Vragen van het lid PiaDijkstra (D66) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn
en Sport over het bericht dat honderden huisartsen gedwongen onveilige software gebruiken
(ingezonden 5 juni 2013).
Antwoord van minister Schippers (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 25 juni
2013).
Vraag 1
Wat is uw reactie op het bericht «Huisartsen gedwongen tot gebruik uiterst onveilige
Java-versie»?1
Antwoord 1
Achtergrond van het artikel op Tweakers.net is de volgende. ICT-leverancier Promedico
heeft een deel van haar klanten geadviseerd om nog even te wachten met de nieuwste
update van Java. De reden hiervoor was dat deze nieuwste versie van Java een probleem
opleverde bij het gebruik van de UZI-pas. Het advies betrof dan ook alleen Promedico-klanten
die een UZI-pas gebruiken. Volgens Promedico zijn dat 134 praktijken. Promedico heeft
aangegeven dat sinds maandagavond 3 juni een update voor de klanten beschikbaar is.
De Promedico-klanten die gebruik maken van een UZI-pas hebben hun systeem inmiddels
kunnen aanpassen.
Vraag 2
Deelt u de mening dat het dwingen tot uitstel van een securitypatch een veiligheidsrisico
met zich meebrengt, omdat reeds bekende veiligheidsproblemen in de software niet verholpen
worden?
Antwoord 2
Dat zou inderdaad onwenselijk zijn. Het is de verantwoordelijkheid van de zorgaanbieders
en de leveranciers om informatiesystemen adequaat te beveiligen, zodat veilige en
betrouwbare gegevensuitwisseling mogelijk is.
Softwareleveranciers hanteren over het algemeen release-planningen zodat klanten niet
te pas en te onpas met aanpassingen worden geconfronteerd. Voor wat betreft de situatie
waarover het artikel handelt, geldt het volgende. Promedico heeft na de release van
april het probleem geconstateerd. Besloten is om de oplossing te prioriteren voor
de eerstvolgende release. Deze release stond in de release-planning voor 6 juni. Promedico
heeft dit onderdeel maandagavond 3 juni, in een aparte release aan haar klanten beschikbaar
gesteld.
Vraag 3
Klopt het dat via deze veiligheidsproblemen computers in theorie overgenomen kunnen
worden, en dat daardoor patiëntendossiers mogelijk door onbevoegden kunnen worden
ingezien?
Antwoord 3
Het is Promedico niet bekend dat met de betreffende Java versie computers kunnen worden
overgenomen. Echter in deze Java versie zaten wel de nodige security issues. De Java
update heeft betrekking op de PC van de arts die met het centrale systeem Promedico-ASP
werkt. Promedico heeft aangegeven dat bij Promedico-ASP de patiëntgegevens niet op
het systeem van de arts staan, maar dat alle patiëntgegevens staan opgeslagen in beveiligde
datacenters. Inloggen in de dossiers is beveiligd met middelen als Digi-pas en UZI
pas. In de datacenters wordt gebruik gemaakt van firewalls om hacken te voorkomen.
Alle gegevens worden versleuteld verzonden van datacenter naar de arts.
Vraag 4
Deelt u de mening dat bij het verwerken van medische gegevens een dergelijke situatie
niet voor zou mogen komen, en dat hiermee niet wordt voldaan aan wettelijke eisen
voor gegevensbescherming?
Antwoord 4
Dit is inderdaad geen wenselijke situatie. Het is aan het College Bescherming Persoonsgegevens
(CBP) te beoordelen of in een dergelijke situatie wordt voldaan aan de wettelijke
eisen voor gegevensbescherming.
Vraag 5
Kunt u toelichten waar de verantwoordelijkheid voor adequate gegevensbescherming in
dergelijke situaties ligt? Ligt die verantwoordelijkheid bij de huisarts, of juist
bij de leverancier?
Antwoord 5
De zorgaanbieder is op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens verantwoordelijk
voor een veilige verwerking van de gegevens van zijn patiënten. De noodzakelijke beveiligingseisen
zouden in de afspraken (de zogenaamde bewerkersovereenkomst) tussen zorgaanbieders
en ICT-leveranciers duidelijk vastgelegd moeten zijn.
Vraag 6
Hoe gaat u dergelijke situaties in de toekomst voorkomen?
Antwoord 6
ICT leveranciers moeten met de zorgaanbieders het beheer en onderhoud van hun systemen
zo vormgeven, dat de kans op dergelijke situaties minimaal is. Het CBP ziet toe op
het naleven van deze verantwoordelijkheden op basis van de Wet Bescherming Persoonsgegevens.
Specifiek voor de gezondheidszorg is de combinatie van bijzondere functionele eisen
aan de informatievoorziening («een overal bereikbaar patiëntdossier») met bijzondere
risico’s (soms levensbedreigend, zeer privacygevoelig). Hiervoor is voor de informatiebeveiliging
in de zorg een speciale norm opgesteld: NEN 7510. De NEN 7510 geeft aanwijzingen voor
het organisatorisch en technisch inrichten van de informatiebeveiliging. NEN 7510
wordt verder ingevuld door NEN 7512 en NEN 7513, die respectievelijk handelen over
de veiligheid van gegevensuitwisseling tussen partijen en logging. In de toelichting
bij het wetsvoorstel cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens is
aangegeven dat naar deze NEN-normen bij algemene maatregel van bestuur dwingend zal
worden verwezen (Tweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 33 509, nr. 3).