Vragen van het lid Van Ojik (GroenLinks) aan de minister van Buitenlandse Zaken over
de introductie van separate buslijnen voor joodse Israëli’s en Palestijnen (ingezonden
18 maart 2013).
Antwoord minister Timmermans (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 3 mei 2013).
Vraag 1
Bent u ervan op de hoogte dat de Israëlische regering onlangs separate buslijnen heeft
geïntroduceerd, waarmee Palestijnen en joodse Israëli’s, waaronder kolonisten, gescheiden
van de Westelijke Jordaanoever naar Israël reizen?1
Antwoord 1
Ja. Ik heb kennis genomen van de invoering van twee buslijnen voor Palestijnen die
naar Israël reizen om daar te werken. De Israëlische autoriteiten hebben toegezegd
dat de reeds bestaande buslijnen onverminderd toegankelijk blijven voor Palestijnen.
Nederland gaat er vanuit dat Israël deze toezegging gestand doet.
Vraag 2
Heeft u kennisgenomen van berichten dat Palestijnen bij checkpoints of bushaltes in
bezet Palestijns gebied door Israëlische soldaten uit een reguliere bus worden gehaald,
hun identiteitspapieren moeten tonen, niet mogen doorreizen en vervolgens gesommeerd
worden kilometers te lopen naar een andere checkpoint of bushalte om aldaar een aparte
bus te nemen?2
Antwoord 2
Ja. De regering gaat er op dit moment vanuit dat het om incidenten gaat.
Vraag 3
Klopt het dat het gescheiden busvervoer geïntroduceerd is na aandrang van kolonisten?
Antwoord 3
Het is mij bekend dat kolonisten hebben aangedrongen op de introductie van gescheiden
busvervoer. Ongeacht de motivatie die mogelijk ten grondslag ligt aan de introductie
van de nieuwe buslijn houdt Nederland Israël aan de toezegging dat de reeds bestaande
buslijnen onverminderd toegankelijk blijven voor Palestijnen.
Vraag 4
Klopt het dat Palestijnen met een vergunning voor toegang tot Israël volgens de Israëlische
wet het recht hebben aldaar openbaar vervoer te gebruiken?
Vraag 5
Heeft u kennisgenomen van de reactie van de Israëlische krant Haaretz, die de separate
buslijnen heeft gekwalificeerd als «racistische segregatie» en «een onderdeel van
een apartheid benadering»?3 Wat vindt u van deze kwalificaties?
Antwoord 5
De regering heeft hiervan kennisgenomen. De berichtgeving geeft aanleiding om de situatie
kritisch te blijven volgen.
Vraag 6
Deelt u de opvatting van Haaretz dat de segregatie bij busvervoer «deel is van een
meer principiële scheiding tussen de [Israëlische en Palestijnse] bevolkingen die
tot uiting komt op bijna alle terreinen», waaronder de toewijzing van bouwland, verschillende
rechtssystemen, de ongelijke verdeling van hulpbronnen en discriminatoire voorschriften
bij reizen?4 Wilt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 6
De regering deelt de zorgen over de gesignaleerde verschillen in behandeling. Israël
heeft als bezettende mogendheid de plicht om de belangen van de Palestijnse bevolking
in overeenstemming met het humanitair oorlogsrecht te behartigen. Israël is daarnaast
gehouden om de mensenrechten van eenieder die binnen zijn rechtsmacht valt te verzekeren.
Daaronder valt het verbod op discriminatie.
Vraag 7
Hoe beoordeelt u de introductie van separaat busvervoer door de Israëlische regering,
mede in het licht van het feit dat Israël volgens samenwerkingsafspraken met de Europese
Unie gehouden is democratische principes en mensenrechten te eerbiedigen?
Antwoord 7
De regering houdt Israël aan de gemaakte samenwerkingsafspraken alsook aan andere
internationaalrechtelijke verplichtingen, waaronder humanitair oorlogsrecht en mensenrechten.
De regering zal die positie ook in EU-verband blijven uitdragen.
Vraag 8
Gaat u zich, bilateraal en in Europees verband, inzetten om de Israëlische autoriteiten
te bewegen het separate busvervoer op te heffen en andere discriminatoire praktijken
te beëindigen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 8
Mocht blijken dat de nieuwe buslijnen – in strijd met de toezegging door Israël –
leiden tot ongelijke behandeling, dan wel inperking van de bewegingsvrijheid van de
Palestijnse bevolking, dan zal Nederland bilateraal en in EU-verband ervoor pleiten
dat dit systeem wordt aangepast.