Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-20131576

Vragen van het lid Omtzigt (CDA) aan de minister van Buitenlandse Zaken over het bericht dat de Palestijnse Autoriteit overweegt om Israël aan te klagen bij het Internationaal Strafhof voor de detentie van kinderen (ingezonden 16 januari 2013).

Antwoord van minister Timmermans (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 12 maart 2013)

Vraag 1

Kent u het bericht dat de Palestijnse Autoriteit overweegt om Israël aan te klagen bij het Internationaal Strafhof voor de detentie van kinderen?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Kunt u aangeven in hoeverre u het reëel acht dat deze zaak daadwerkelijk in behandeling zal worden genomen?

Antwoord 2

Het is aan de aanklager en de rechters van het Internationaal Strafhof te oordelen over behandeling van een zaak. Er zijn op dit moment geen indicaties dat van Palestijnse zijde concrete stappen worden gezet om Israël hierover aan te klagen.

Vraag 3

Klopt de aanname in het artikel dat het aantal Palestijnse kinderen in detentie is toegenomen? Kloppen de genoemde cijfers? Zo ja, wat zijn de oorzaken van deze toename? Zo nee, kunt u dan de juiste cijfer geven?

Antwoord 3

Volgens het rapport dat in het artikel wordt aangehaald is het aantal arrestaties van Palestijnse kinderen gestegen van 700 in 2011 naar 900 in 2012. De Internationale NGO Defence for Children spreekt over een aantal van 600 arrestaties van Palestijnse kinderen door de Israëlische autoriteiten in 2012.

Het precieze cijfer is niet te achterhalen, aangezien de Israel Prison Service en de Israel Defense Force (IDF) geen gegevens openbaar maken van het aantal kinderen dat is gearresteerd, ondervraagd en vervolgens niet in hechtenis is genomen.

Wel zijn er cijfers bekend van het aantal gedetineerde Palestijnse kinderen in Israëlische gevangenissen. Uit data van de Israel Prison Service blijkt dat na een geleidelijke afname in de periode 2008–2011 het aantal Palestijnse kinderen in hechtenis in 2012 weer is toegenomen. In 2011 zaten 113 kinderen tussen de 16–18 jaar en 19 kinderen onder de 16 jaar in detentie. In 2012 zaten er 170 kinderen tussen de 16–18 jaar en 23 kinderen onder de 16 jaar in detentie. In totaal 132 Palestijnse kinderen in 2011 en 193 Palestijnse kinderen in 2012.

Het is onduidelijk wat de oorzaken zijn van de recente toename van het aantal Palestijnse kinderen in detentie.

Vraag 4

Kent u het Britse rapport over de behandeling van Palestijnse kinderen, waarover The Guardian juni 2012 berichtte?2 Hoe beoordeelt u de conclusies uit dit rapport?

Antwoord 4

De Conventies van Genève en het VN Verdrag voor de Rechten van het Kind zijn leidend voor een beoordeling van de bevindingen in het Britse rapport. Israël is als verdragspartij bij mensenrechtenverdragen, waaronder het VN verdrag inzake de Rechten van het Kind, en de Conventies van Genève gehouden de verplichtingen uit deze verdragen na te komen.

Vraag 5

Kunt u aangeven of de conclusies uit dit rapport hebben geleid tot wijzigingen in het beleid van Israël ten aanzien van de behandeling van Palestijnse kinderen in detentie?

Antwoord 5

Naar aanleiding van een verzoek aan het Israëlische Hooggerechtshof is op 28 november 2012 een wetswijziging aangekondigd die de tijd dat minderjarige Palestijnen in voorarrest mogen worden gehouden reduceert. De wijziging treedt op 2 april 2013 in werking en bepaalt dat minderjarigen onder de 14 jaar maximaal 24 uur in voorarrest mogen worden gehouden en minderjarigen tussen de 14 en 18 jaar maximaal 48 uur. Het aantal uren mag worden verdubbeld als dit nodig is voor ondervragingen. Of deze beleidswijziging valt terug te brengen op dit rapport, valt niet vast te stellen.

Vraag 6

Deelt u de conclusie dat Palestijnse kinderen niet altijd volgens internationaal recht worden behandeld? Zo nee, waar zitten dan de juridische fouten in het rapport?

Antwoord 6

Ja. Zie antwoord op vraag 4.

Vraag 7

Zo ja, deelt u de mening dat de internationale gemeenschap het bestaan van een dergelijke situatie niet mag accepteren? Welke stappen zet Nederland bilateraal en internationaal ten aanzien van Israël om deze situatie te veranderen?

Antwoord 7

De behandeling van Palestijnse kinderen door Israël is een bron van zorg. De Nederlandse regering hecht aan de strikte naleving van de toepasselijke internationaalrechtelijke bepalingen. Dat wordt in multilaterale fora en in contacten met Israël uitgedragen. Wel toont de bovengenoemde wetswijziging aan dat Israël het probleem onderkent en tracht de praktijk meer in lijn te brengen met genoemde verdragen.

Vraag 8

Deelt u de mening dat hier ook een verantwoordelijkheid bij de Palestijnse Autoriteit ligt, om te voorkomen dat kinderen onderdeel worden van het conflict met Israël? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke manier zet u zich in om dit te voorkomen?

Antwoord 8

Iedere overheid heeft de verantwoordelijkheid te voorkomen dat kinderen deel worden van conflict, zo ook de Palestijnse Autoriteit.

Het in het rapport geschetste probleem is een van de vele neveneffecten van het Palestijns-Israëlisch conflict. Dat is ook precies de reden dat ik zoveel belang hecht aan spoedige hervatting van het vredesproces.


X Noot
1

Palestinians may take Israel to ICC over child detentions, Published: 28 December 2012