Vragen van de leden Bisschop (SGP) en Segers (ChristenUnie) aan de Minister van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties over de stijging van de grafrechten (ingezonden 4 april
2014).
Antwoord van Minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (ontvangen
25 april 2014).
Vraag 1
Hebt u kennisgenomen van het bericht dat de grafkosten sinds 2013 weer fors gestegen
zijn?1 Is het waar dat er bij grafkosten prijsverschillen zijn tot 7.500 euro?
Antwoord 1
Ik heb kennisgenomen van het onderzoek van Dela. De conclusies uit het onderzoek zijn
inmiddels deels door Dela aangepast. De aanpassing is positief: het tariefverschil
tussen de goedkoopste en duurste gemeentelijke begraafplaats is minder groot dan aanvankelijk
gedacht. Deze is nu bijgesteld tot € 6.500,–.
Vraag 2
Wat vindt u van deze ontwikkeling?
Antwoord 2
Het vaststellen van de gemeentelijke grafrechten is een autonome bevoegdheid en verantwoordelijkheid
van de gemeenteraad. De afweging over de hoogte van de tarieven kan het beste lokaal
worden gedaan. Er zijn veel aspecten die de hoogte van de tarieven beïnvloeden, zoals
de historische kostprijs van de grond van de begraafplaats, de bodemgesteldheid, het
aanbod, mate van dienstverlening, kosten van onderhoud, en personeel, aanwezigheid
van alternatieven, en dergelijke. Allemaal elementen die een gemeenteraad meeweegt
bij het bepalen van het tarief. Belangrijk daarbij is echter dat wettelijk is bepaald
dat de grafrechten maximaal kostendekkend mogen zijn.
Vraag 3
Op welke wijze toetst u of gemeenten geen tarief hanteren dat hoger is dan ten hoogste
de daadwerkelijke kosten?
Antwoord 3
Omdat het gaat om lokale heffingen, heeft het Rijk geen bemoeienis met de hoogte van
de tarieven. Indien een belanghebbende aan wie de grafrechten worden berekend van
mening is dat deze te hoog zijn vastgesteld kan tegen de aanslag bezwaar worden aangetekend
bij de betreffende gemeente. Mocht dat niet leiden tot een bevredigend resultaat kan
daarna eventueel beroep worden ingesteld bij de rechter.
Vraag 4
Hoe komt het dat er tot op heden nog geen sprake is van een transparant overzicht
van de kosten die gemeenten doorberekenen?
Antwoord 4
Het Rijk heeft in 2010 de «handreiking leges en tarieven« gepubliceerd daarin wordt
precies aangegeven welke kosten kunnen worden doorberekend als het gaat om retributieve
heffingen. Op dit moment wordt deze handreiking door Deloitte in opdracht van het
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geactualiseerd. We verwachten
de herziene versie nog voor de zomer zal worden gepubliceerd. Deze publicatie is zowel
beschikbaar voor gemeenten als voor andere belanghebbenden en is te vinden op de website
van het ministerie. Deze handreiking kan worden gebruikt bij het beoordelen van de
juistheid van de tarieven.
Jaarlijks publiceert ook het CBS een overzicht van de ontwikkeling van de lokale lasten
(gebaseerd op primitieve begrotingen). Daarin worden de grafrechten opgenomen onder
de overige gemeentelijke heffingen (de hondenbelasting, de forensenbelasting, de reclamebelasting,
de baatbelasting, de roerendezaakbelasting, de begraafplaatsrechten en de marktgelden).
Uit het persbericht van het CBS van 21 januari 2014, blijkt dat de overige heffingen
in 2014 slechts met 0,5% stijgen ten opzichte van 2013.
Vraag 5
Bent u bereid om in overleg te gaan met gemeenten om te komen tot een matiging van
de tarieven voor grafrechten en meer inzicht in de wijze waarop gemeenten hun tarieven
bepalen?
Antwoord 5
Nee, zie vraag 2
Vraag 6
Is u bekend waarom er in het COELO-onderzoek2 over lokale lasten de kosten van de grafrechten niet zijn meegenomen?
Antwoord 6
Het Coelo rapport dat in opdracht van het Rijk wordt gepubliceerd bekijkt alleen de
macro opbrengsten en kijkt niet naar kosten van individuele gemeenten. De focus ligt
met name op de woonlasten. In de Coelo atlas worden daarnaast per gemeente de tarieven
geïnventariseerd. De grafrechten vallen in de categorie overige heffingen (p. 28 van
het Coelo rapport). Macro gezien stijgen de overige heffingen volgens het COELO niet,
vandaar dat er vooralsnog geen reden is voor het rijk om deze nauwkeuriger te monitoren.
De grote verschillen in lokale situaties maken een verdere analyse van de grafrechten
lastig en daarom is besloten dit over te laten aan de lokale democratie en deze niet
op te nemen in de rapportage.
Vraag 7
Bent u bereid te bevorderen dat in dit COELO-onderzoek ook de lokale lasten inzake
begraven worden meegenomen?
Antwoord 7
Nee, zie vraag 6.
Vraag 8
Deelt u de mening dat voorkomen moet worden dat mensen alleen vanwege de sterk gestegen
kosten de keuze moeten maken voor een crematie? Bent u bereid gemeenten hierop aan
te spreken?
Antwoord 8
Nee, zie vraag 2
X Noot
1«Prijsverschil gemeentelijk graf opgelopen tot bijna € 7.500. Ontwikkeling grafkosten
aan het zicht onttrokken», nav onderzoek Dela, 2 april 2014
X Noot
2Onderzoek van het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden