Vragen van het lid Bruins Slot (CDA) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de alternatieve geneeswijze «cupping» (ingezonden 8 mei 2015).

Mededeling van Minister Schippers (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 26 mei 2015)

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het artikel «Een snee, een cup, en bloed vloeit?»1

Vraag 2

Is u bekend hoeveel praktijken voor cupping er in Nederland zijn, en hoeveel patiënten hier gebruik van maken? Is er sprake van een toename, zoals in het artikel wordt beweerd?

Vraag 3

Welke gezondheidsrisico’s zijn er bekend bij cupping, en specifiek bij Hijama?

Vraag 4

Deelt u de mening van de in het artikel genoemde hoogleraar gezondheidsrecht van het Academisch Medisch Centrum dat cupping een voorbehouden handeling is, en dat het daarmee strafbaar is als deze handeling wordt uitgevoerd door cuppingtherapeuten die daar niet voor zijn opgeleid?2

Vraag 5

Zit er onderscheid tussen dry-cupping en wet-cupping, voor zover het gaat om de vraag of er al dan niet sprake is van een voorbehouden handeling?

Vraag 6

Als er sprake is van een voorbehouden handeling, moet een Hijama- of cuppingkliniek dan voldoen aan de eisen van de Wet toelating zorginstellingen?

Vraag 7

Welke instantie houdt er toezicht op dat voorbehouden handelingen niet worden toegepast buiten het reguliere circuit? In hoeverre is er een toezichtsrol weggelegd voor de GGD, de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) en/of de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)?

Vraag 8

Kan de GGD tijdens een locatiebezoek oordelen dat er sprake is van het (illegaal) verrichten van een voorbehouden handeling? Zo ja, wat kan de GGD met een dergelijk oordeel doen?3

Vraag 9

Is er, net als bij tattoo- en piercingshops, sprake van een vergunningplicht voor Hijama- en cuppingklinieken? Zo nee, wat maakt dat er voor het zetten van een tattoo of piercing wel een vergunningplicht is, en voor Hijama niet?

Mededeling

De vragen van het Kamerlid Bruins Slot (CDA) over de alternatieve geneeswijze «cupping» (2015Z08525) kunnen tot mijn spijt niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord.

De reden van het uitstel is dat voor een goede beantwoording van de vragen extra informatie nodig is van externe partijen.

Ik zal u zo spoedig mogelijk de antwoorden op de kamervragen doen toekomen.


X Noot
1

NRC-Handelsblad, 2 mei 2015

X Noot
3

RIVM, «Cupping: infectieziekten onder druk» (februari 2013).

Naar boven