Vragen van het lid VanDekken (PvdA) aan de Staatssecretaris van Economische Zaken
over de uitbreiding van een nertsenfokkerij in Haps (gemeente Cuijk) (ingezonden 17 april
2015).
Antwoord van Staatssecretaris Dijksma (Economische Zaken) (ontvangen 19 mei 2015)
Vraag 1
Bent u bekend met de aanvraag voor een vergunning voor uitbreiding van een nertsenfokkerij
in Haps (gemeente Cuijk)?1
Antwoord 1
Ja. Het betreft een vergunningaanvraag in het kader van de Natuurbeschermingswet.
Vergunningaanvragen voor een uitbreiding van een veehouderijbedrijf worden ingediend
bij de betreffende gemeente in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
en bij de provincie in het kader van de Natuurbeschermingswet.
In dit geval betreft het een besluit van gedeputeerde staten van de provincie Limburg
voor de actualisatie van een vergunning in het kader van Artikel 16/19d Natuurbeschermingswet
1998 ten behoeve van opkoop van ammoniakrechten voor de reeds sinds 15 januari 2013
bestaande situatie. Navraag bij deze provincie en de betrokken gemeente levert op
dat het hier niet gaat over een uitbreiding in aantal dieren.
Vraag 2
Is er overlegd met de omwonenden over deze uitbreiding in het kader van deze Brabantse
Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (BZV)?
Antwoord 2
Ja. Er is een dialoog gevoerd met de omgeving in het kader van de Brabantse zorgvuldigheidsscore
veehouderij (BZV).
Vraag 3
Is het waar dat het, als gevolg van de wet verbod pelsdierhouderij, verboden is uit
te breiden voor nertsenfokkers maar dat door de uitspraak van de rechter deze wet
buiten werking is gesteld?
Vraag 4
Hoe is de huidige staat van het hoger beroep tegen deze uitspraak?
Antwoord 4
De schriftelijke procedure is afgerond. Er is reeds pleidooi gevraagd. Door het gerechtshof
is voor de zitting nog geen datum bepaald.
Vraag 5
Kunnen vergunde rechten die nog niet feitelijk opgevuld zijn met nertsen, nu opgevuld
worden nu de wet buiten werking is gesteld?
Antwoord 5
De pelsdierhouders hebben bij het van kracht worden van de wet op 15 januari 2013
gegevens over het bedrijf per 15 januari 2013 gemeld bij RVO.nl. Dit is het uitgangspunt voor de overgangstermijn waar NVWA op handhaaft. Omdat de
wet buiten werking is kan de NVWA niet handhaven.
Handelen in strijd met de Wet verbod pelsdierhouderij, bijvoorbeeld door het uitbreiden
van nertsenhouderijen is echter op eigen risico. Er loopt immers nog een hoger beroepsprocedure,
omdat ik van mening ben dat de wet rechtmatig is.
Vraag 6
Hoeveel andere vergunningsaanvragen zijn er gedaan voor uitbreiding en nieuwe nertsenfokkerijen
sinds deze uitspraak? Bent u, indien nodig, bereid om in overleg te treden met de
Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) om antwoord op deze vraag te kunnen geven?
Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Het is mij niet bekend hoeveel andere vergunningsaanvragen er zijn gedaan voor uitbreiding
en nieuwe nertsenfokkerijen sinds de uitspraak van de rechter waarmee de wet buiten
werking is gesteld. Dergelijke informatie is niet bekend bij het Rijk omdat het een
bevoegdheid van de provincies en gemeenten betreft. Het verlenen van omgevingsvergunningen
is een aangelegenheid met een toetsing op milieu en bouwaspecten welke los staat van
de Wet verbod pelsdierhouderij, die op een ethische afweging is gebaseerd. Dergelijke
vergunningen kunnen, onafhankelijk van de status van de Wet verbod pelsdierhouderij
verleend worden. Zie voor de nadere uitleg ook de antwoorden op eerdere Kamervragen
(antwoorden d.d. 18 februari 2013, Vergaderjaar 2012–2013, Aanhangsel).
Of een pelsdierhouderij een uitbreidingsvergunning heeft aangevraagd en heeft gekregen
in de periode na 15 januari 2013 en daar in de praktijk naar gehandeld heeft, kan
pas blijken op het moment dat de wet weer kan worden gehandhaafd.
De wijze waarop ik op dat moment met eventueel uitgevoerde uitbreidingen om kan gaan,
zal afhangen van de uitspraak van de rechter in het hoger beroep.
Vraag 7
In hoeveel van deze gevallen is de verwachting dat de uitspraak in het hoger beroep
nog op tijd komt om deze uitbreidingen en nieuwe fokkerijen tegen te houden indien
de wet weer in werking wordt gesteld?
Antwoord 7
Het is nog niet bekend wanneer de rechter in hoger beroep uitspraak zal doen en wat
daarvan de gevolgen zijn.
Vraag 8
Welke andere stappen kunnen omwonenden, gemeente, provincie en Rijk indien nodig nemen
om deze en andere uitbreiding en nieuwe nertsenfokkerijen te voorkomen? Bent u bereid
om, indien nodig, deze stappen vanuit het Rijk te nemen? Zo ja, op welke termijn?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 8
Omwonenden, gemeente en provincie kunnen naar aanleiding van vergunningaanvragen de
gebruikelijke stappen ondernemen in het kader van het omgevingsrecht en de Natuurbeschermingswet.
Aangezien de Wet verbod pelsdierhouderij momenteel buiten werking is gesteld, kan
ik de wet op dit moment niet worden gehandhaafd. Ik wacht de uitspraak van de rechter
in hoger beroep af.
X Noot
1Limburg.nl/dsresource?objectid=45310&type=org