Vragen van het lid Gesthuizen (SP) aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
en de ministers van Veiligheid en Justitie en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
over de uitspraken van een internist over het medisch beroepsgeheim en vreemdelingen
(ingezonden 15 juli 2013).
Antwoord van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie), mede namens de minister
van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (ontvangen 30 augustus 2013)
Vraag 1, 2, 3, 4 en 6
Wat is uw reactie op het bericht dat de politie de rechten van vreemdelingen schendt
op de Spoedeisende Hulp?1 Handhaaft u ondanks dit bericht uw antwoorden van 17 juni 2013 op eerdere vragen?2 Zo ja, waarom? Zo nee, op welke wijze zou u op dit moment de vragen hebben beantwoord?
Kunt u reageren op de drie casussen? Gaat u onderzoek doen naar de wijze waarop hier
is omgegaan met de rechten van de patiënt en het medisch beroepsgeheim?
Klopt het dat wekelijks door de politie de eigen afspraken met ziekenhuizen worden
overtreden? Zo ja, waarom? Zo nee, op welke wijze wordt er dan uitvoering gegeven
aan de betreffende convenanten en de handreiking «Beroepsgeheim en politie/justitie»
van de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG)?
Welke concrete gevallen leiden volgens u tot schending van het medisch beroepsgeheim?
Is dit in lijn met de convenanten die met de ziekenhuizen zijn afgesloten en met de
KNMG-handreiking «Beroepsgeheim en politie/justitie»? Zo nee, waarom niet?
Deelt u de vrees van artsen dat zieke asielzoekers en vreemdelingen wegens wantrouwen
jegens autoriteiten niet snel vrijuit zullen praten, wat onwenselijk is voor de medische
behandeling? Zo ja, welke consequenties trekt u hieruit? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 1, 2, 3, 4 en 6
In elke eenheid van de politie zijn afspraken gemaakt tussen medische instellingen
in dat gebied, de politie en het Openbaar Ministerie. In veel gevallen is ook een
medisch convenant getekend. Ook hebben de instellingen contactpersonen aangewezen.
Deze afspraken worden periodiek geëvalueerd. Waar de gemaakte afspraken onvoldoende
worden nageleefd, dienen deze in het gesprek tussen de instellingen, de politie en
het OM aan de orde te komen. Zolang deze afspraken en de onderlinge evaluatie goed
wordt uitgevoerd deel ik niet de vrees dat personen zich belemmerd zullen voelen in
het zich uiten jegens artsen. Ik deel niet de opvatting dat er sprake is van structurele
problematiek.
Of het handelen van de betrokken medewerkers in deze specifieke casus professioneel
is geweest hangt mede af van de concrete beoordeling van de omstandigheden van het
geval. Met de auteur van het artikel zal contact worden opgenomen. Indien immers afspraken
onvoldoende zijn nagekomen, is het van belang om hierover goed in gesprek te zijn,
teneinde te bezien of en zo ja waar verbetering nodig is.
Vraag 5
Erkent u dat agenten en medewerkers van de Dienst Vervoer en Ondersteuning (DV&O)
geen beroepsgeheim hebben en dat dit ertoe kan leiden dat medische gegevens van zieke
vreemdelingen vroeg of laat openbaar kunnen worden? Kunt u toelichten wat er precies
met de medische gegevens gebeurt en hoe u eventuele openbaring en daarmee privacyschending
zult voorkomen?
Antwoord 5
De medewerkers van DV&O dragen zorg voor bewaking en hebben een algemene zorgplicht
tijdens het ziekenhuisbezoek. Ook zij hebben een geheimhoudingsplicht. Zij zijn op
grond van artikel 125a lid 3 van de Ambtenarenwet verplicht de informatie, waarvan
zij bij de uitoefening van hun functie kennisnemen, geheim te houden. Hoewel deze
geheimhoudingsplicht een andere wettelijke basis heeft dan de geheimhoudingsplicht
van de hulpverleners in de gezondheidszorg, die geregeld is in de artt. 7:457 BW en
88 Wet BIG, brengt ook deze geheimhoudingsplicht mee dat de DV&O-medewerkers de medische
gegevens waarvan zij eventueel kennisnemen, niet aan derden mogen verstrekken. Na
het ziekenhuisbezoek communiceert alleen de specialist in het ziekenhuis met de medische
professionals van de betreffende inrichting. Op deze wijze wordt openbaarmaking van
medische gegevens en privacyschending van vreemdelingen voorkomen.
Vraag 7 en 8
Bent u bereid te bekijken of het mogelijk is dat er een gemeenschappelijk opleidingsprogramma
voor politie en medici komt over het medisch beroepsgeheim en bijbehorend belangenconflict?
Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid om in overleg te treden met medici en politie over betreffende problematiek?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 7 en 8
Zoals aangegeven bij de beantwoording van vraag 1, 2, 3, 4 en 6 deel ik niet de opvatting
dat er sprake is van een probleem dat op structurele basis voorkomt. Wel acht ik het
van belang dat medische instellingen, de politie en het Openbaar Ministerie in de
verschillende eenheden met elkaar in gesprek treden indien door één van de partijen
wordt geconstateerd dat afspraken niet worden nagekomen. Ook zal de politie in contact
treden met de auteur van het artikel.
X Noot
1Dr. Jan Hulshof, «Medisch Beroepsgeheim onder druk. Politie schendt rechten patiënt
op SEH», Medisch Contact, 11 juli 2013
X Noot
2Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2012–2013, nr. 2578