Vragen van het lid Bouwmeester (PvdA) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn
en Sport over het sluiten van de afdeling klinische verloskunde in Meppel (ingezonden
5 november 2012).
Antwoord van minister Schippers (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 16 november
2012)
Vraag 1
Bent u op de hoogte van het bericht dat de afdeling klinische verloskunde van Zorgcombinatie
Noorderboog heeft besloten vanaf 1 januari 2013 geen bevallingen meer te laten plaatsvinden
in het Diaconessenhuis in Meppel?1 Wat is uw reactie?
Antwoord 1
Ja, zie mijn antwoord op vraag 2 van de leden Bruins Slot en Agnes Mulder (vraagnummer
2012Z18761). Van belang is dat ook na het besluit wordt voldaan aan de randvoorwaarden voor
kwaliteit en bereikbaarheid. De IGZ ziet hierop toe.
Vraag 2
Vindt u de voorwaarden die de raad van bestuur heeft gesteld, binnen 45 minuten in
een ziekenhuis kunnen zijn en goede samenwerkingsafspraken tussen verloskundigen en
gynaecologen, voldoende of zijn er meer voorwaarden waaraan goede verloskundige zorg
volgens u moet voldoen?
Antwoord 2
Goede verloskundige zorg moet voldoen aan de vigerende wet- en regelgeving en aan
de veldnormen. Daaronder zijn begrepen de 45 minutennorm en goede samenwerkingsafspraken
in het gehele netwerk rond moeder en kind, maar bijvoorbeeld ook de beschikbaarheid
van voldoende mensen en middelen (conform de Kwaliteitswet Zorginstellingen).
Vraag 3 en 4
Kunt u van beide voorwaarden aangeven waarom de raad van bestuur van mening is dat
eraan wordt voldaan op 31 december 2012, in hoeverre er nu aan voldaan wordt of dat
nog maatregelen c.q. ontwikkelingen moeten plaatsvinden vóór 31 december 2012? Wat is de
mening van verloskundigen en gynaecologen over het al dan niet aan deze voorwaarden
voldoen?
Is het volgens alle betrokkenen mogelijk om binnen twee maanden aan alle voorwaarden
te voldoen om de kwaliteit van klinische verloskunde in de regio te garanderen? Welke
maatregelen dienen daartoe in de regio genomen te worden? Kan van ieder van die voorwaarden
( zoals het inrichten van ambulanceposten, samenwerkingsafspraken enz.) aangegeven
worden wat de stand van zaken is en op welke wijze ervoor gezorgd zal worden dat op
31 december aan alle voorwaarden is voldaan?
Antwoord 3 en 4
Zie mijn antwoord op vraag 11 van de leden Bruins Slot en Agnes Mulder (vraagnummer
2012Z18761).
Vraag 5
Kan aangegeven worden waarom het satellietmodel zoals voorgesteld door de Verloskundigen
Kring Meppel en omstreken niet genoeg bevallingen opleverde voor het ziekenhuis Meppel? Op
grond van welke overwegingen is in het rapport Blijham geconcludeerd dat het satellietmodel
niet voldoet? Welke gevolgen zou het satellietmodel hebben voor de kwaliteit? Welke
gevolgen zou het satellietmodel hebben voor de doelmatigheid en de kosten?
Antwoord 5
Zie mijn antwoord op vraag 5 van de leden Bruins Slot en Agnes Mulder (vraagnummer
2012Z18761).
Vraag 6
Op welk andere plaatsen in Nederland wordt op dit moment gesproken over concentratie
van verloskundige zorg en sluiting van afdelingen verloskunde?
Antwoord 6
De IGZ heeft in 2011 geïnventariseerd welke ziekenhuizen concentratie van verloskundige
zorg overwogen. Daaruit bleek dat in november 2011 de helft van de ziekenhuizen nadacht
over concentratie, al dan niet met concrete plannen. De IGZ gaf daarbij nadrukkelijk
aan dat het een momentopname was van een veld dat sterk in beweging is. Ik heb u de
bevindingen van de IGZ, met mijn reactie, toegezonden op 1 maart 2012 (CZ/TSZ-3106339).
Er zijn mij geen recentere gegevens bekend.
Vraag 7
Kan aangegeven worden waarmee het College Perinatale Zorg (CPZ) nu bezig is en welke
rol het CPZ heeft gespeeld in Meppel? Welke invloed heeft het CPZ gehad op de gang
van zaken in Meppel? Welke activiteiten heeft het CPZ uitgevoerd rond de gang van
zaken in Meppel? Wat is de stand van zaken ten aanzien van de taak van het CPZ om
een landelijk dekkend netwerk tot stand te brengen van goed functionerende samenwerkingsverbanden
in Nederland?
Antwoord 7
Het CPZ heeft actief de regio Meppel bezocht en daar een inventarisatie van standpunten,
discussies en mogelijkheden uitgevoerd. Zij heeft vastgesteld dat de mogelijkheden
voor de toekomst onvoldoende met alle betrokkenen zijn verkend om toekomstbestendige
verloskundige zorg te leveren in de regio, waren volgens het CPZ aanvullende, nieuwe
afspraken nodig. Mede door de inbreng van het CPZ zagen alle partijen dit als hun
verantwoordelijkheid en is het proces opnieuw opgepakt, waarbij alle betrokken partijen
dit nieuwe proces met open vizier zijn ingegaan. Mede op advies van het CPZ is een
extern procesbegeleider aangesteld die met de geldende normen als uitgangspunt het
gesprek met betrokkenen over een gezamenlijke oplossing is aangegaan.
Voor de stand van zaken ten aanzien van het landelijk dekkende netwerk verwijs ik
naar mijn antwoord op vraag 8 van de leden Bruins Slot en Agnes Mulder (vraagnummer
2012Z18761).
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Bruins Slot
en Agnes Mulder (beiden CDA), ingezonden 5 november 2012 (vraagnummer 2012Z18761)
X Noot
1Skipr, 2 november 2012