Vragen van het lid Jadnanansing (PvdA) aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de aansluiting van hbo’ers op de arbeidsmarkt (ingezonden 15 november 2012).

Antwoord van minister Bussemaker (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 5 december 2012).

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van berichtgeving over een onderzoek naar de aansluiting van het hoger beroepsonderwijs (hbo) op de arbeidsmarkt?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Hoe beoordeelt u de conclusie dat hbo-studenten nu in onvoldoende mate aansluiting vinden op de vraag op de arbeidsmarkt?

Antwoord 2

Ik constateer dat de aansluiting van het hbo op de arbeidsmarkt voldoende is. Uit het onderzoek «hbo studenten niet klaar voor de arbeidsmarkt» blijkt dat studenten en bedrijven de aansluiting van het hbo op de arbeidsmarkt gemiddeld met een 6,5 beoordelen. Ook blijkt uit de HBO-monitor 2011 dat studenten over het algemeen tevreden zijn met de aansluiting; ruim drie kwart van de studenten geeft aan dat de aansluiting tussen de gevolgde opleiding en hun functie voldoende of goed is2.

Wel is versterking van de aansluiting van belang. In de Strategische Agenda voor het Hoger Onderwijs en Onderzoek is aangegeven dat de samenwerking en/of aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt en de arbeidsmarktrelevantie van opleidingen zal worden verbeterd. Dit gebeurt onder andere door: zorg te dragen voor betere arbeidsmarktinformatie ten behoeve van de studiekeuze van studenten, het criterium arbeidsmarktrelevantie zwaarder te wegen bij de bekostiging van nieuwe opleidingen, het onderwijsaanbod en praktijkgericht onderzoek sterker te laten aansluiten bij de behoefte van het werkveld, door bijvoorbeeld Centres of Expertise gericht te stimuleren.

Ook in het Regeerakkoord «Bruggen slaan» wordt het belang van een goede aansluiting tussen onderwijs en de arbeidsmarkt onderkend. Het kabinet zet dan ook in op verbetering en versterking van de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt door: (1) de succesvolle samenwerking tussen bedrijfsleven, regio’s en overheid, in het kader van het topsectorenbeleid, voort te zetten, (2) het sluiten van een Techniekpact 2020 en (3) middelen vrij te maken om de samenwerking tussen bedrijven en kennisinstellingen verder te stimuleren.

Tot slot ben ik van mening dat versterking en verbetering van samenwerking alleen tot stand komt als beide partijen, in het bijzonder het bedrijfsleven, hun verantwoordelijkheid nemen.

Vraag 3

Deelt u de mening dat de aansluiting van toekomstig afgestudeerde hbo’ers op de arbeidsmarktvraag om nadrukkelijke verbetering en een gerichte beleidsaanpak vraagt?

Antwoord 3

Zie antwoord op vraag 2.

Vraag 4

Bent u bereid om de Kamer binnen afzienbare tijd (in ieder geval voor 1 mei 2013) te informeren over concrete verbeterpunten die gezocht kunnen worden op het terrein van verdere  kwaliteitsverbetering in het hbo, een verbeterde match tussen vraag en aanbod van studenten op de arbeidsmarkt, een verbetering van het aantal arbeidsmarktrelevantie van opleidingen en voldoende praktijkmogelijkheden voor studenten en praktijkkennis bij docenten? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 4

Gezien de maatregelen die op het gebied van samenwerking en aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt worden genomen, acht ik het momenteel niet nodig om aanvullende acties te ondernemen.


X Noot
1

«HBO studenten niet klaar voor arbeidsmarkt» – persbericht dd. 13-11-2012

http://perssupport.nl/apssite/persberichten/full/2012/11/13/HBO+studenten+niet+klaar+voor+arbeidsmarkt

X Noot
2

HBO-Monitor 2011: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo

Naar boven