Vragen van het lid Hachchi (D66) aan de minister van Infrastructuur en Milieu over
de stijging van de waterschapslasten in 2013 met meer dan 5% (ingezonden 21 maart
2013).
Antwoord van minister Schultz van Haegen-Maas Geesteranus (Infrastructuur en Milieu)
(ontvangen 3 april 2013)
Vraag 1
Bent u bekend met het overzicht van de waterschapsbelastingen in 2013 van de Unie
van Waterschappen?1
Vraag 2
Herinnert u zich de motie van het lid Van Veldhoven waarin de regering wordt verzocht
om er op toe te zien dat de hoogte van de waterschapslasten zich slechts in lijn met
de inflatie ontwikkelt en om de kamer tijdig te informeren indien de lasten in een
waterschap met meer dan 5% dreigen te stijgen.
Antwoord 2
Ja. Met deze brief die antwoord geeft op de vragen wordt eveneens voor de tweede keer
uitvoering gegeven aan het verzoek in de motie om u te informeren.
Ik wil hierbij benadrukken dat het niet aan mij, maar aan de besturen van de waterschappen
zelf is om de tarieven vast te stellen en te bepalen wat nodig en aanvaardbaar is.
Vraag 3
Heeft u gezien dat voor een meerpersoonshuishouden de waterschapsbelasting in de waterschappen
Vallei & Veluwe en Aa & Maas in 2013 met meer dan 5% stijgt?
Vraag 4
Zijn er ook waterschappen waar eenpersoonshuishoudens met een belastingstijging van
meer dan 5% geconfronteerd worden? Zo ja, welke waterschappen zijn dat en hoeveel
is deze belastingstijging?
Antwoord 4
Het overzicht van de waterschapsbelastingen in 2013 van de Unie van Waterschappen
gaat niet specifiek in op veranderingen voor eenpersoonshuishoudens. In het verleden
is namelijk gekozen om te rapporteren over zes groepen (profielen) huishoudens en
bedrijven die het meest representatief zijn, eenpersoonshuishoudens zitten niet in
deze selectie. De Unie van Waterschappen heeft de informatie voor eenpersoonshuishoudens
op dit moment ook niet beschikbaar. Het doorrekenen zou ook meer tijd kosten dan nu
beschikbaar is (zie vraag 7).
Vraag 5
Kunt u uitleggen waarom de lasten in deze waterschappen in 2013 met meer dan 5% gestegen
zijn?
Antwoord 5
Op de website van Belastingsamenwerking Oost-Brabant (http://www.bs-ob.nl) wordt uitgebreid ingegaan op de verhoging van de tarieven van de waterschapsbelasting
2013 van waterschap Aa en Maas. Onder meer wordt ingegaan op landelijke autonome ontwikkelingen
die buiten de macht van het waterschap liggen (landelijke cao afspraken, BTW-tarieven
e.d.), economische ontwikkelingen (waardeontwikkeling onroerende zaken/Wet WOZ) en
bedrijfseconomische ontwikkelingen. Specifiek voor de situatie bij waterschap Aa en
Maas is het in het verleden afbouwen van overtollige reserves. Waar het waterschap
in voorgaande jaren nog kon putten uit reserves om de waterschapsbelastingen laag
te houden, kan dat in 2013 niet meer omdat de reservepot inmiddels leeg is.
Waterschap Vallei en Veluwe is dit jaar uit een fusie van twee waterschappen ontstaan.
Het waterschap geeft hierover op zijn website zelf aan dat de fusie positieve effecten
in de vorm van besparingen zal brengen door doelmatiger waterbeheer, alsmede in de
organisatie zoals lagere bestuurskosten, reductie van personeel en huisvesting. Bij
een fusie is het wel zo dat de kosten voor de baten uitgaan. De besparingen worden
dan ook niet allemaal direct al in het fusiejaar gerealiseerd.
Het waterschap Vallei en Veluwe gaat op zijn website verder in op de stijging van
de belastingdruk in 2013 (5,1%) en de verwachtingen en investeringen voor de komende
jaren. Het waterschap geeft aan dat zij, om in de toekomst de taken adequaat uit te
voeren op een duurzame, veilige en efficiënte wijze, genoodzaakt is te blijven vernieuwen
en te investeren.
Vraag 6
Vindt u het ook een zorgelijke ontwikkeling dat de stijging van de belastingdruk in
sommige waterschappen in 2013 wederom boven de 5% uitkomt? Indien u dit niet vindt,
kunt u uitleggen waarom?
Antwoord 6
Als we in het overzicht van de waterschapsbelastingen in 2013 van de Unie van Waterschappen
(tabel blz. 16) kijken naar de ontwikkeling van de belastingopbrengsten van de waterschappen
in het perspectief van de overige decentrale overheden over meerdere jaren, kennen
deze de laagste stijging.
Wat betreft de stijging van de lastendruk bij de waterschappen in 2013 geldt in zijn
algemeenheid dat deze zich gemiddeld rond het voor 2013 verwachte inflatieniveau van
2,75% bevindt. In genoemd overzicht van de Unie van Waterschappen is op blz. 11 te
zien dat de stijging van de gemiddelde belastingdruk in vier van de zes groepen onder
het inflatieniveau ligt. Voorts is in bijlage 2 van het overzicht voor drie standaardprofielen
de procentuele wijziging van de lastendruk in elk waterschap ten opzichte van 2012
vermeld. Zoals is te zien blijven de meeste waterschappen onder de 5% stijging, met
enkele uitschieters naar zowel boven als beneden en zelfs bij twee waterschappen een
nominale daling.
Vraag 7
Kunt u deze vragen beantwoorden vóór de plenaire behandeling van de Wijziging van
de Waterwet (doelmatigheid en bekostiging hoogwaterbescherming) (Kamerstukken 33 465)?
Antwoord 7
Het streven is deze vragen vóór de behandeling van bovengenoemd wetsvoorstel te beantwoorden.
X Noot
1Unie van Waterschappen. «De waterschapsbelastingen in 2013. Waarom heffen de waterschappen
belastingen en wat doen ze ermee?»