Vragen van het lid Maij (PvdA) aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
over de behandeling van homoseksuele asielzoekers (ingezonden 3 mei 2013).
Antwoord van staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 20 juni 2013).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2012–2013, nr. 2415.
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Homoseksuele asielzoeker in Nederland slecht
behandeld»?1
Vraag 2
Wat is uw reactie op het rapport van COC Nederland over de positie en behandeling
van homoseksuele asielzoekers?2
Antwoord 2
Medewerkers bij de uitvoerende diensten, zowel COA, IND als DT&V, zetten zich in voor
een zorgvuldige, juridisch juiste en humane behandeling van vreemdelingen. Aan kwetsbare
groepen, waaronder LHBT’s, wordt extra aandacht besteed. Op basis van de aanbevelingen
uit het onafhankelijk onderzoek van Deloitte naar de situatie van kwetsbare groepen,
waaronder LHBT’s, in de opvang, is in overleg met het COC een plan van aanpak opgesteld.
Alle aanbevelingen uit het rapport zijn of overgenomen of in overleg met het COC aangepast.
Met het COC hebben in 2012 gesprekken plaatsgevonden waarin kon worden aangegeven
wat het COC nog miste in de aanpak van het COA. Ook in 2013 zullen suggesties van
het COC onderwerp van gesprek zijn.
De veiligheid van LHBT’s wordt, mede door het realiseren van de aanbevelingen uit
het rapport, in de vreemdelingenketen zoveel mogelijk gegarandeerd. Het is echter
wel van belang een realistisch beeld te behouden. Een volledig en in alle situaties
voorkómen van incidenten kan niet gegarandeerd worden, niet in de maatschappij in
het algemeen en ook niet in opvangcentra.
Vraag 3, 4, 5
Bent u bereid de suggesties, om de asielprocedure LHBT-vriendelijker3 te maken, over te nemen?
Welke gegevens zijn u bekend omtrent de homovijandigheid in asielzoekerscentra? Acht
u het noodzakelijk homoseksuele asielzoekers in asielzoekerscentra beter te beschermen?
Zo ja, welke maatregelen neemt u daartoe?
Welke signalen over discriminatie van en vijandigheid jegens homoseksuele asielzoekers
door medewerkers van uw diensten, zoals het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers en
de (tolken van de) Immigratie- en Naturalisatiedienst herkent u? Welke aanpassingen
bent u bereid te doen om te waarborgen dat homoseksuele asielzoekers zich gedurende
de gehele asielprocedure voldoende veilig en beschermd voelen?
Antwoord 3, 4, 5
De IND heeft diverse maatregelen genomen om de asielprocedure voor LHBT’s op zorgvuldige
wijze in te richten. Van de medewerkers wordt een objectieve, onderzoekende houding
gevraagd ten aanzien van de beoordeling van de geloofwaardigheid van het asielrelaas.
Onderzoek naar de (gestelde) homoseksuele gerichtheid vindt plaats door het stellen
van vragen. De IND acht het van groot belang om hierbij mensenrechten, zoals het recht
op privacy en het verbod op discriminatie, zorgvuldig in acht te nemen. Asielzoekers
hebben de mogelijkheid om een klacht in te dienen indien er onverhoopt door een medewerker
een grens wordt overschreden bij het stellen van vragen. De IND heeft echter gedurende
de afgelopen jaren geen klachten ontvangen waarin werd gesteld dat de IND te ver was
gegaan in de vraagstelling ten aanzien van de seksuele gerichtheid. Ik ben dan ook
van mening dat de beoordeling over de geaardheid van een gestelde LHBT zorgvuldig
plaatsvindt.
Juist omdat de IND er veel aan gelegen is om de benadering en beoordeling van LHBT’s
waar mogelijk nog verder te verbeteren, zijn en worden de IND hoor- en beslismedewerkers
op verschillende aspecten die van belang zijn bij het horen en interpreteren van verklaringen
getraind. Een belangrijk aspect hierbij is ook het creëren van een veilige (hoor)omgeving
zodat de asielzoeker het vertrouwen heeft om zijn daadwerkelijke motieven naar voren
te brengen. Deze behoefte blijkt ook uit het rapport van het COC. De IND is zich hiervan
bewust en probeert zoveel mogelijk de voorwaarden te scheppen om een dergelijke omgeving
te bieden. In het kader van het optimaliseren van de verschillende facetten op dit
specifieke terrein is de IND in 2012 een samenwerkingsverband aangegaan met het project
Pink Solutions van het COC.
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 2, is op basis van de aanbevelingen uit
het onafhankelijk onderzoek van Deloitte naar de situatie van kwetsbare groepen, waaronder
LHBT’s, in de opvang, in overleg met het COC een plan van aanpak opgesteld. Alle aanbevelingen
uit het rapport zijn ofwel overgenomen ofwel in overleg met het COC aangepast. Op
deze wijze ben ik van mening dat de veiligheid van LHBT’s in de opvang zoveel mogelijk
gegarandeerd wordt
Bij de IND zijn er in de afgelopen twee jaar geen meldingen bekend inzake veiligheidsincidenten
of discriminatie. Navraag bij het lokatiemanagement van alle opvanglocaties leert
dat er circa 90 gevallen van (mogelijke) discriminatie van LHBT’ers in het jaar 2012
bekend zijn, welke volgens het reguliere protocol afhandeling incidenten verder zijn
afgehandeld.
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Schouw en
Pia Dijkstra (beiden D66), ingezonden 3 mei 2013 (vraagnummer 2013Z08962).
X Noot
3LHBT staat voor Lesbisch, Homo, Biseksueel en Transgender