Vragen van het lid Helder (PVV) aan de Minister van Veiligheid en Justitie over de
berichten «Tieners roven impulsief en voor de kick» en «Stoere straatrover in de cel
vaak een grienend jochie» (ingezonden 6 januari 2014).
Antwoord van Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 30 januari 2014).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2013–2014, nr. 1057.
Vraag 1
Kent u de berichten «Tieners roven impulsief en voor de kick» en «Stoere straatrover
in de cel vaak een grienend jochie»?1 2 Klopt het wat hierin vermeld wordt? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 1
Deze berichten ken ik. Het beeld dat daarin wordt geschetst is herkenbaar.
Vraag 2
Deelt u de mening dat straatrovers jonger dan 16 jaar keihard aangepakt en bestraft
moeten worden? Zo ja, welke maatregelen gaat u hiertoe nemen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Het terugdringen van de zogenaamde High Impact Crimes (HIC) waaronder straatroven,
is een van mijn topprioriteiten. De laatste jaren heb ik fors geïnvesteerd in een
integrale aanpak van HIC. Dit heeft geleid tot een aanzienlijke daling van onder meer
het aantal overvallen en straatroven en tot een aanzienlijke stijging van de ophelderingspercentages
van deze vormen van criminaliteit. Het aantal straatroven is de afgelopen twee jaren
met bijna 20% gedaald, terwijl het aantal aangehouden verdachten in dezelfde periode
met bijna 60% is gestegen.
Zowel meerderjarige als minderjarige daders van strafbare feiten worden hard aangepakt
en bestraft, ook wanneer het minderjarigen betreft die jonger zijn dan 16 jaar. Het
jeugdstrafrecht biedt daarvoor voldoende mogelijkheden. Bij de geïntensiveerde aanpak
van jeugdcriminaliteit wordt de repressieve aanpak gecombineerd met interventies op
het terrein van bijvoorbeeld zorg, preventie en openbare orde, de zogenaamde integrale
meersporenaanpak. Die aanpak richt zich dus niet alleen op de persoon, maar ook op
de sociale omgeving van deze persoon (gezin, familie, vrienden). Uit onderzoek is
gebleken dat deze aanpak de meest effectieve is. Daarnaast wordt de zogenaamde patseraanpak
als strafrechtelijke interventie ingezet. Hiermee wordt crimineel verworven vermogen
afgepakt. Overigens zijn mijn inspanningen er ook op gericht te voorkomen dat minderjarigen
die de leeftijd van twaalf jaar nog niet hebben bereikt, de zogenaamde 12-minners,
crimineel worden.
Vraag 3 en 4
Bent u bereid in 2014 nu eens een keertje te laten zien dat u een minister bent van
de stevige aanpak, door niet alleen in woorden uw afschuw uit te spreken, maar door
minderjarig straattuig keihard aan te pakken en te regelen dat veertien- en vijftienjarige
daders van misdrijven ook onder het volwassenen strafrecht kunnen vallen? Zo nee,
waarom niet? Bent u in dat geval bereid dit persoonlijk uit te komen leggen aan de
slachtoffers van de straatrovers?
Deelt u de mening dat dit straattuig zich nooit vrijwillig mag melden bij de politie,
maar standaard geboeid moet worden meegenomen naar het politiebureau en altijd voor
de rechter moet verschijnen? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen om dit zo snel
mogelijk te regelen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3 en 4
Ik zie in de leeftijd van de straatrovers -zoals bedoeld in het krantenartikel- geen
aanleiding de in antwoord 2 beschreven aanpak verder te verstevigen. De mogelijkheden
om stevig en zorgvuldig in te grijpen in dit criminele gedrag zijn toereikend en worden
succesvol ingezet. Overigens zou het toepassen van het volwassenen strafrecht op 14-
en 15-jarigen in strijd zijn met het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het
Kind. Het standaard toepassen van de instrumenten die in vraag 4 worden voorgesteld
staan op gespannen voet met dit kinderrechtenverdrag. Bij de inzet van dergelijke
instrumenten moet immers rekening worden gehouden met de persoon, de ontwikkelingsfase
van de minderjarige en de ernst van het gepleegde strafbare feit.
Vraag 5
Deelt u de mening dat het succes van de straatroventeams bevestigt wat de PVV al jaren
zegt, namelijk dat harder optreden wel degelijk helpt om recidive te voorkomen? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 5
Snel en hard optreden gecombineerd met de integrale meersporenaanpak is, zoals beschreven
in het antwoord op vraag 2, de meest effectieve aanpak.
Vraag 6
Bent u bereid om dergelijke straatroventeams wegens gebleken succes landelijk in te
voeren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Het is niet aan mij maar aan de lokale driehoek (burgemeester, politie en Openbaar
Ministerie) om te bepalen hoe de politiecapaciteit wordt ingezet, afhankelijk van
de ernst van de lokale veiligheidsproblematiek. Er is dan ook geen sprake van een
landelijk netwerk van straatroventeams. Afgezien van in Den Haag werkt men ook in
andere gemeenten, zoals Utrecht en Almere, met straatroventeams. Deze teams verrichten
overigens niet alleen opsporingsactiviteiten, maar ook toezichtactiviteiten.
Vraag 7
Bent u bereid het verschrikkelijke adolescentenstrafrecht, op grond waarvan volwassenen
tot en met 22 jaar volgens het jeugdstrafrecht berecht kunnen worden, terug te draaien?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 7
Het adolescentenstrafrecht biedt de mogelijkheid bij jongvolwassenen een stevige aanpak
te combineren met een gericht sanctiearsenaal, waarbij meer dan voorheen rekening
wordt gehouden met de persoon, de ontwikkelingsfase van de dader en de ernst van het
strafbare feit. Ik ben daarom niet van plan mijn voornemen tot invoering van het adolescentenstrafrecht
terug te draaien. Het blijft overigens mogelijk 16- en 17-jarigen volgens het volwassenenstrafrecht
aan te pakken.
X Noot
1Algemeen Dagblad, 3 januari 2014
X Noot
2Algemeen Dagblad, 3 januari 2014