgen van het voornemen
voor de verlaging van de wettelijke huwelijksleeftijd over te brengen aan de Bengaalse
autoriteiten. Tevens zal ik onze zorgen over deze ontwikkeling waar mogelijk aan de
orde stellen in gesprekken met Bengaalse Ministers en de internationale gemeenschap.
Vraag 6
Steunt Nederland op dit moment non-gouvernementele organisaties die zich in Bangladesh
inzetten voor de rechten van meisjes? Ziet u mogelijkheden om deze NGO’s meer te steunen?
Antwoord 6
Nederland steunt momenteel al een aantal NGO’s die zich specifiek inzetten op het
terrein van de rechten voor meisjes en het beëindigen van kindhuwelijken. Via UNICEF
worden projecten tegen kindhuwelijken in onder andere Bangladesh gefinancierd voor
een periode van 4 jaar (2014–2017). Save the Children en de Stichting Kinderpostzegels
– gefinancierd uit het Kindhuwelijken fonds – bereiden de uitvoering van projecten
in Bangladesh voor. De Population Council is in 2012 met Nederlandse financiering
een onderzoeksprogramma gestart met drie partnerorganisaties in drie districten met
een hoog percentage kindhuwelijken (het zogenaamde «Balika project»).