Vragen van het lid Timmermans (PvdA) aan de minister van Buitenlandse Zaken over een Iraans complot om de Saoedische ambassadeur in de VS te vermoorden (ingezonden 12 oktober 2011).

Antwoord van minister Rosenthal (Buitenlandse Zaken), mede namens de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister van Defensie (ontvangen 16 november 2011).

Vraag 1

Kent u de berichten over een complot van de Iraanse Revolutionaire Garde om de Saoedische ambassadeur in de VS te vermoorden? (BBC)

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Deelt u de mening dat deze schandalige plannen niet alleen verwerpelijk zijn maar tevens een directe bedreiging vormen voor de stabiliteit in de Arabische regio?

Antwoord 2

Ja.

Vraag 3

Bent u bereid, zowel rechtstreeks als met de EU, gezamenlijk deze Iraanse plannen scherp te veroordelen en in overleg met de VS te bezien welke maatregelen genomen kunnen worden om het Iraanse regime hiervoor te straffen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 3

Indien de Iraanse regering bij de aanslagen betrokken blijkt te zijn, veroordeel ik dit ten zeerste. De meest effectieve reactie wordt in samenspraak met de EU en de VS bepaald.

Vraag 4

Zijn er aanwijzingen dat de Iraniërs ook in Nederland en Europa dergelijke terreurdaden in voorbereiding hebben?  Zo ja, welke aanwijzingen kent u?

Antwoord 4

Hiervoor zijn geen aanwijzingen.

Vraag 5

Bent u bereid ervoor te zorgen dat de Nederlandse veiligheidsdiensten in overleg met bondgenoten alle noodzakelijke acties ondernemen om plannen voor eventuele Iraanse staatsterreur op Europees grondgebied te voorkomen?

Antwoord 5

De regering is voortdurend waakzaam en de relevante diensten in binnen- en buitenland zijn dagelijks bezig onverhoopte voorbereidingen op terreurdaden op te sporen.

Naar boven