Vragen van het lid Omtzigt (CDA) aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het artikel «Pensioenpremie gaat voor 17% op aan kosten» en het onderliggende rapport van adviesbureau LCP (ingezonden 3 oktober 2012).

Antwoord van staatssecretaris De Krom (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) (ontvangen 23 oktober 2012)

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het artikel «Pensioenpremie gaat voor 17% op aan kosten» en het onderliggende rapport van LCP?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Hoever is de pensioensector (pensioenfondsen en verzekeraars) met het inzichtelijk maken van de kosten voor haar deelnemers? Hebben zij het recht om te weten hoeveel kosten gemaakt worden door hun pensioenuitvoerder, waarbij zij verplicht aangesloten zijn?

Antwoord 2

In antwoord op vraag 4 en vraag 9 van het lid Vermeij (2012Z16647) heb ik aangegeven hoe het implementatietraject verloopt.

Deelnemers hebben door publicatie van de kosten en een toelichting op de wijze waarop de kosten tot stand zijn gekomen in het jaarverslag en/of op de website de mogelijkheid om inzicht te krijgen in de kosten die hun pensioenuitvoerder maakt.

Vraag 3

Deelt u de mening dat een deelnemer aan een pensioenregeling op een gemakkelijke wijze inzicht dient te hebben in de totale kosten die ten laste gebracht worden van het pensioenvermogen?

Antwoord 3

Ja, ik ben van mening dat publicatie in het jaarverslag en/of website de deelnemers een gemakkelijke toegang biedt.

Vraag 4

Welke stappen zult u nemen om de kosten van zowel de tweede als de derde pijler transparant te maken voor de deelnemer?

Antwoord 4

Zoals ik in antwoord op vraag 9 van het lid Vermeij (2012Z16447) heb aangegeven ben ik van mening dat wat betreft de tweede pijler pensioenfondsen het afgelopen jaar een grote stap hebben gezet in het verhogen van de transparantie van de uitvoeringskosten. Binnen zeer korte tijd hebben pensioenfondsen verhoogde inzage in kosten gegeven door het op een uniforme wijze weer te geven. Daarnaast is met name meer inzicht in vermogensbeheerkosten en transactiekosten verkregen en wordt dit tevens in het jaarverslag van pensioenfondsen gepubliceerd. De sector heeft laten zien dat zij het onderwerp voortvarend heeft opgepakt. Ik zie geen aanleiding om verdere stappen te ondernemen.

Voor individuele pensioenproducten in de derde pijler is de afgelopen jaren een duidelijke ontwikkeling naar meer transparantie waarneembaar. De klant wordt op verschillende momenten door de verzekeraar geïnformeerd over de kosten van het product. Zo wordt voor het aangaan van de overeenkomst een model met specifieke informatie over de beleggingsverzekering geleverd. Verder kan de klant de financiële bijsluiter en productwijzers raadplegen op de website van de verzekeraar. Tijdens de looptijd ontvangt de klant jaarlijks een waardeopgave van zijn verzekering. De voorgeschreven modellen en bijsluiters zijn afgestemd op de behoefte van de klant en getoetst op begrijpelijkheid.

Toelichting:

Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Vermeij (PvdA), ingezonden 3 oktober 2012 (vraagnummer 2012Z16647)


X Noot
1

Financieel Dagblad, 2 oktober 2012

Naar boven