Vragen van de leden Recourt en Kerstens (beiden PvdA) aan de ministers van Veiligheid
en Justitie en van Economische Zaken over de gebrekkige handhaving van de wet controle
rechtspersonen en faillisementsfraude (ingezonden 6 november 2012).
Antwoord van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie), mede namens de minister
van Economische Zaken (ontvangen 19 december 2012). Zie ook Aanhangsel Handelingen,
vergaderjaar 2012–2013, nr. 653.
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het artikel «Toezicht Justitie op bedrijven werkt niet»?1
Vraag 2, 3 en 4
Bent u van mening dat het een ernstige zaak is dat veroordeelde faillissementsfraudeurs
opnieuw rechtspersonen zoals besloten vennootschappen (bv's), naamloze vennootschappen
(nv's) en/of stichtingen op kunnen richten, ondanks het feit dat de op 1 juli 2011
in werking getreden Wet controle rechtspersonen en het daaraan gekoppelde computersysteem
Radar zulks beogen uit te sluiten? Zo nee, waarom niet?
Is het waar dat voornoemd computersysteem momenteel alleen bv's en nv's controleert?
Zo ja, wat is daar de reden voor en wanneer is de controle op andere rechtspersonen
een feit?
Kunt u verklaren waarom met behulp van bedoeld toezichtsysteem tot op heden slechts
een tiental meldingen aan instanties als De Nederlandse Bank, de Autoriteit Financiële
Markten, de belastingdienst en/of de politie zijn doorgegeven (in plaats van de honderden
waarvan u zelf destijds uitging)? Is dat omdat het systeem onvoldoende functioneert,
omdat de pakkans bij faillissementsfraude te klein is of omdat faillissementsfraude
volgens u veel minder voorkomt dan de media veronderstellen?
Antwoord 2, 3 en 4
Het toezicht op rechtspersonen is, in overleg met de toezichthoudende en opsporende
instanties, beperkt en beheerst gestart en is zoveel mogelijk toegesneden op de behoefte
van de afnemende partijen. Dit heeft gevolgen gehad voor de aard en omvang van het
aantal meldingen dat aan de afnemende partijen is verzonden. Sinds de inwerkingtreding
van de Wet controle op rechtspersonen is veel aan het systeem verbeterd. Vanaf 1 juli
2011 zijn er ca. 650 risicomeldingen op verzoek en informatieverzoeken aan partijen
verzonden.
Het klopt niet dat alleen B.V.»s en N.V.»s worden gecontroleerd door het systeem Radar.
Vooralsnog leiden alleen wijzigingen bij B.V.»s en N.V.»s tot een automatische analyse
in Radar. Bij wijzigingen in B.V.»s en N.V.»s zijn vaak andere soorten rechtspersonen
betrokken. Deze rechtspersonen worden vervolgens in de analyse betrokken. Radar heeft
dus al wel de mogelijkheid om andere rechtspersonen te controleren. Mede in overleg
met de afnemende partijen is vanuit een beperkte en beheerste start begonnen met de
screening van B.V’s en N.V.»s. Over de vraag wanneer de wijzigingen bij andere rechtspersonen
onderdeel van de automatische analyse worden is nog geen besluit genomen.
Vraag 5
Bent u van mening dat het een slechte zaak is als computersysteem Radar (zoals in
het artikel in kwestie wordt beweerd) in plaats van de ingeschatte 3,5 mln. euro inmiddels
18,7 mln. heeft gekost, terwijl het nu volgens het artikel onvoldoende en in ieder
geval onvolledig functioneert?
Antwoord 5
De 18,7 miljoen betreft de totale kosten voor de herziening van het toezicht op rechtspersonen
over de periode 2006 tot heden. De totale kosten zijn in de loop der jaren herijkt
zoals ook is weergegeven in het Rijks ICT-dashboard. De kostenstijging is het gevolg
van hoge complexiteit in de realisatie én aanvullingen op het programma van eisen
voor het systeem Radar. Er is geen sprake van een onvolledig functioneren van het
systeem Radar.
Vraag 6
Erkent dan wel herkent u de in het aangehaalde artikel impliciet gedane bewering dat
bedoelde wetgeving niet aan het beoogde doel bereikt en feitelijk een papieren tijger
is? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Nee, het doel van de Wet controle op rechtspersonen is een bijdrage leveren aan de
voorkoming en bestrijding van misbruik van rechtspersonen. Door middel van de zogenaamde
risicomeldingen en het verstrekken van informatie op verzoek, worden toezichthoudende
en opsporende instanties als het Openbaar Ministerie en de Belastingdienst in staat
gesteld over te gaan tot opsporing en vervolging van (rechts)personen. Uit terugkoppeling
van de afnemers blijkt dat de verstrekte risicomeldingen waardevol en bruikbaar zijn.
Vraag 7
Kunt u aangeven op welke wijze een goede werking van computersysteem Radar thans wordt
gewaarborgd? Op welke wijze wordt ervoor gezorgd dat in alle gevallen registratie
plaatsvindt? Op welke wijze vindt vervolgens handhaving c.q. controle plaats?
Antwoord 7
Het succes van Radar staat of valt met goede, heldere en bruikbare risicomeldingen
waarmee afnemende partijen onder meer faillissementsfraude kunnen opsporen en vervolgen.
In overleg met de afnemende partijen worden gezamenlijk prioriteiten vastgesteld.
In de Wet controle op rechtspersonen is bepaald dat de afnemende partijen registreren
en terugkoppelen wat zij met de risicomeldingen hebben gedaan.
Vraag 8
Bent u van mening dat uit de nieuwe voorbeelden van faillissementsfraude die steeds
in de media naar voren komen, de noodzaak blijkt om de faillissementswetgeving en/of
de handhaving ervan te herzien? Zo ja, welke stappen bent u voornemens daartoe te
zetten? Zo nee, waarom niet, mede gelet op de zeer grote bedragen die met faillissementsfraude
gemoeid zijn?
Antwoord 8
Ik verwijs hiervoor naar de brief over de aanpak van faillissementsfraude, die ik
uw Kamer op 27 november 2012 heb gestuurd.
X Noot
1Financieel Dagblad van 5 november