Vragen van het lid Jasper van Dijk (SP) aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht dat de TU Delft de studielast vermindert zodat studenten sneller afstuderen (ingezonden 10 januari 2012).

Antwoord van staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 6 februari 2012).

Vraag 1

Wat is uw oordeel over het bericht dat een faculteit van de TU Delft de studielast wil verminderen opdat studenten sneller afstuderen?1

Antwoord 1

De herziening van het onderwijsprogramma maakt deel uit van de afspraken die ik met de drie TU’s heb gemaakt over verbetering van de onderwijskwaliteit, waaronder de studeerbaarheid van de programma’s.

Ik heb in augustus 2011 € 10,99 mln per jaar aan de technische universiteiten (TU’s) toegekend voor het verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs in de periode 2011–2013. De uitwerking van de plannen voor de onderwijskwaliteit staat in het Sectorplan Technologie van de drie TU’s.

De opleidingen hebben nadrukkelijk de opdracht gekregen bij de herinrichting van de curricula goed te kijken naar de studielast. In de loop der jaren zijn de programma’s steeds voller geworden. Daardoor wordt het voor studenten moeilijker om het programma binnen de tijd die daarvoor staat af te ronden.

Het is goed dat de universiteiten nu strenger daarnaar kijken. Dit bijstellen van de onderwijsprogramma’s is overigens een continu proces.

Het bijstellen van de studielast en de inhoud zorgt naast een betere academische opleiding ook voor een betere voorbereiding op de arbeidsmarkt, passend bij de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte aan ingenieurs.

Er is grote vraag naar studenten van de technische universiteiten. Ik vind het prijzenswaardig dat de universiteiten aan die vraag willen tegemoetkomen.

Het verbeteren van de onderwijskwaliteit gaat overigens niet alleen om het herzien van de programma’s, maar ook om onder andere betere begeleiding, meer excellente docenten en betere digitalisering van het onderwijs.

Vraag 2

Wat is uw reactie op de stelling dat dit plan een gevolg is van uw maatregelen, namelijk dat universiteiten worden afgerekend op hun studierendement?

Antwoord 2

Het aanpassen van de studielast bij TU Delft is niet gestart als gevolg van het afrekenen op studierendement. Het belang van diploma’s in de bekostiging is juist met ingang van 2011 verminderd ten gunste van het jaarlijks bekostigen van de ingeschreven studenten. De herziening van het onderwijsprogramma maakt deel uit van de afspraken die ik met de drie TU’s heb gemaakt over verbetering van de onderwijskwaliteit, waaronder de studeerbaarheid van de programma’s.

Zie verder het antwoord op vraag 1.

Vraag 3

Deelt u de mening dat het de omgekeerde wereld is om opleidingen makkelijker te maken teneinde studenten sneller te laten afstuderen?

Antwoord 3

Zie het antwoord op vraag 1.

Vraag 4

Deelt u de mening dat uw focus op «rendement» een perverse prikkel is voor instellingen, waardoor zij dit soort maatregelen nemen?

Antwoord 4

Zie het antwoord op vraag 1 en 2.

Vraag 5

Hoe gaat u voorkomen dat de kwaliteit van opleidingen wordt verlaagd om aan de rendementseisen te kunnen voldoen?

Antwoord 5

De accreditatie van opleidingen garandeert de kwaliteit van de opleidingen.

In het verleden hebben visitatiecommissies bij herhaling aangegeven dat de studielast hoog is en daardoor de studieduur lang.

Vraag 6

Wat is uw mening over het feit dat studenten een onvoldoende mogen compenseren met een voldoende voor een ander vak? Hoe wordt het niveau van de opleiding hiermee nog gewaarborgd?

Antwoord 6

De onderwijsprogramma’s van TU Delft zijn opgebouwd uit modules van 5 ECTS of meer. Elke module wordt afgesloten met een tentamen. Binnen een module worden deeltentamens of toetsen afgelegd. Deze kunnen met elkaar gecompenseerd worden. Ik vind dit geen negatieve niveaubijstelling. Het verlenen van compensatie is wettelijk toegestaan. In artikel 7.12 b, derde lid (WHW) is geregeld dat de examencommissie onder door haar te stellen voorwaarden kan bepalen dat niet elk tentamen met goed gevolg afgelegd behoeft te zijn.

Daarnaast verhoogt TU Delft juist de eisen aan de student. Zo is er een doelstelling om in 2015 te komen tot een gemiddeld aantal behaalde studiepunten per student per jaar van 45 ECTS en komt er intensievere studiebegeleiding. Ik verwacht hiervan positieve effecten op de kwaliteit.

Uiteraard worden de studies van de drie TU’s geaccrediteerd door de NVAO, inclusief de kwaliteit van het onderwijsprogramma.

Vraag 7

Gaat u in gesprek met de TU Delft over de geplande maatregelen aldaar? Zo ja, wat is uw inzet en wanneer krijgt de Kamer daarover bericht?

Antwoord 7

Ik heb in mei 2011 met de drie TU’s overlegd over hun plannen voor verbetering van de onderwijskwaliteit. Op 15 augustus 2011 heb ik het Sectorplan Technologie/onderwijs 2011–2015 goedgekeurd en hiervoor € 10,99 toegekend voor 2011–2013. Er is nu geen aanleiding om weer met de TU’s in overleg te treden.

Vraag 8

Bent u bereid uw prestatieafspraken te heroverwegen, nu blijkt dat instellingen de eisen verlagen om eraan te voldoen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 8

Nee. TU Delft verlaagt de eisen niet, maar voert een herziening van de programma’s uit. In de loop der jaren zijn de programma’s steeds voller geworden. Daardoor wordt het voor studenten moeilijker om het programma binnen de tijd die daarvoor staat af te ronden. Het is goed dat de universiteiten nu strenger daarnaar kijken. Dit bijstellen van de onderwijsprogramma’s is overigens een continu proces.

Het bijstellen van de studielast en de inhoud zorgt naast een betere academische opleiding ook voor een betere voorbereiding op de arbeidsmarkt, passend bij de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte aan ingenieurs.

Er is grote vraag naar studenten van de technische universiteiten. Ik vind het prijzenswaardig dat de universiteiten aan die vraag willen tegemoetkomen.

Toelichting:

Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Van der Ham (D66), ingezonden 6 januari 2012 (vraagnummer 2012Z00086).


X Noot
1

Volkskrant, 05-01-2012.

Naar boven