Vragen van de leden Wilders, Tony van Dijck en Van Vliet (allen PVV) aan de ministers
van Financiën en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de sombere CBS-cijfers
over de werkloosheid, de huizenprijzen en het consumentenvertrouwen over de maand
januari (ingezonden 28 februari 2013).
Antwoord van minister Dijsselbloem (Financiën) mede namens de Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid (ontvangen 21 maart 2013)
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de sombere CBS-cijfers over de werkloosheid, de huizenprijzen
en het consumentenvertrouwen over de maand januari?
Vraag 2
Deelt u de conclusie dat door het vasthouden aan de 3%-grens de economische neergang
steeds verder versnelt?
Antwoord 2
Voor 2013 voorziet het kabinet een begrotingstekort van boven de 3 procent. Het woningmarktpakket
waarover kabinet met D66, ChristenUnie en SGP overeenstemming heeft bereikt betekent
in 2013 een stimulans voor de woningmarkt en bouwsector. Dit ondersteunt de kwetsbare
werkgelegenheid in deze sector. Zo wordt onder andere de btw voor onderhoud en renovatie
een jaar lang verlaagd tot 6 procent, wordt het budget voor startersleningen opgehoogd,
en draagt de overheid bij aan een revolverend fonds energiebesparing. Naast de stimulansen
van het woningpakket zal het kabinet bedrijven in staat stellen om investeringen die
dit jaar worden gedaan, versneld af te schrijven. Bij elkaar betekent dit een impuls
van ruim 800 miljoen in het lopende jaar.
Het kabinet zal verder voor 2013 de begrotingsregels handhaven; eventuele overschrijdingen
zullen binnen de begroting worden opgelost, het uitgavenplafond wordt gerespecteerd.
In aanvulling hierop worden in 2013 geen extra besparingsmaatregelen getroffen. Hierbij
houdt het kabinet rekening met de actuele economische situatie, het al omvangrijke
pakket voor 2013, de EMU-saldobelastende nationalisatie van SNS-Reaal en het beperkte
instrumentarium om de begroting van een lopend jaar te beïnvloeden.
Voor 2014 en latere jaren heeft het kabinet voorstellen gedaan om het tekort duurzaam
onder de 3 procent te brengen. Op deze manier wordt voorkomen dat de overheid te lang
boven haar stand leeft. Financièle markten houden kritisch in de gaten dat overheden
hun begroting op orde brengen.
Het op orde brengen van de overheidsfinanciën is geen doel op zich. Het is een middel
om meer ruimte te bieden voor initiatief en talent en onze voorzieningen, bijvoorbeeld
op het gebied van zorg, onderwijs en AOW, op een fatsoenlijk niveau in stand te kunnen
houden; nu maar ook in de toekomst.
Vraag 3
Deelt u de mening dat de hervormingen op het gebied van de woningmarkt, de arbeidsmarkt
en het pensioenstelsel, contraproductief zijn voor het herstel van het consumentenvertrouwen?
Antwoord 3
Voor een duurzame economische groei en werkgelegenheid is het van belang om de belangrijke
hervormingen en maatregelen uit het regeerakkoord op het gebied van de woningmarkt,
de arbeidsmarkt en het pensioenstelsel door te zetten. Hiermee versterken we het structurele
groeivermogen van onze economie en zorgen we voor duidelijkheid voor burgers en bedrijven
over de toekomstige inrichting van ons land. Dit vormt een goede basis voor de terugkeer
van vertrouwen.
Vraag 4
Wat gaat u doen om de stijgende werkeloosheid te stoppen en de koopkracht van de gedeprimeerde
belastingbetalers te versterken, zodat de koopbereidheid, de economie en het vertrouwen
de broodnodige stimulans krijgen?
Antwoord 4
De maatregelen uit het regeerakkoord hebben bij uitstek het doel het vertrouwen in
de Nederlandse economie weer te herstellen. Het kabinet doet dit onder meer door zekerheid
te bieden over de woningmarkt, door de zorg houdbaar te maken voor de toekomst en
door de AOW betaalbaar te houden. Alleen op deze manier zal Nederland de transitie
maken naar een toekomstbestendig groeimodel maken.
Tegelijkertijd vraagt de situatie op de Nederlandse arbeidsmarkt nadrukkelijk om aandacht
en actie van het kabinet. Daarom werkt het kabinet, in samenspraak met de sociale
partners, aan versterking van de Nederlandse economie waardoor de kansen op werk voor
iedereen worden vergroot. Op korte termijn leidt de verslechterde economische situatie
tot een snel oplopende werkloosheid. Voor mensen die hun baan verliezen of wiens baan
onzeker is, zijn dit zware tijden. Het kabinet heeft daarom extra middelen uitgetrokken
voor de ondersteuning van zowel jongere als oudere werklozen in 2013 en 2014. Daarnaast
heeft het kabinet sociale partners gevraagd om sectorale plannen in te dienen. In
deze sectorale plannen kunnen sociale partners afspraken maken over bijvoorbeeld van-werk-naar-werk
trajecten. Het kabinet is bereid om, onder voorwaarden, deze sectorale plannen via
cofinanciering te faciliteren.
Om de werkloosheid onder jongeren te bestrijden en te voorkomen, wordt een nieuwe
impuls gegeven aan de regionale aanpak van jeugdwerkloosheid. Door de herinvoering
van School Ex 2.0 stimuleren we jongeren langer door te leren en te kiezen voor een
opleiding met meer arbeidsmarktperspectief. Daarnaast blijft het kabinet onverminderd
inzetten op het versterken van de aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt
en het verder terugdringen van het aantal voortijdig schoolverlaters. Om de Aanpak
Jeugdwerkloosheid kracht bij te zetten stelt het kabinet op korte termijn een ambassadeur
voor de Aanpak Jeugdwerkloosheid in.