Vragen van het lid Van Tongeren (GroenLinks) aan de Minister van Economische Zaken
over het bericht «Zoektocht naar olielek in Duitse Amtsvenn bij Enschede ook tijdens
Pasen» (ingezonden 30 april 2014).
Antwoord van Minister Kamp (Economische Zaken) (ontvangen 4 juni 2014)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Zoektocht naar olielek in Duitse Amtsvenn bij Enschede
ook tijdens Pasen»?1
Vraag 2
Deelt u de mening dat de veiligheid van ondergrondse olieopslag in zoutcavernes in
het geding is door het bekend worden van de lekkage van olie uit een zoutcaverne in
het Duitse natuurgebied Amtsvenn nabij Enschede? Zo ja, wat gaat u daaraan doen? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 2
De lekkage van olie in het natuurgebied Amtsvenn is ernstig. Dit soort situaties moet
voorkomen worden. Het is echter niet zo dat hierdoor de veiligheid van ondergrondse
olieopslag in het algemeen in twijfel moet worden getrokken.
In Nederland moeten opslagprojecten voldoen aan strenge eisen. Er gelden hier dezelfde
eisen als bij winning in de gas- en olie-industrie. Nederland stelt internationaal
gezien hoge eisen op dit gebied. Zo is er een speciaal monitoringsplan geëist van
de vergunninghouder om te borgen dat de olie niet weglekt.
Vraag 3
Bent u, naar aanleiding van deze nog onopgehelderde lekkages in Duitsland, bereid
nader onderzoek te laten verrichten naar de bodemveiligheid bij deze vorm van opslag
in zoutcavernes? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Voor mijnbouwactiviteiten ligt het bevoegd gezag bij mij. Staatstoezicht op de Mijnen
(SodM) is adviseur en toezichthouder, onder verantwoordelijkheid van mij. SodM kijkt
onder andere naar veiligheid, gezondheid, milieu, doelmatige winning en bodembewegingen.
In de vergunningprocedure voorafgaand aan opslag wordt onder andere een risicoanalyse
uitgevoerd om alle mogelijke oorzaken van olielekkage in kaart te brengen en maatregelen
te nemen om dergelijke lekkages te voorkomen en de «bodemveiligheid» te garanderen.
SodM beoordeelt deze analyse. Daarnaast moet de operator jaarlijks een meetplan indienen
bij SodM en regelmatig monitoringsresultaten aan SodM rapporteren. Op zichzelf zijn
de vergunde opslaglocaties in Nederland veilig om gebruikt te worden. Aanvullend onderzoek
acht ik dan ook niet nodig.
Vraag 4
Deelt u de mening dat, in afwachting van het Duitse onderzoek naar de lekkages van
de zoutcavere, de vergunning van AKZO om olie op te slaan in cavernes onder Enschede
zou moeten worden geschorst? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Nee. Op dit moment wordt er nog geen gasolie (diesel) in de cavernes gepompt. AkzoNobel
is bezig met voorbereidende werkzaamheden. AkzoNobel heeft aangegeven pas diesel in
de cavernes op te slaan als duidelijk is dat een lekkage als in Duitsland niet kan
optreden bij de gasolieopslag in Enschede.
In het antwoord op vraag 5 van de leden Omtzigt, Agnes Mulder en Geurts (Aanhangsel
Handelingen, vergaderjaar 2013–2014, nr. 2192) heb ik aangegeven dat het in Duitsland gaat om een lekkage in de verbuizing van
het boorgat en dat er belangrijke technische verschillen zijn tussen het betreffende
boorgat in Duitsland en het boorgat van de geplande opslag in Enschede. Ik zie op
dit moment ook geen aanleiding om de voorbereidende werkzaamheden van AkzoNobel stil
te leggen of de vergunningen in te trekken. De situatie in Duitsland wordt op de voet
gevolgd door mijn ministerie en SodM.
De voor de gasolieopslag benodigde Omgevingsvergunning is in oktober 2013 aan AkzoNobel
verleend. Dit besluit is op 1 april van dit jaar onherroepelijk geworden.
Op 25 februari 2014, dus ruim voordat er in Duitsland sprake was van een lekkage,
heeft AkzoNobel een wijziging aangevraagd. Deze is door mij verleend. De wijziging
behelst een grotere voorziening voor de noodopvang van gasolie bij een bovengrondse
calamiteit. AkzoNobel wil natuurlijk afgewerkte, vloeistofdichte noodopvangvoorziening
aanleggen met een afmeting van 10 bij 100 meter en een effectieve diepte van ca. 50
cm om opvang te garanderen van de totale hoeveelheid uitstromende gasolie bij beschadiging
van de olieput door aanrijding of door andersoortige beschadiging van de olieput (bijvoorbeeld
door vandalisme). Hierdoor ontstaat een opvangcapaciteit van ruim 400 m3. Daarnaast wordt de uitrit ter plaatse van caverne 472 gewijzigd, deze komt verder
van de openbare weg (Staalsteden) te liggen. Deze vergunning heeft alleen betrekking
op de bovengrondse faciliteiten en is aangevraagd voor de vondst van het lek in Duitsland
en staat daar los van.
Indien ik op enig moment noodzaak zie tot ingrijpen, kan ik op grond van artikel 50
van de Mijnbouwwet, in gevallen van ernstige aantasting van de bescherming van de
veiligheid, het milieu of in gevallen van beweging van de aardbodem, maatregelen voorschrijven.
Deze bevoegdheid is gemandateerd aan de Inspecteur Generaal der Mijnen. Ook houdt
SodM toezicht bij de bouw. Als er niet volgens het werkprogramma wordt gewerkt kan
de toezichthouder ingrijpen, met als laatste middel het stilleggen van de werkzaamheden.