Vragen van de leden Van Bommel (SP) en Servaes (PvdA) aan de Minister van Buitenlandse
Zaken over het militaire optreden van onder meer Saudi-Arabië in Jemen (ingezonden
2 april 2015).
Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 16 april 2015).
Vraag 1
Bent u bekend met de berichten van mensenrechtenorganisaties en journalisten over
tientallen doden onder burgers door luchtaanvallen van onder meer Saudi-Arabië op
doelen in Jemen, onder andere een aanval op een VN-vluchtelingenkamp?1 Welk beeld heeft u hiervan?
Antwoord 1
Ja.
Het kabinet maakt zich ernstig zorgen over de vele slachtoffers die vallen als gevolg
van het voortdurende oorlogsgeweld in Jemen, alsmede de zeer ernstige humanitaire
consequenties van het conflict. Er is sprake van tekorten aan voedsel, water en medische
voorzieningen.
Volgens OCHA zijn er 311 dodelijke slachtoffers gevallen in de periode tussen 26 maart
en 7 april. De meeste slachtoffers vielen in de steden Sana’a, Aden en Al-Dhale’e.
De WHO spreekt van 614 doden en 2038 gewonden in de periode tussen 19 maart en 5 april.
Het aantal ontheemden ligt volgens UNICEF rond de 100.000, het overgrote deel (80.000)
in het zuiden.
Vraag 2
Deelt u de zorgen van o.a. Amnesty International en Human Rights Watch dat dergelijke
aanvallen mogelijk in strijd zijn met het oorlogsrecht? Indien ja, hoe spreekt u de
landen hierop aan?
Antwoord 2
Het kabinet heeft kennis genomen van genoemde berichten van Amnesty International
en Human Rights Watch. Er is op dit moment onvoldoende informatie beschikbaar om een
afgewogen oordeel te geven of de luchtaanvallen in overeenstemming met het toepasselijke
humanitair oorlogsrecht zijn uitgevoerd.
Vraag 3
Deelt u de analyse dat luchtaanvallen door de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië
bijdragen aan verdere escalatie van het conflict in Jemen? Indien neen, waarom niet?
Antwoord 3
Er is al lange tijd in Jemen sprake van een instabiele situatie. Op basis van een
initiatief van de landen van de Gulf Cooperation Council, waaronder Saoedi-Arabië,
en onder aanvoering van de VN, werd lange tijd gewerkt aan een inclusief politiek
proces dat alle partijen omvat en dat beoogde de weg te bereiden voor politieke, sociale
en economische hervormingen.
De verdere militaire opmars van de Houthi’s in maart, toonde aan dat zij niet open
stonden voor een politieke oplossing. Met de aanval op Aden raakte een politieke oplossing
nog verder uit het zicht. President Hadi heeft toen de internationale gemeenschap
gevraagd militair in te grijpen. Dit vormde de aanleiding voor de militaire interventie
onder leiding van Saoedi-Arabië.
De interventie is niet zonder risico’s. Proportionaliteit is van groot belang, burgerdoden
moeten worden vermeden, en internationaal recht moet worden nageleefd. Het kabinet
is van mening dat de Houthi’s zo spoedig mogelijk hun wapens moeten neerleggen om
een nog verdere escalatie te voorkomen. Alle partijen moeten terugkeren naar de onderhandelingstafel.
Vraag 4
Hoe beoordeelt u berichten dat een Saudisch grondoffensief aanstaande is?2
Antwoord 4
Het kabinet heeft kennis genomen van persberichten waarin wordt geschreven dat een
grondoffensief zou worden voorbereid. Saoedi-Arabië heeft verklaard een grondoffensief
niet uit te sluiten. Het kabinet heeft geen aanwijzingen dat de coalitie onder leiding
van Saoedi-Arabië hiertoe op korte termijn wil overgaan.
Vraag 5
Bent u bereid om bilateraal en in EU-verband op te roepen tot een direct staakt-het-vuren
zodat teruggekeerd kan worden naar onderhandelingen onder leiding van de VN?
Antwoord 5
Nederland is van mening dat dit conflict niet opgelost kan worden met militaire middelen.
Nederland zal, met internationale partners, aandringen op een politieke oplossing
met betrokkenheid van alle partijen. De partijen moeten terug naar de onderhandelingstafel,
onder leiding van de VN, op een neutrale locatie.
Nederland zal dit voortdurend blijven uitdragen, in Europees verband en in consultaties
met regionale partners. De Raad Buitenlandse Zaken zal op 20 april waarschijnlijk
ook over Jemen spreken. Nederland zal bij die gelegenheid bovengenoemde boodschappen
herhalen.
Vraag 6
Kunt u uw antwoorden toelichten en deze vragen spoedig beantwoorden?