Vragen van het lid Haverkamp (CDA) aan de ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
en van Veiligheid en Justitie over het artikel «BNN-presentatoren plegen kannibalisme
(ingezonden 23 december 2011).
Antwoord van minister Bijsterveldt-Vliegenthart (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap),
mede namens de minister van Veiligheid en Justitie (ontvangen 6 februari 2012) Zie
ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2011–2012, nr. 1216.
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «BNN-presentatoren plegen kannibalisme»?1
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat er in de uitzending waarnaar wordt verwezen, inderdaad sprake
van is geweest dat BNN-presentatoren Dennis Storm en Valerio Zeno vlees uit hun lichaam
hebben laten snijden en dit vervolgens hebben opgegeten?
Antwoord 2
Volgens BNN hebben de handelingen, zoals die in de uitzending te zien waren, daadwerkelijk
plaatsgevonden.
Vraag 3
Indien het antwoord op vraag 2 bevestigend is, kwalificeert u dit gedrag als kannibalisme?
Hoe oordeelt u verder over de medewerking die een arts heeft verleend aan het verwijderen
van onderdelen van het lichaam voor dit doel?
Antwoord 3
Kannibalisme is geen strafrechtelijke term. In het dagelijks verkeer wordt onder kannibalisme
verstaan het eten van soortgenoten. Wat de onderhavige casus bijzonder maakt is dat
die soortgenoten gewoon bij leven zijn en toestemming hebben gegeven voor het afnemen
en consumeren van een klein deel van hun lichaam. Over de vraag of er in die omstandigheden
nog steeds gesproken kan worden van kannibalisme heb ik geen oordeel.
Het is primair aan de beroepsgroep om te bepalen of handelen in strijd is met de beroepsnorm.
De beroepsorganisatie van artsen, de KNMG, heeft laten weten artsen af te raden aan
dit soort ingrepen mee te werken, omdat het indruist tegen de professionele ethiek
om een zinloze en nutteloze ingreep uit te voeren.
Vraag 4
Indien het antwoord op vraag 2 ontkennend is, bent u dan van mening dat het moreel
verwerpelijk is om kannibalisme op een dergelijke wijze op de publieke tv te brengen?
Antwoord 4
De omroep is verantwoordelijk voor de inhoud van de programma’s die hij uitzendt.
Hij houdt zich hierbij aan zijn eigen mediacode die is opgesteld binnen de kaders
die de NPO hiervoor heeft gesteld. Hoewel over smaak valt te twisten treed ik niet
in de programmatische onafhankelijkheid van de betreffende omroep. Het is aan BNN
om te beoordelen of een dergelijk programma moet worden uitgezonden.
Vraag 5 en 6
Deelt u de opvatting van de heer Spong dat kannibalisme strafbaar is?
Indien het antwoord op vraag 5 bevestigend is, bent u dan voornemens om het Openbaar
Ministerie te verzoeken over te gaan tot vervolging? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5 en 6
Kannibalisme is als zodanig niet strafbaar. Wel zou er bij het verkrijgen van mensenvlees
onder omstandigheden sprake kunnen zijn van andere strafbare feiten. Het Openbaar
Ministerie ziet in de uitzending geen aanleiding om tot vervolging over te gaan.
Vraag 7
Indien het antwoord op vraag 5 bevestigend is, bent u dan voornemens contact op te
nemen met de NPO en Commissariaat van de Media om via hen BNN aan te spreken op het
feit dat er in een met belastinggeld gefinancierde programma bewust de wet is overtreden
en met NPO en Commissariaat van de Media passende maatregelen te treffen tegen BNN en betrokken presentatoren?
Antwoord 7
Vooralsnog is niet gebleken dat in dit verband de wet is overtreden. Los hiervan is
het Commissariaat voor de Media belast met de handhaving van de Mediawet en niet van
de strafwetgeving. Handelingen zoals verricht in het bedoelde programma onttrekken
zich daarom aan het beoordelingskader van het Commissariaat. De NPO heeft ook geen
bevoegdheden om op grond van de esthetische inhoud van een programma maatregelen tegen
BNN en de betrokken presentatoren te treffen.
Vraag 8
Draagt u er zorg voor dat, indien het komt tot een veroordeling van betrokken presentatoren,
zij persoonlijk de boete betalen en dat deze niet ten laste komt van de belastingbetaler?
Antwoord 8
Zoals uit het voorgaande blijkt is er op dit moment geen sprake van of zicht op een
veroordeling of boete wegens de bewuste uitzending. In antwoord op schriftelijke Kamervragen
van het lid Haverkamp (CDA) heb ik uw Kamer op 6 december 2011 in algemene zin bericht
over het betalen van boetes en schadevergoedingen bij de publieke omroep. Kort samengevat
komt het er op neer dat voor een overtreding van de Mediawet 2008 altijd de omroepinstelling
aansprakelijk is, omdat deze verantwoordelijk is voor wat er in zijn programma’s gebeurt
(art. 2.88 Mediawet 2008). Bij strafbare feiten kunnen zowel de omroepinstelling als
de betrokken werknemers door justitie worden aangesproken. Of de omroep dit kan verhalen
op zijn medewerkers wordt bepaald door het arbeidsrecht.
Tijdens het Mediabegrotingsdebat van 12 december heb ik u toegezegd de mogelijkheid
te onderzoeken dat dergelijke boetes niet uit gemeenschapsgeld maar uit verenigingsmiddelen
moeten worden betaald. Momenteel ligt er een adviesaanvraag bij het Commissariaat
over dit onderwerp. Ik kom hier later dan ook schriftelijk op terug.
Vraag 9
Kunt u deze vragen beantwoorden voor 16 januari?
Antwoord 9
Dat is helaas niet gelukt.
X Noot
1NRC Next dd 22-12-2011.