Vragen van de leden Maij en Servaes (beiden PvdA) aan de Minister van Buitenlandse
Zaken over het bericht dat Rusland uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten
van de Mens negeert (ingezonden 20 juli 2015).
Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 20 augustus 2015)
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Poetin heeft nu niks meer te maken met mensenrechten»1?
Vraag 2 en 3
Klopt het dat het Russische Constitutionele Hof heeft geoordeeld dat uitspraken van
het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) genegeerd kunnen worden als die
in strijd zijn met de Russische Grondwet? Zo ja, welke duiding geeft u aan deze uitspraak
en welke gevolgen heeft die voor de mate waarin Rusland gehouden zal blijven om de
bepalingen uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) na te leven?
Hoe verhoudt deze nieuwe juridische situatie in Rusland, met betrekking tot de ondergeschiktheid
van het EVRM ten opzichte van de Grondwet, zich tot die in andere lidstaten van de
Raad van Europa?
Antwoord 2 en 3
In essentie heeft het Russische Constitutionele Hof geoordeeld dat Rusland uitspraken
van het EHRM naast zich neer kan leggen wanneer deze in strijd zijn met de Russische
Grondwet. Een dergelijke uitspraak druist in tegen Rusland’s verdragsverplichtingen
op basis van het EVRM, waarin is bepaald dat uitspraken van het EHRM bindend zijn
voor verdragspartijen. Rusland is dan ook verplicht uitspraken van het EHRM uit te
voeren en dient bij een geconstateerde schending maatregelen te nemen. Rusland kan
zich niet aan zijn verdragsverplichtingen onttrekken met een beroep op een uitspraak
van een nationale rechter.
Ook in enkele andere lidstaten van de Raad van Europa zijn het EVRM en de protocollen
geïncorporeerd in de wetten van deze lidstaten zelf, waarmee zij de status van nationale
wetgeving hebben gekregen. Interpretatie en tenuitvoerlegging van nationale wetten,
inclusief de Grondwet, in deze landen dient evenwel zodanig te gebeuren dat steeds
kan worden voldaan aan verplichtingen onder het EVRM. Indien nationale wetten niet
verenigbaar zijn met een uitspraak van het EHRM, dient de lidstaat er zorg voor te
dragen dat de uitspraak van het EHRM wordt uitgevoerd.
Vraag 4
In welke mate moet deze uitspraak van het Russische Hof worden begrepen als een politiek
signaal van Rusland om zich verder van de Raad van Europa af te keren? Heeft u signalen
dat Rusland overweegt terug te treden uit de Raad van Europa? Zo ja, welke?
Antwoord 4
De verhouding van Rusland tot de Raad van Europa staat onder druk. Zo trok de Russische
delegatie zich eerder terug uit de Parlementaire Assemblee van de Raad, nadat de Assemblee
haar stemrecht had opgeschort naar aanleiding van de illegale annexatie van de Krim.
Voorts hebben verschillende politieke vertegenwoordigers van Rusland, waaronder Doemavoorzitter
Aleksei Poesjkov, gedreigd met opzegging van het Russische lidmaatschap van de Raad
van Europa.
Er zijn evenwel geen aanwijzingen dat Rusland daadwerkelijk overweegt terug te treden
uit de Raad van Europa. Tijdens de ministeriële bijeenkomst van de Raad van Europa
in mei heeft Minister Lavrov ook geen enkele toespeling gemaakt op een eventueel opzeggen
van het lidmaatschap van de Raad van Europa.
Vraag 5
In welke mate klopt het dat Rusland uitspraken van het EHRM altijd al weigerde uit
te voeren? Wat is uw oordeel hierover? Met welke andere lidstaten bestaan vergelijkbare
problemen?
Antwoord 5
De inschatting dat Rusland uitspraken van het EHRM altijd al weigerde uit te voeren
deel ik niet. Rusland heeft veel uitspraken van het EHRM uitgevoerd en ook door het
Hof opgelegde schadevergoedingen betaald.
Vraag 6
Deelt u de mening dat door deze ontwikkeling fundamentele rechten en vrijheden in
Rusland verder onder druk komen te staan en dat burgers zich daar steeds minder juridisch
tegen kunnen verweren? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze kan Rusland aan
zijn verplichtingen worden gehouden en kan worden bevorderd dat mensenrechten in Rusland
op de agenda blijven?
Antwoord 6
Ik deel de mening dat fundamentele rechten en vrijheden in Rusland verder onder druk
komen te staan en dat burgers zich daar steeds minder juridisch tegen kunnen verweren.
Rusland heeft zich middels tal van internationale instrumenten van onder andere de
Verenigde Naties, de Raad van Europa en de OVSE gecommitteerd aan universele mensenrechten.
Rusland kan op basis van verschillende instrumenten in verschillende fora worden aangesproken
op haar verplichtingen, zoals de Universal Periodical Review van de Mensenrechtenraad
van de VN, het Comité van Ministers van de Raad van Europa en de jaarlijkse Human
Dimension Implementation Meeting van de OVSE.
Door te blijven inzetten op dialoog met Rusland over mensenrechtenverplichtingen én
steun aan het maatschappelijk middenveld en via people-to-people contacten, probeert
Nederland de negatieve ontwikkelingen in Rusland tegen te gaan.
Vraag 7
Bent u bereid om in bilaterale contacten en/of in het verband van het Comité van Ministers
aandacht te vragen bij uw Russische collega’s voor dit punt en de bezorgdheid van
Nederland hierover over te brengen?
Antwoord 7
De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa, de heer Jagland, en de voorzitter van
de Parlementaire Assemblee, mevrouw Brasseur, hebben hun zorg geuit over de uitspraak
van het Constitutionele Hof van Rusland. Nederland deelt deze bezorgdheid en zal aandacht
blijven vragen voor deze kwestie.
X Noot
1NRC, 15 juli 2015