Vragen van het lid Smeets (PvdA) aan de ministers van Economische zaken, Landbouw
en Innovatie en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de financiële gevolgen voor
ondernemers van de sloop van winkelcentrum ’t Loon in Heerlen (ingezonden 8 december
2011).
Antwoord van minister Verhagen (Economische Zaken, Landbouw en Innovatie), mede namens
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de minister van Veiligheid en
Justitie (ontvangen 22 december 2011).
Vraag 1
Kent u het bericht «Claims wegzakkende winkeliers nabij»?1
Vraag 2
Hoeveel winkeliers in ’t Loon worden direct en indirect geconfronteerd met de gevolgen
van de sloop?
Antwoord 2
In totaal zijn 40 ondernemingen direct of indirect getroffen door de gevolgen van
de sloop. 10 daarvan zijn hun gehele pand inclusief inventaris kwijt. De 30 overigen
zijn tijdelijk gesloten vanwege overlast door de sloop, danwel tijdelijk elders gehuisvest.
De gemeente Heerlen heeft voortvarend meegewerkt aan oplossingen voor winkels met
seizoensgebonden artikelen.
Vraag 3
Is er al een schatting te maken van de totale financiële schade van de gedupeerde
winkeliers in ’t Loon, rekening houdend met de voor de detailhandel belangrijke decembermaand?
Antwoord 3
De echte financiële schade kan pas bepaald worden op het moment dat er duidelijkheid
is over de toekomst van het winkelcentrum ’t Loon. Pas dan valt in te schatten hoe
groot de omzetderving is vanwege de gedeeltelijke sloop en bijbehorende ontruiming
van het winkelcentrum. Nieuwbouw van het gesloopte deel van het winkelcentrum kan
eerst plaatsvinden als de oorzaak van de inzakking definitief is vastgesteld. Die
termijn is medebepalend voor het totale bedrag aan schade. In alle gevallen spreken
we hier over aanzienlijke schadebedragen.
Vraag 4
Is de Wet tegemoetkoming schade bij rampen van toepassing op de situatie in Heerlen?
Zo ja, waar kunnen de getroffenen aanspraak op maken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
De Wet tegemoetkoming schade bij rampen (Wts) is door de minister van Veiligheid en
Justitie beoordeeld als zijnde niet van toepassing op de situatie in Heerlen. Deze
wet is alleen direct van toepassing op overstromingen met zoet water en aardbevingen
met een kracht van ten minste 4,5 op de schaal van Richter. Deze situaties zijn beide
niet aan de orde.
De Wts kan bij koninklijk besluit van toepassing worden verklaard indien zich een
ramp als bedoeld in artikel 1 van de Wet veiligheidsregio's voordoet die van tenminste
vergelijkbare orde is als een overstroming of een aardbeving.
Een ramp wordt in de Wet veiligheidsregio's als volgt gedefinieerd: een zwaar ongeval
of een andere gebeurtenis waarbij het leven en de gezondheid van veel personen, het
milieu of grote materiële belangen in ernstige mate zijn geschaad of worden bedreigd
en waarbij een gecoördineerde inzet van diensten of organisaties van verschillende
disciplines is vereist om de dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken.
Hoewel het in de situatie in Heerlen gaat om materiële belangen wordt niet voldaan
aan de in de definitie genoemde criteria van omvang van en inzet bij een ramp.
Vraag 5 en 7
Op welke wijze kunt u de provincie Limburg en de gemeente Heerlen ondersteunen om
de eerste nood van de getroffen ondernemers te lenigen?
Welke overige mogelijkheden heeft u om de gemeente Heerlen en de winkeliers te ondersteunen,
zoals bijvoorbeeld bijdragen in het verplaatsen en openen van nieuwe winkels?
Antwoord 5 en 7
De gemeente Heerlen heeft een vergoedingsregeling ingesteld voor ondernemers in winkelcentrum
’t Loon. Hiermee kunnen redelijke kosten ter beperking van schade en/of redelijke
kosten als gevolg van het gebrek aan liquide middelen, veroorzaakt door omzetderving,
tot € 50 000 vergoed worden. De gemeente Heerlen heeft hiervoor om financiële steun
gevraagd aan de provincie Limburg. Dit verzoek komt in januari ter besluit in de Gedeputeerde
Staten. De gemeente heeft daarmee in beginsel voldoende middelen om deze vergoedingsregeling
te bekostigen. Het kabinet heeft aangeboden expertise in te zetten ten aanzien van
de uitvoering van de vergoedingsregeling.
Zelfstandig ondernemers kunnen daarnaast, indien zij aan de voorwaarden voldoen, bij
de gemeente een beroep doen op ondersteuning vanuit het Besluit bijstandverlening
zelfstandigen (Bbz). De gemeente heeft hierbij de mogelijkheid tot het verstrekken
van een voorschot, teneinde directe financiële nood te lenigen.
Vraag 6
Deelt u de mening dat werktijdverkorting ruimhartig moet worden toegepast voor de
getroffen winkeliers? Wanneer krijgen deze winkeliers uitsluitsel?
Antwoord 6
De situatie in Heerlen is een calamiteit in de zin van de Beleidsregels Werktijdverkorting
2004. De getroffen winkeliers komen voor werktijdverkorting in aanmerking als ook
aan de overige in deze beleidsregels gestelde voorwaarden wordt voldaan.
Er zijn inmiddels 18 aanvragen voor werktijdverkorting ingediend. Zoals gebruikelijk
zijn deze aanvragen uitgezet bij het UWV om informatie te vergaren, mede aan de hand
waarvan de aanvragen zullen worden beoordeeld. Het UWV heeft een termijn van twee
weken om deze onderzoeken uit te voeren. Zodra die onderzoeksresultaten binnen zijn,
worden de aanvragen beoordeeld en zullen de aanvragers door middel van een beschikking
worden geïnformeerd over de uitkomst.
X Noot
1De Telegraaf, 6 december 2011.