Vragen van het lid De Boer (VVD) aan minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over malafide praktijken onder makelaars (ingezonden 10 januari 2012).

Antwoord van minister Spies (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), mede namens de minister van Veiligheid en Justitie (ontvangen 31 januari 2012).

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het bericht over malafide praktijken onder makelaars?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Hoe luidt uw inschatting van de omvang van het geschetste probleem?

Antwoord 2

Ik beschik niet over gegevens over de omvang van malafide praktijken en kan derhalve geen inschatting geven.

Vraag 3

Bent u van mening dat de aanpak van malafide praktijken niet gepaard moet gaan met meer regels, maar met handhaving van bestaande regels? Hoe ziet de aanpak van het geschetste probleem er uit? Is striktere handhaving van de regels noodzakelijk om het geschetste probleem beter aan te kunnen pakken?

Antwoord 3

Ja, ik ben van mening dat aanpak van malafide praktijken door makelaars niet gepaard moet gaan met meer regels. Zie verder mijn antwoord op vraag 3 (zie Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2011–2012, nr. 1441).

Toelichting:

Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen van het lid Paulus Jansen (SP) (zie Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2011–2012, nr. 1441).


X Noot
1

NOS journaal, 8 januari 2012.

Naar boven