Vragen van de leden Öztürk en Fokke (beiden PvdA) aan de Ministers van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties en van Economische Zaken over het betaalgedrag van gemeenten.
(ingezonden 17 juli 2014)
Antwoord van Minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), mede namens
de Minister van Economische Zaken (ontvangen 22 augustus 2014)
Vraag 1
Bent u op de hoogte van de berichtgeving over de bevindingen van de Nationale ombudsman
over gemeenten die op grote schaal te laat betalen?1
Antwoord 1
Ja. In de brief van de Minister van Economische Zaken aan de Tweede Kamer over betaaltermijnen
bij de rijksoverheid en de lokale overheden d.d. 4 juli 20142 wordt ook naar dit onderzoek van de Ombudsman verwezen.
Vraag 2
Waarom houden veel gemeenten zich niet aan de wet, die sinds maart 2013 zegt dat binnen
30 dagen betaald moet worden?
Antwoord 2
De enquête van de ombudsman was gericht op de oorzaken achter de te lange betaaltermijnen.
Van de 192 gemeenten die op de enquête van de Nationale ombudsman reageerden, bleek
43% conform de norm (90% van de rekeningen zijn binnen 30 dagen voldaan) te betalen.
De belangrijkste interne oorzaken voor het niet op tijd betalen zijn onder andere
dat er onvoldoende prioriteit aan tijdige accordering wordt gegeven; er meerdere budgethouders
zijn en daarmee een groter risico op vertraging; of dat de budgethouder niet aanwezig
is en niet vervangen wordt. De belangrijkste externe oorzaken betreffen de geleverde
prestatie. Die is niet volledig of niet volgens afspraak. Ook komt het vaak voor dat
de factuur niet klopt.3
Vraag 3
Is het waar dat 57% van de gemeenten zich niet aan de wettelijke betaaltermijn houdt?
Antwoord 3
Dit is de conclusie die de ombudsman trekt uit de uitgevoerde enquête. Uit de reacties
blijkt dat 57% van de 192 gemeenten die hebben gereageerd, aangeeft de «90% op tijd-norm»
(nog) niet te halen.
Andere onderzoekers benaderen de gegevens vanuit een andere invalshoek en komen tot
afwijkende conclusies. Onderzoeksbureau Dun & Bradstreet, dat het betaalgedrag van
gemeenten volgt in opdracht van MKB-Nederland, komt tot de conclusie dat in 2013 77%
van de rekeningen door gemeenten op tijd is betaald.4 Voor D&B is de in de overeenkomst afgesproken betaaltermijn daarbij leidend. Die
is overigens bij veel gemeenten aanmerkelijk korter dan 30 dagen. De VNG geeft overigens
aan het door de Ombudsman geschetste beeld niet te herkennen (zie ook het volgende
punt).
Vraag 4
Deelt u de mening dat dit niet alleen vervelend is voor de ondernemers die hier last
van hebben, maar ook slecht is voor de economie?
Vraag 5
Wat gaat u hieraan doen in de richting van de gemeenten?
Antwoord 5
Op dit moment is onvoldoende eenduidige en gestructureerde informatie beschikbaar
over het betaalgedrag van gemeenten. Zoals is aangekondigd in de brief die de Minister
van Economische Zaken mede namens mij aan de Kamer heeft gestuurd5, wordt een monitor opgezet waarmee inzicht kan worden verkregen in de betaaltermijnen
van de gemeenten. Deze openbare «monitor gemeentelijke betaaltermijnen» wordt in samenwerking
met de VNG en het Kwaliteitsinstituut van de Nederlandse gemeenten (KING) opgezet.
U wordt hierover uiterlijk eind oktober geïnformeerd, zoals toegezegd in voornoemde
brief.
Vraag 6
Heeft u de mogelijkheid om bij gebleken betalingsachterstanden ook de betalingen vanuit
het Gemeentefonds later te doen plaatsvinden?
Antwoord 6
Nee, van opschorten van de bevoorschotting van de algemene uitkering uit het gemeentefonds
kan alleen sprake zijn als gemeenten niet voldoen aan hun informatieverplichting uit
hoofde van Informatie voor derden (Iv3) en het verantwoordingssysteem voor specifieke
uitkeringen (Sisa).
Vraag 7
Wilt u in overleg treden met de VNG om mogelijke maatregelen te bespreken?
Antwoord 7
Overleg met de VNG (en KING) is al gaande in het kader van de ontwikkeling van voornoemde
monitor gemeentelijke betaaltermijnen.
Vraag 8
Wilt u hierin de mogelijkheid bespreken om een circulaire of brief aan alle gemeenten
te versturen, waarin gewezen wordt op de eerder genoemde wettelijke betalingstermijn?
Antwoord 8
Uit het onderzoek van de Ombudsman en het onderzoek van Dun en Bradstreet blijkt niet
dat er bij de gemeenten onduidelijkheid bestaat over de wettelijke betaaltermijnen.
Ook andere contacten met gemeenten en de VNG wijzen niet in die richting. Ik zie op
dit moment geen reden om een zodanige brief of circulaire te sturen.
Vraag 9
Kunt u de Kamer zo spoedig mogelijk, en uiterlijk over 3 weken, informeren over de
voortgang in dit dossier?
Antwoord 9
In de eerder genoemde brief inzake betaaltermijnen is aan u toegezegd dat de Kamer
uiterlijk eind oktober opnieuw wordt geïnformeerd over dit dossier.
X Noot
2Brief regering d.d.4 juli 2014 met Kamerstuknummer 2014Z13006
X Noot
5Brief regering d.d.4 juli 2014 met Kamerstuknummer 2014Z13006