Vragen van de leden Recourt en Oosenbrug (beiden PvdA) aan de staatssecretaris van
Veiligheid en Justitie en de minister van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties
over het gebruik van DigiD door bewindvoerders ten gunste van hun klanten (ingezonden
19 juni 2013).
Antwoord van staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie) mede namens de minister
van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (ontvangen 10 juli 2013)
Vraag 1
Bent u bekent met de problematiek rond het gebruik van DigiD door bewindvoerders ten
gunste van hun klanten? Zo ja, op welke manier heeft u dit probleem ter hand genomen?
Antwoord 1
Ja. Eén van de organisaties van professionele bewindvoerders heeft bij brief aan de
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en recent ook aan mij, om
aandacht gevraagd voor het feit dat overheidsdienstverleners in toenemende mate hun
dienstverlening langs digitale weg aanbieden, maar dat zij als bewindvoerder niet
de mogelijkheid hebben om langs digitale weg, met DigiD, het beheer voor de rechthebbenden
uit te voeren. Voor het overige verwijs ik naar het antwoord op de vragen 3, 4 en
5.
Vraag 2
Is het waar dat bewindvoerderskantoren standaard op hun aanvraagformulier vragen naar
de DigiD-inloggegevens? Zo ja, wat is uw mening daarover?
Antwoord 2
Bij de twee organisaties van professionele bewindvoerders is nagevraagd of bewindvoerderskantoren
standaard formulieren gebruiken waarin cliënten gevraagd wordt hun DigiD-inloggegevens
te verstrekken. Dat blijkt bij enkele kantoren het geval te zijn. Voor het overige
verwijs ik naar het antwoord op de vragen 3, 4 en 5.
Vraag 3, 4 en 5
Acht u het wenselijk dat bewindvoerders onbeperkt toegang hebben tot inloggegevens
van hun cliënten en zodoende wijzigingen kunnen doorvoeren voor de onderbewindgestelde?
Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?
Bent u van mening dat bewindvoerders op enig moment toegang moeten hebben tot het
DigiD-account van onderbewindgestelden, omdat toeslagen bij de belastingdienst moeten
worden aangevraagd of contact gelegd moet worden met het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
(UWV), zorgverzekeraars, gemeente en Rijksdienst wegverkeer (RDW)? Zo nee, waarom
niet? Zo ja, op welke manier zullen deze handelingen verricht moeten worden?
Deelt u de mening dat het tegenstrijdig is dat aan de ene kant bewindvoerders toegang
moeten hebben tot het DigiD-account van hun cliënt en aan de andere kant onderbewindgestelden
hun persoonlijke inloggegevens niet mogen afstaan aan derden? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3, 4 en 5
DigiD is een persoonsgebonden authenticatiemiddel waarmee personen hun identiteit
langs elektronische weg kunnen bewijzen. Dienstaanbieders moeten erop kunnen vertrouwen
dat de persoon die een dienst wil afnemen ook werkelijk de persoon is die hij zegt
te zijn. Omdat DigiD een persoonsgebonden middel is, is het niet wenselijk dat bewindvoerders
een appèl doen op rechthebbenden om hun inloggegevens te verstrekken. Bovendien is
het scala aan diensten dat met DigiD kan worden benaderd breder dan de handelingen
die een bewindvoerder kan of mag uitvoeren. Een onderbewindgestelde kan voor tal van
handelingen handelingsbekwaam zijn of blijven.
Sinds eind 2010 bestaat de dienst DigiD Machtigen. Het oogmerk van DigiD Machtigen
is om op gecontroleerde wijze het digitaal handelen voor een ander te faciliteren.
De huidige functionaliteit van DigiD Machtigen ondersteunt het machtigen van een ander
op basis van een eigen wilsuiting. Deze dienst is thans operationeel voor de aangifte
van inkomstenbelasting. Andere dienstverleners, zoals UWV, RDW en zorgverzekeraars,
zijn hierop nog niet aangesloten. Dit betekent dat in situaties waarin machtiging
aan de orde is, de dienstverlening nog langs papieren weg zal moeten verlopen.
Momenteel onderzoekt het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
in samenwerking met diverse ministeries en uitvoeringsorganisaties welke andere vormen
van machtiging en (wettelijke) vertegenwoordiging wenselijk zijn, mede met het oog
op de doelstelling van Digitaal 2017. Het machtigen van bewindvoerders om voor hun
klanten digitale diensten af te nemen is onderdeel van het lopende onderzoek.
Vraag 6
Heeft u overleg met de Branchevereniging van Professionele Bewindvoerders en Inkomensbeheerders
(BPBI) over deze problematiek? Zo ja, op welke wijze vindt dit overleg plaats en wat
is de uitkomst van dit overleg? Zo nee, bent u bereid om samen met de BPBI tot een
oplossing te komen?
Antwoord 6
De Branchevereniging van Professionele Bewindvoerders en Inkomensbeheerders (BPBI)
en de Beroepsvereniging voor Professionele (beschermings)Bewindvoerders (NBPB) worden
uitgenodigd voor een overleg. Doel van het overleg is te spreken over de doorontwikkeling
van DigiD Machtigen. Daarvoor zijn een solide infrastructuur en technische voorzieningen
nodig, maar vooral ook de betrokkenheid van gebruikers.
Vraag 7
Deelt u de mening dat thans de mogelijkheid bestaat dat bewindvoerders kunnen frauderen
met het DigiD-account van onderbewindgestelden? Heeft u signalen dat dit ook daadwerkelijk
gebeurt?
Antwoord 7
Bewindvoerders hebben tot taak om de belangen van de rechthebbenden te behartigen.
Wij beschikken niet over aanwijzingen dat hierbij, in het bijzonder in relatie tot
het gebruik van DigiD, wordt gefraudeerd.